Pensioen ABC

Advies nodig? Wij bellen u voor een afspraak!

Pensioen ABC

A - B - C - D - E - F - GI - J - L - M - N - O - P - S - T - U - V - W

#

70% norm

De 70% norm is een veelgebruikte richtlijn om te bepalen hoeveel inkomen u nodig heeft na uw pensioen. Als u na uw pensioen 70% van uw laatstverdiende inkomen overhoudt, dan kunt u het leven voortzetten zoals u dat gewend bent. Vaak wordt deze norm echter niet meer gehaald met alleen AOW en pensioen dat u opgebouwd heeft bij uw werkgever(s). Om de 70% norm te halen zult u dan zelf een aanvulling op uw pensioen moeten regelen. 

A

Anw-hiaat

Ook wel Anw-gat genoemd. De Algemene Weduwen- en wezenwet is op 1 juli 1996 vervangen door de Algemene Nabestaandenwet (ANW). Het Anw-hiaat geeft het verschil in uitkering weer.

Anw-uitkering

De nabestaandenuitkering die de partner of het kind ontvangt op grond van de Algemene nabestaandenwet.

AOW

De AOW is de Algemene Ouderdomswet. Een basisinkomen dat in Nederland door de overheid wordt uitgekeerd als u 65 wordt. Dat wordt gefinancierd door de groep mensen die werken en die de AOW betaalt voor een groep gepensioneerden. En voor de toekomst zien we dat door de vergrijzing de groep gepensioneerden steeds groter wordt en de groep mensen die werken kleiner (ontgroening). En dat betekent dat er steeds minder mensen zijn om die premie op te brengen en daarom staat het systeem voor de toekomst onder druk.

AOW-uitkering

Het ouderdomspensioen dat iedere ingezetene ontvangt vanaf het 65e jaar op grond van de Algemene Ouderdomswet.

B

Bedrijfstakpensioenfonds

Een pensioenfonds dat de pensioenregeling ten behoeve van werkgevers in een bepaalde bedrijfstak verzorgt.

Beroepspensioenregeling

Een pensioenregeling die geldt voor de beoefenaren van een bepaald beroep. Deze regeling is meestal verplicht gesteld.

Beschikbare premieregeling

Bij een beschikbare premieregeling is het pensioen afhankelijk van de hoeveelheid premie die is ingelegd in de betreffende periode. Het uiteindelijke bedrag dat u aan pensioen ontvangt, is afhankelijk van de premie, het rendement op de premie (beleggingsresultaat) en het tarief op de pensioendatum. Het eindbedrag is dus onzeker. U kunt het vergelijken met een bloembol. U stopt een bloembol in de grond. U weet dan dat er een bloem uitkomt, maar hoe mooi die bloem wordt, dat weet u pas achteraf.

Bijzonder partnerpensioen

Het (deel van het) partnerpensioen waarop de echtgenoot of geregistreerd partner na scheiding aanspraak behoudt.

C

Conversie i.v.m. scheiding

Na scheiding kunnen partijen overeenkomen dat het pensioen, dat toekomt aan de echtgenoot of geregistreerd partner (het deel van het ouderdomspensioen en het bijzonder nabestaandenpensioen), wordt omgezet in een eigen pensioenaanspraak ten behoeve van de echtgenoot of geregistreerd partner.

D

Diensttijd of dienstjaren

De tijd dat u arbeid heeft verricht voor een huidige werkgever. Deze tijd wordt gebruikt bij het berekenen van uw pensioenaanspraken.

Doorsneepremie

Een premie die voor een bepaalde groep uniform is vastgesteld, zonder dat rekening gehouden wordt met verschillen in geslacht, leeftijd of gezondheidstoestand.

E

Eindloonregeling

Bij een eindloonregeling wordt het pensioen gebaseerd op het laatstverdiende salaris. Deze regeling komt steeds minder vaak voor.

F

Factor A

De A van de factor A staat voor de Aangroei van pensioen. Factor A is een bedrag in euro’s. Het geeft uw pensioenaangroei in een bepaald jaar weer. De informatie over uw pensioenaangroei heeft u nodig om te bepalen in hoeverre u een aantoonbaar pensioentekort heeft.

Franchise

De franchise is een vastgesteld bedrag, dat van uw pensioengevend salaris wordt afgetrokken, bij de berekening van uw pensioen. De franchise wordt buiten beschouwing gelaten vanwege het feit dat iedere ingezetene al AOW krijgt. Pensioengevend salaris – franchise = pensioengrondslag. Over de pensioengrondslag wordt uw pensioen berekend.

G

Gewezen deelnemer

Een gewezen deelnemer is een niet-actieve, maar nog niet gepensioneerde deelnemer in een pensioenregeling. Deze deelnemer is waarschijnlijk van baan gewisseld en heeft zijn pensioenaanspraken die hij bij deze vorige werkgever heeft opgebouwd, premievrij bij de vorige pensioenuitvoerder achtergelaten. Bij die pensioenuitvoerder staat de werknemer bekend als ‘gewezen deelnemer’ of ‘slaper’. Deze deelnemer heeft geen waardeoverdracht uitgevoerd.

I

Indexatie (Toeslagverlening)

Indexatie wordt officieel toeslagverlening genoemd en is het aanpassen van het opgebouwde pensioen en de pensioenuitkering om te voorkomen dat het pensioen minder waard wordt door prijsstijgingen (inflatie).
Een voorbeeld: een mandarijn kost nu 1 euro. Over 30 jaar kost een mandarijn door prijsstijgingen 2 euro. Als je pensioenopbouw of uitkering niet aangepast wordt aan deze prijsstijging, dan kun je over 30 jaar nog maar een halve mandarijn kopen omdat je maar 1 euro hebt. Om ervoor te zorgen dat je later 2 euro hebt om steeds een mandarijn te kunnen kopen, moet je pensioen meegroeien met de prijsstijgingen.
Toeslagverlening vindt vaak plaats onder bepaalde voorwaarden. Dat wil zeggen dat als er niet genoeg extra geld in de kas van een pensioenfonds of pensioenverzekeraar is, het verlies aan koopkracht niet of niet geheel gecompenseerd kan worden.  

Inkomen voor later

Het inkomen dat u later na uw pensioen krijgt in Nederland wordt opgebouwd in 3 pijlers.

  1. De 1e pijler is de AOW. Die krijgt u van de staat en die krijgt iedereen.
  2. De 2e pijler is het pensioen dat u krijgt van uw werkgever.
  3. De 3e pijler is de aanvulling op uw pensioen die u zelf vrijwillig opbouwt.

En alle drie de pijlers bij elkaar zorgen samen voor het inkomen na uw pensioen.

J

Jaarruimte

Met een jaarruimteberekening bepaalt u of u in een jaar een aantoonbaar pensioentekort heeft. Als u ‘jaarruimte’ heeft, is er volgens deze berekening sprake van een tekort in de pensioenopbouw. U mag dan van de overheid fiscaal vriendelijk vermogen opbouwen om dit pensioentekort te dichten. U kunt dit bijvoorbeeld doen door een lijfrenteverzekering aan te kopen waarvan de premies aftrekbaar zijn van het inkomen in box 1. De jaarruimte geeft het bedrag aan dat fiscaal aftrekbaar is van uw inkomen in box 1. Wilt u uw jaarruimte laten berekenen door een financieel adviseur? U kunt dan een afspraak maken met een adviseur.

L

Lijfrente

Een lijfrente is een aanvulling op uw pensioen. Het bestaat uit 2 fasen. In de eerste fase voor uw pensioen stort u bijvoorbeeld jaarlijks een bepaald bedrag bij een bank of een verzekeraar. Op het moment dat u aan uw pensioen toe bent, dan begint de 2e fase waarin het bedrag wordt uitgekeerd. En op dat moment kunt u afspraken maken over hoe dat bedrag wordt uitgekeerd. U kunt kiezen voor een beperkt aantal jaren of u kunt ervoor kiezen de rest van uw leven een uitkering te krijgen. Als u kiest voor de rest van uw leven, dan krijgt u een lager bedrag dan wanneer u kiest voor een beperkt aantal jaren.

M

Middelloonregeling

Bij een middelloonregeling wordt het pensioen gebaseerd op het gemiddeld verdiende salaris tijdens uw loopbaan. Deze regeling komt tegenwoordig steeds vaker voor in tegenstelling tot de eindloonregeling.

N

Nabestaandenpensioen

Pensioen voor de nabestaanden van de deelnemer: de achtergebleven partner (zoals omschreven in het pensioenreglement) en/of de achtergebleven kinderen.

O

Omkeerregel

Over het geld dat u nu opzij zet voor uw pensioen via een pensioenregeling, hoeft u nu nog geen belasting te betalen. Dit betaalt u pas als u daadwerkelijk met pensioen gaat. Omdat u op dat moment vaak minder belasting betaalt, houdt u meer over dan wanneer u nu belasting had betaald. Deze regeling wordt de omkeerregel genoemd.
Een voorbeeld: u ontvangt nu salaris in de vorm van 1 cake. Daarvan draag je normaliter 40% af aan de belasting. Als je nu 10% van de cake spaart voor later, betaal je daar nu geen belasting over. Dat doe je pas op het moment dat je die 10% daadwerkelijk gebruikt. Omdat je dan vaak minder belasting betaalt, hou je meer over dan wanneer je direct belasting had betaald. 

Ouderdomspensioen

Pensioen dat vanaf de pensioeningangsdatum (levenslang) wordt uitgekeerd aan de deelnemer.

Overbruggingspensioen

Een extra pensioen dat tijdelijk (tot 65 jaar) gelijktijdig met het ouderdomspensioen wordt uitgekeerd indien de ingangsdatum van het ouderdomspensioen ligt voor de 65-jarige leeftijd. Dit pensioen dient onder meer ter compensatie van het gemis aan AOW.

P

Partnerpensioen

Het partnerpensioen is de pensioenuitkering die u krijgt als uw partner overlijdt, als dat in de pensioenregeling is opgenomen. Nou valt die uitkering vaak lager uit dat u denkt.
De belangrijkste redenen zijn:

  • U ontvangt minder omdat u alleen overblijft.
  • Uw partner heeft meerdere werkgevers en pensioenregelingen gehad, waar niet bij allemaal de mogelijkheid voor partnerpensioen in heeft gezeten.
  • U moet het partnerpensioen delen met de ex-partner van uw partner.

Het is dus belangrijk om goed uit te zoeken hoe dat precies zit met uw partnerpensioen, zodat u weet wat u kunt verwachten. 

Pensioenbreuk

Het pensioentekort dat (onder andere) kan ontstaan door wisseling van werkgever.

Pensioeningangsdatum

Het tijdstip waarop de deelnemer daadwerkelijk met pensioen gaat. Vanaf dit moment wordt het ouderdomspensioen uitgekeerd.

Pensioengrondslag

Het bedrag dat het uitgangspunt vormt voor de pensioenberekening. Doorgaans is de pensioengrondslag gelijk aan het jaarsalaris verminderd met een franchise. Pensioengevend salaris – franchise = pensioengrondslag. Over de pensioengrondslag wordt uw pensioen berekend.

Pensioengat

Van een pensioengat is er alleen sprake als u in een bepaalde periode van zijn werkzame leven geen pensioen opbouwt. Vaker wordt met pensioengat een pensioentekort bedoeld. Officieel heeft u een pensioentekort als u minder pensioen opbouwt dan de gestelde norm van 70% van uw laatstverdiende salaris. Maar dit hoeft geen probleem te zijn. Het is hangt er helemaal vanaf wat u wilt doen als u met pensioen gaat.
Een pensioentekort komt tegenwoordig vaak voor. Eenvoudig omdat nog maar weinig mensen 40 jaar bij dezelfde baas werken. Mensen wisselen van baan of stoppen een tijdje met werken. Hieronder de meest voorkomende oorzaken van een pensioentekort:

  • Minder dan 40 dienstjaren. Vaak is de pensioenopbouw gebaseerd op 40 'dienstjaren'. Bij de meeste pensioenregelingen is de startleeftijd 21 jaar. Bij sommige, bijvoorbeeld in de bouwsector, is dat eerder. 
  • Deeltijd of in het buitenland werken. In beide gevallen bouwt u minder pensioen op en minder AOW. 
  • Van baan veranderen betekent ook van pensioenregeling veranderen. 
  • Eerder stoppen met werken geeft u minder tijd om pensioen op te bouwen. 
  • Bijzondere beloning. Bepaalde beloningen, zoals provisies maar ook een leaseauto, worden niet meegenomen in de berekening van uw uiteindelijke pensioen. 
  • Bonussen, 13e maand, winstdeling en vakantiegeld tellen niet mee bij pensioenopbouw, terwijl u hier wel aan gewend kunt zijn geraakt. 
  • Tweeverdieners kunnen een tegenvallend pensioen krijgen als beide werkgevers een hoge 'AOW-franchise' toepassen voor beide partners. Dit betekent dat de werkgever rekent met het AOW-bedrag als voor alleenstaanden, terwijl er voor gehuwde partners een lager bedrag geldt. Hierdoor wordt de pensioennorm niet gehaald.

Wat kunt u doen aan een pensioentekort?

De fiscus stimuleert het aanvullen van een eventueel pensioentekort. Het begrip 'jaarruimte' is daarbij belangrijk: het bedrag aan lijfrentepremie dat u in een bepaald jaar kunt aftrekken van de belasting. U kunt uw jaarruimte eenvoudig berekenen. U heeft hiervoor wel uw Factor A (zie Factor-A) nodig. Naast de jaarruimte kunt u ook de 'reserveringsruimte' gebruiken: de jaarruimte die u in de afgelopen zeven jaar niet heeft gebruikt. Ook als u dit bedrag inlegt als pensioenpremie kunt u het 100% aftrekken van uw inkomen. Zo bouwt u op een fiscaal aantrekkelijke manier inkomen op voor later.

Pensioenreglement

Schriftelijk document waarin staat omschreven wat de rechten en plichten zijn van de pensioenuitvoerder en de deelnemer.

Pensioenovereenkomst

Een juridisch document waarin de afspraken over de pensioenregeling tussen de werkgever en de werknemer zijn vastgelegd.

Pensioenverevening

Wettelijke verdeling van het ouderdomspensioen bij scheiding.

Premievrijstelling

Vrijstelling van premiebetaling voor de pensioenverzekering ingeval de deelnemer aan de pensioenregeling arbeidsongeschikt is.

Prépensioen

Een tijdelijk ouderdomspensioen dat voorafgaand aan het levenslange ouderdomspensioen wordt uitgekeerd. Het was bedoeld als vervanging van de VUT-regeling. Tijdens de periode van het prepensioen mag de pensioenopbouw voor het gewone ouderdomspensioen worden voortgezet. De regeling voor prepensioen was een tijdelijke regeling.

S

Slaper

Zie ‘gewezen deelnemer’.

T

Tijdsevenredig pensioen

Het pensioen waarop de deelnemer aan een pensioenregeling aanspraak houdt bij ontslag. Het tijdsevenredig pensioen wordt gedefinieerd als het pensioen dat de deelnemer had kunnen bereiken bij voortgezet dienstverband tot de pensioendatum, verminderd met het pensioen dat de deelnemer zou kunnen opbouwen indien hij vanaf de datum van ontslag zou deelnemen in de regeling van de werkgever.

Toeslagverlening

Het aanpassen van pensioenaanspraken en pensioenuitkeringen aan de stijging van de lonen (welvaartsvast) of de prijzen (waardevast). Toeslagverlening wordt ook wel indexatie genoemd.

U

Uitruil

De mogelijkheid voor de deelnemer om het opgebouwde partnerpensioen om te zetten in een hoger (of eerder ingaand) ouderdomspensioen of een deel van het ouderdomspensioen om te zetten in partnerpensioen.

Uitvoeringsovereenkomst

Een juridisch document dat de afspraken weergeeft tussen werkgever en de pensioenuitvoerder over de uitvoering van één of meer pensioenregelingen.

UPO

UPO staat voor Uniform Pensioenoverzicht (UPO). Dat is een overzicht dat u elk jaar ontvangt van uw pensioenfonds of -verzekeraar. Daar staat in wat u aan pensioen heeft opgebouwd en wat u mogelijk opbouwt als u bij dezelfde werkgever tot aan uw pensionering blijft werken. Ook kunt u zien wat uw partner krijgt, als u komt te overlijden. Heeft u meerdere werkgevers gehad, dan ontvangt u waarschijnlijk meerdere UPO’s en de bedragen daarvan kunt u dan bij elkaar optellen.

V

VUT

Een regeling van Vervroegde Uittreding vóór de reglementaire pensioendatum. De VUT stelt werknemers in staat om voor de oorspronkelijke pensioenleeftijd van 65 jaar te stoppen met werken. De VUT is op vrijwillige basis. Vanaf 1 januari 2006 zijn de werknemerspremies voor de VUT niet meer aftrekbaar en is de werkgeversbijdrage belast. Deze nieuwe regel geldt niet voor de premies die betaald worden voor de VUT- uitkeringen van werknemers die op 1 januari 2005 al 55 jaar of ouder zijn.

W

Waardeoverdracht

De pensioenwaarde die bij een vorige werkgever is opgebouwd, mag worden meegenomen naar de pensioenregeling van de nieuwe werkgever. Pensioenaanspraken worden daartoe afgekocht door de instelling die de pensioenregeling van de oude werkgever uitvoert, en het afkoopbedrag wordt vervolgens rechtstreeks overgedragen aan de instelling die de pensioenregeling van de nieuwe werkgever uitvoert. De werknemer koopt daarmee bij die instelling pensioenaanspraken in.

Waardevast

De uitkering wordt aangepast aan de ontwikkeling van de prijzen.

WAO-hiaat

Ook wel WAO-gat genoemd. Het verschil tussen de WAO-uitkering op grond van de oude en de nieuwe WAO. De hoogte van het WAO-gat is relatief groter naarmate de werknemer jonger is, en geldt alleen nog voor werknemers die voor 1 januari 2004 ziek zijn geworden.

WAO-uitkering

De uitkering die de werknemer bij arbeidsongeschiktheid ontvangt op grond van de WAO. Alleen voor werknemers die voor 1 januari 2004 ziek zijn geworden.

Welvaartsvast

De uitkering wordt aangepast aan de ontwikkeling van de lonen.

WGA-hiaat

Het WGA-hiaat is te vergelijken met het WAO-hiaat. Een WGA-hiaat ontstaat als een werknemer niet of onvoldoende werkt, dus als de resterende verdiencapaciteit voor minder dan 50% wordt benut. Ook kan het zijn dat een werknemer ander en lager betaald werk gaat doen.

WIA-excedenthiaat

Het WIA-excedenthiaat zal ontstaan voor (gedeeltelijk) arbeidsongeschikten, die een inkomen boven het maximum dagloon hebben. Deze werknemers krijgen volgens de WIA-regeling 70% van het verschil tussen het oude en nieuwe salaris, echter tot het maximum dagloon sociale verzekeringen. Het deel erboven (= excedent) kunt u verzekeren.

WIA-inkomenshiaat (arbeidsongeschikt tot 35%)

Binnen de WIA is een nieuw inkomenshiaat ontstaan. In de WAO ontving een arbeidsongeschikte werknemer al een uitkering vanaf 15% arbeidsongeschiktheid. Bij de WIA is de toelatingsdrempel gesteld op 35%. Dus krijgt u geen wettelijke uitkering meer als u minder dan 35% arbeidsongeschikt bent. Direct na uw ziekteperiode van twee jaar ontstaat een forse inkomensachteruitgang.

WIA-uitkering

De uitkering die de werknemer bij arbeidsongeschiktheid ontvangt op grond van de WIA (wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen). Deze uitkering kan de vorm krijgen van de regeling Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten (IVA) of van de regeling Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA):

  • De IVA is bedoeld voor werknemers, die volledig arbeidsongeschikt worden verklaard (loonverlies van tenminste 80%) en waarbij geen of slechts geringe kans op herstel is.
  • De WGA is bedoeld voor werknemers, die deels arbeidsongeschikt worden verklaard met een loonverlies vanaf 35% tot 80%; of volledig arbeidsongeschikt zijn (loonverlies vanaf 80%), maar die waarschijnlijk voldoende zullen herstellen.

Het nieuwe stelsel volgens de WIA geldt alléén voor werknemers die ziek worden of zijn geworden op of na 1-1-2004. Bestaande WAO'ers blijven in het oude stelsel, maar kunnen (als ze op 1-7-2004 jonger dan 50 waren) vanaf
1-10-2004 wel volgens nieuwe richtlijnen gekeurd worden.

Pensioenregeling

Pensioenregeling
  • Een collectief pensioen voor uw werknemers
Alles over een pensioenregeling voor uw bedrijf

Pensioenoplossingen

Pensioenoplossingen
  • Zelf een aanvulling op uw pensioen opbouwen
Alles over pensioenoplossingen

Bekijk uw pensioen bij AEGON

Bekijk uw pensioen bij AEGON
  • Kijk hoeveel pensioen u opbouwt
  • Test of u een pensioentekort heeft
Bekijk uw pensioen