Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zoekveld

Blauwdruk voor een nieuw pensioenstelsel

13 oktober 2017

door Redactie | Aegon Blog

Het nieuwe kabinet gaat enkele belangrijke pensioenhervormingen doorvoeren. Rutte III geeft een belangrijke aanzet tot een fiscaal kader voor een nieuw stelsel. Frits Bart en Herman Kappelle van Aegon hebben dat kader uitgewerkt tot een nieuw stelsel. Met keuzemogelijkheden voor werknemer en werkgever. Met collectiviteit en solidariteit. Dat pensioenfondsen en verzekeraars kunnen uitvoeren. Modern en toekomstbestendig. En dat maar één wetswijziging nodig heeft om te functioneren.

 

Het fundament voor zo’n stelsel is een voor iedereen vaste financieringsruimte voor zijn pensioenopbouw. Iedere werknemer in Nederland heeft jaarlijks een fiscaal maximale financieringsruimte voor de opbouw van ouderdomspensioen, ter grootte van een bepaald percentage van zijn salaris. Voor dit percentage geldt het fiscale voordeel dat de premie niet wordt belast en de pensioenuitkeringen later wel. Het is een vast percentage, voor elke werknemer, ongeacht zijn leeftijd.

Dit percentage wordt door het ministerie van Financiën eens per vijf jaar bepaald op basis van de rekenrente en levensverwachting. Met dit premiepercentage bereik je na veertig jaar opbouw een pensioenambitie van 75% van het gemiddeld verdiende loon. In ons jargon heet dit een premieovereenkomst. Ter onderscheiding van de huidige premieovereenkomst met een leeftijdsafhankelijke premie, hanteren we hiervoor de term 'vaste-premieovereenkomst.' Naast het ouderdomspensioen kan een nabestaanden- en een arbeidsongeschiktheidspensioen worden opgebouwd, ter grootte van maximaal respectievelijk 70% van het bereikbare ouderdomspensioen en 80% van het salaris.

Vier varianten met vaste premie

Binnen de vaste-premieovereenkomst onderscheiden we vier varianten, afnemend in zekerheid en oplopend in kans op een hoger pensioen:

  1. de vaste-premie-uitkeringsovereenkomst; de premie wordt direct omgezet in een aanspraak op een levenslange periodieke uitkering die ingaat op de pensioeningangsdatum;
  2. de vaste-premie-kapitaalovereenkomst; de premie wordt gebruikt om een in euro’s gegarandeerd kapitaal op te bouwen, dat op de pensioeningangsdatum wordt omgezet in een levenslange vaste periodieke uitkering;
  3. de zuivere vaste-premieovereenkomst; de premie wordt gebruikt om een niet gegarandeerd pensioenbeleggingskapitaal op te bouwen, dat op de pensioeningangsdatum wordt omgezet in een levenslange vaste periodieke uitkering;
  4. de vaste-premieovereenkomst met variabele uitkering; de premie wordt gebruikt om een niet gegarandeerd pensioenbeleggingskapitaal op te bouwen, dat op de pensioeningangsdatum wordt omgezet in een levenslange variabele periodieke uitkering, zoals geïntroduceerd in de Wet verbeterde premieregeling.

Geen leeftijdsdiscriminatie

Met deze vier varianten worden de door de SER benoemde varianten I en IV gerealiseerd, zonder het gevaar van leeftijdsdiscriminatie. Alle varianten kunnen collectief worden uitgevoerd, zowel door pensioenfondsen als door verzekeraars en (deels) ppi's. Beleggingsrisico, kort- en langlevenrisico worden in meer of mindere mate collectief gedeeld, zodat ook sprake is van solidariteit binnen het collectief. Hiermee voldoen ze aan de door de staatssecretaris van Sociale Zaken in de Perspectiefnota Toekomst Pensioenstelsel geschetste uitgangspunten. Bovendien – en dat is misschien nog wel het belangrijkste – krijgt iedere werknemer een helder beeld van zijn eigen aandeel in het totale pensioenvermogen.

Sociale partners stellen uit deze vier varianten pensioencontracten samen die tegemoetkomen aan de hoeveelheid zekerheid en solidariteit die zij wensen. De wetgever beperkt zich tot het stellen van de fiscale kaders waarmee het voor iedereen geldende vaste percentage aan beschikbare premie wordt vastgesteld. Welke varianten uiteindelijk in hetpensioencontract terecht komen, is aan sociale partners.

Juridisch

Juridisch is het appeltje-eitje. Binnen de huidige Pensioenwet, zijn alle vier de voorgestelde varianten al mogelijk. De enige noodzakelijke wetswijziging is een aanpassing van de Wet op de loonbelasting, waardoor de omkeerregel alleen geldt voor de vaste premieovereenkomst. Alle bestaande vormen van pensioenopbouw blijven juridisch mogelijk, maar worden niet meer fiscaal gesteund.

Overgangsregeling

Om de zaak uitvoerbaar te houden, moet de aanpassing van het fiscale kader in één keer en voor iedereen worden ingevoerd. Als compensatie voor de groep deelnemers die door overgang op het vaste percentage te weinig fiscale ruimte hebben om een middelloonresultaat te benaderen, komt er een tijdelijke overgangsregeling. Op grond hiervan kunnen bestaande deelnemers een vrijwillige aanvullende storting doen in de gekozen vaste premieregeling ter grootte van een nader vast te stellen premiepercentage. Het is aan sociale partners af te spreken hoe de premielasten worden verdeeld tussen werkgever en werknemer.

Het door ons voorgestelde stelsel voldoet aan alle randvoorwaarden en kan het pensioenlandschap tot in lengte van jaren gezond en vruchtbaar houden. Laten we daarom nu beginnen met het pensioenstelsel te baseren op deze blauwdruk en vanuit die positie verder werken, zonder ons te laten belemmeren door ingewikkelde invaardiscussies of andere overgangsperikelen. Binnen dit stelsel kan via collectieve waardeoverdracht ‘ingevaren’ worden in elk van de vier varianten. Ook die keuze is aan sociale partners. Geef werknemers toegang tot een transparant, uitvoerbaar en toekomstbestendig pensioen.

De volledige blauwdruk treft u hier. Frits Bart is directeur beleid Aegon zakelijk, Herman Kappelle is directeur Aegon Adfis.

Aegon logo
Redactie | Aegon Blog
Aegon biedt wereldwijd zo'n 40 miljoen mensen oplossingen op het gebied van pensioenen, verzekeringen en vermogensbeheer. Omdat we het belangrijk vinden dat je zelf bewust financiële keuzes kunt maken, ontwikkelen we producten die je financieel zelfstandig maken. Met deze blog helpen we je op weg met nieuws en achtergrondinformatie.