Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Al in 2015 doorwerken tot 68

7 november 2012

De kans dat de aanvullende pensioenen al in 2015 vanzelf naar 68 jaar verschuiven is levensgroot. De Wet op de Loonbelasting bepaalt dat als de levensverwachting verder stijgt, de pensioenleeftijd moet worden verhoogd. Het is de vraag of de politiek en de sociale partners zich dat automatisme wel realiseren én of het maatschappelijk gewenst is. Dat zei Herman Kappelle dinsdag bij de opening van de AEGON Pensioenweek. Kappelle is hoogleraar Fiscaal Pensioenrecht.

De pensioenleeftijd voor de aanvullende pensioenen gaat in 2014 naar 67. De kans dat dit in 2015 al 68 wordt, is echter reëel. Inmiddels is namelijk een rekenformule opgenomen in de Wet op de Loonbelasting. Aan de hand van die formule wordt jaarlijks bekeken of de pensioenleeftijd verder omhoog moet. Als in 2014 blijkt dat de levensverwachting van een 65-jarige in 2025 de 21,26 jaar passeert, dan wordt de pensioenleeftijd al een jaar later verhoogd naar 68 jaar.

Gelijk optrekken

Uitgangspunt voor de wet zijn de statistieken van het CBS. Op basis van de huidige CBS-cijfers uit december 2011 zit die levensverwachting daar nog nét onder: 20,91 jaar. Die verwachting hoeft nog maar met vier maanden te stijgen om al in 2015 een pensioenleeftijd van 68 jaar te hebben. Het CBS publiceert in december 2012 de nieuwe cijfers. Het Actuarieel Genootschap deed dat vorige maand. In hun prognose wordt de 21,26 jaar gepasseerd.

Herman Kappelle: "Het is voor deelnemers in een pensioenregeling moeilijk te begrijpen dat de pensioenleeftijd vrijwel direct nadat die naar 67 is gegaan al verder omhoog moet naar 68. Maar zo staat het nu eenmaal in de wet. Bij de AOW is het heel anders geregeld. Daar wordt in 2016 voor het eerst gekeken of de ingangsdatum in 2021 verder omhoog moet. Het zou voor werknemers en pensioenuitvoerders allemaal veel gemakkelijker zijn als AOW en aanvullend pensioen gelijk optrekken." Kappelle pleit ervoor om het tijdschema van de AOW daarom ook voor de aanvullende pensioenen in de tweede pijler toe te passen.

 

Tekst van het nieuwe art. 18a, lid 5, van de Wet op de Loonbelasting

De in het zesde lid genoemde pensioenrichtleeftijd wordt jaarlijks bij algemene maatregel van bestuur gewijzigd. De wijziging vindt voor het eerst plaats per 1 januari 2015 en wordt berekend op basis van de volgende formule:

V = (L - 18,26) - (P-65)

waarbij:

V staat voor het aantal jaren waarmee de pensioenrichtleeftijd wordt verhoogd;

L staat voor de geraamde macro gemiddelde resterende levensverwachting voor de Nederlandse bevolking in jaren op 65-jarige leeftijd in het kalenderjaar dat is gelegen tien jaar na het kalenderjaar van wijziging;

P staat voor de geldende pensioenrichtleeftijd in het kalenderjaar voorafgaande aan het kalenderjaar van wijziging. 

Indien V negatief is of vóór afronding minder dan 1 beloopt, wordt deze gesteld op 0. Wanner V vóór afronding 1 of meer beloopt, wordt deze gesteld op 1. Een wijziging ingevolge de eerste volzin van de pensioenrichtleeftijd wordt bekendgemaakte ten minste een jaar voordat deze toepassing vindt.