Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zakelijk Adfis Artikelen Laag pensioen premieregeling kan verzekeraars niet worden verweten

Laag pensioen premieregeling kan verzekeraars niet worden verweten

12 september 2019

In twee zaken voor de Geschillencommissie Financiële Dienstverlening (KIFID) klaagden consumenten over de hoogte van het ouderdomspensioen bij twee verschillende verzekeraars. KIFID vindt dat de lage pensioenen niet aan de verzekeraars zijn te verwijten. Te meer omdat zij consumenten ook wezen op hun shoprecht.

Beschikbare premieregeling

De consumenten nemen deel aan een beschikbare premieregeling van hun werkgever. Op de pensioendatum verstrekken de verzekeraars een offerte voor het pensioen aan te kopen voor het pensioenkapitaal. De offertes vermelden de levenslange pensioenen die voor het beschikbaar komende pensioenkapitaal kunnen worden aangekocht bij de verzekeraars. Tevens vermelden de verzekeraars in de offerte op welke wijze zij het pensioen hebben berekend. Hieruit blijkt welke kosten in rekening zijn gebracht, welke levensverwachting is gehanteerd en welke rekenrente is toegepast. Tevens vermelden de verzekeraars in de offerte dat de consumenten recht hebben om het beschikbare pensioenkapitaal aan te wenden voor aankoop van pensioen bij een andere verzekeraar (shoprecht).

Consumenten maken onder meer bezwaar tegen de gehanteerde levensverwachting nu deze afwijkt van de door het CBS gehanteerde levensverwachtingen.

Geen schending zorgplicht verzekeraars

KIFID begrijpt dat het aanbod van de verzekeraars voor de door consumenten aan te kopen levenslange jaarlijkse ouderdomspensioenen door consumenten als teleurstellend is ervaren. Dit is volgens KIFID tot op zekere hoogte ook een breder maatschappelijk probleem. De hogere levensverwachting en de al langere tijd aanhoudende (zeer) lage rente hebben bij de aankoop van het levenslang jaarlijks ouderdomspensioen, een negatieve invloed op de hoogte van de uiteindelijke uitkeringen. KIFID kan niet om deze economische werkelijkheid heen.

Volgens KIFID hebben verzekeraars de vrijheid om consumenten op de pensioendatum een aanbod voor een levenslang ouderdomspensioen te doen op basis van hun eigen tarieven en uitgangspunten, waaronder ook de door henzelf gehanteerde levensverwachting. Anders dan consumenten menen, zijn verzekeraars in dat kader niet gebonden aan de door het CBS gehanteerde levensverwachtingen. Zij mogen hun aanbod baseren op een eigen inschatting van de levensverwachting op basis van hun eigen bestand. Verzekeraars mogen zelf de prijs van hun producten bepalen. Tegenover die vrijheid van verzekeraars staat de vrijheid van consumenten om bij meerdere verzekeraars een voorstel op te vragen, om op die manier te onderzoeken welke maatschappij het meest gunstige pensioen kan aanbieden.

Verzekeraars hebben consumenten in de offerte gewezen op de kosten en de levensverwachting. Tevens hebben zij melding gemaakt van het shoprecht voor de consumenten. Consumenten hebben kennelijk geen gebruik gemaakt van hun shoprecht. Door de offertes te aanvaarden hebben consumenten ingestemd met het door verzekeraars gedane aanbod voor een levenslang jaarlijks ouderdomspensioen en daarmee ook met de door verzekeraars daarvoor gevraagde prijs. Volgens KIFID is daarbij van enig tekortschieten door verzekeraars niet gebleken. KIFID wijst de vorderingen van de consumenten af.

Commentaar

In ons bericht van 8 mei 2019 schreven we al dat het karakter van een premieovereenkomst is, dat het risico voor beleggingsopbrengst en aankooptarief van het pensioen bij de deelnemer ligt. Dat de uitkomst door de actuele aankooptarieven – vanwege de lage rentestand en de hogere levensverwachting – teleurstellend is, komt niet door de verzekeraars. Maar dit is volgens KIFID een maatschappelijk probleem.

Verzekeraars bepalen zelf de prijs van hun producten. Ze zijn daarbij niet gehouden aan bijvoorbeeld de inschatting van de levensverwachting van het CBS. Met andere woorden verzekeraars mogen deze levensverwachting bijstellen aan hun eigen inzicht over de levensverwachting. In dit geval werd door de verzekeraars een (gebruikelijke) leeftijdscorrectie toegepast van vijf jaar.

Tegenover de vrijheid van de verzekeraars om de prijs van hun producten te bepalen, staat het recht van de consument om te shoppen. Vanwege dit shoprecht zullen de meeste verzekeraars marktconforme prijzen aanbieden. Als zij dat niet doen prijzen ze zich immers uit de markt. Overigens loont het meestal de moeite, dat consumenten bij meerdere verzekeraars een offerte opvragen.

Paul Lavrijssen, adviseur Aegon Adfis

Bron: Geschillencommissie Financiële Dienstverlening, nr. 2019-597, 15 augustus 2019

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 12 september 2019.