Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Afkoop klein pensioen belast

22 september 2017

Een gepensioneerde ontvangt afkoopsommen voor afkoop klein pensioen. Ondanks dat de afkoop van de pensioenen niet op zijn verzoek plaatsvonden, moet hij de afkoopsommen wel aangeven als inkomen voor de inkomstenbelasting.

Afkoop klein pensioen

Op grond van de Pensioenwet mogen pensioenuitvoerders ouderdomspensioenen die kleiner zijn dan € 467,89 per jaar afkopen. Dit mogen de pensioenuitvoerders doen op de pensioendatum of twee jaar na einde deelneming.

In 2013 ontving de heer X op 65-jarige leeftijd van vijf verschillende pensioenfondsen afkoopsommen van pensioen, tot een totaalbedrag van meer dan € 19.000. X gaf deze afkoopsommen niet aan in zijn aangifte inkomstenbelasting. De inspecteur corrigeerde de aangifte en rekende de afkoopsommen tot het belastbare inkomen uit werk en woning (box 1). X ging in bezwaar en beroep.

X stelt dat de afkoopsommen aan hem zonder zijn toestemming zijn uitbetaald en zodoende zonder zijn invloed zijn belastbaar inkomen 2013 hebben verhoogd. Dit had voor hem tot gevolg, dat hij door het progressieve belastingstelsel over de afkoopsommen meer belasting is verschuldigd dan wanneer de pensioenen in termijnen aan hem zouden worden uitbetaald. Daarnaast mist X door uitbetaling van de afkoopsommen een aanmerkelijk bedrag aan zorgtoeslag. X acht deze gang van zaken in strijd met de Wet IB 2001 en met de geest van het pensioenstelsel.

Onvrijwillig ontvangen pensioen is loon

Het Hof stelt vast dat X in 2013 afkoopsommen van pensioen uitbetaald kreeg. Op grond van de Wet op de loonbelasting 1964 en de Wet IB 2001 behoort de uitkering op pensioen tot het belastbare inkomen uit werk en woning. Dat geldt ook voor afkoopsommen van pensioen. Ook als X niet actief bij de afkoop was betrokken. Volgens het Hof worden ook onvrijwillig ontvangen bedragen tot het belastbare loon gerekend.

Volgens X vertegenwoordigen de afkoopsommen slechts “een papieren inkomen”. Hij kan immers de ontvangen bedragen niet besteden, aangezien hij deze moet reserveren voor de toekomst ter dekking van het door de afkoop ontstane “inkomensgat”. Het Hof gaat hier niet in mee. De afkoopsommen zijn door X ontvangen en de wet voorziet niet in uitstel van belasting voor het reserveren van deze bedragen. De ontvangen afkoopsommen hebben in 2013 de draagkracht van X verhoogd, zodat de heffing in 2013 gerechtvaardigd is.

Het Gerechtshof is niet bevoegd te oordelen over de omstandigheid dat X niet kon opkomen tegen het aan hem in één keer uitbetalen van de pensioenen.

Volgens het Hof is er ook geen sprake van strijd met artikel 1 Eerste Protocol bij het EVRM. De wetgever is met zijn keuze de afkoopsommen te belasten in het jaar waarin deze ontvangen zijn, niet getreden buiten de ruime beoordelingsmarge die hem toekomt volgens dit artikel. Er is  volgens het Hof ook geen sprake van een buitensporige last. Dat de totale druk op de afkoopsommen 39% hoger uitkomt dan de uitkering in termijnen acht het Hof geen buitensporige last. “Het Hof acht een dergelijk percentage, gelet op het geldende maximale belastingtarief van 52% en mede gezien het feit dat belanghebbendes draagkracht door de ontvangst van de afkoopsommen is verhoogd, niet dermate hoog dat geoordeeld moet worden dat sprake van een buitensporige last.”

Het hof acht het beroep van X ongegrond.

Commentaar

Het Hof oordeelt naar onze mening terecht dat de afkoopsommen belast zijn in het jaar waarin ze worden uitgekeerd. Dit ondanks dat het pensioen kennelijk werd afgekocht tegen de wil van X.

Het Hof concludeert In haar uitspraak ook dat er geen sprake is van een buitensporige last voor X. Over de uitkering in termijnen zou X 19% inkomstenbelasting verschuldigd zijn. Bij de afkoop van het pensioen bedraagt de heffing voor een deel 24% en voor een deel 42%. Daarnaast verliest X door de afkoop € 1.612 aan zorgtoeslag. Het Hof berekende de marginale druk op de afkoopsommen op 39%. Afgemeten aan de inkomenspositie van X en de omvang van het pensioen is dit naar onze mening een aanmerkelijk bedrag. Het Hof bevestigt  daarmee dat een buitensporige last niet snel wordt aangenomen.

Wij kunnen ons voorstellen dat X zelf niet voor een afkoop van het pensioen zou kiezen. Uit dit oogpunt is de voorgenomen afschaffing van afkoop van het klein pensioen een goede zaak. Helaas komt dit voor X te laat. Voor meer informatie over het wetsvoorstel lees ons bericht van 4 september 2017.

 

Auteur: Paul Lavrijssen, adviseur Aegon Adfis

Bron: Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 14 september 2017

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 21 september  2017.