Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zakelijk Adfis Nieuws Belastingdienst verbetert communicatie bij meerdere pensioenen

Belastingdienst verbetert communicatie bij meerdere pensioenen

9 februari 2021

De Belastingdienst verbetert haar communicatie richting belastingplichtigen voor situaties dat er naast de AOW andere pensioeninkomsten zijn. Dit antwoordde staatssecretaris Vijlbrief op vragen van de vaste commissie voor Financiën.

Verbetering communicatie bij meerdere pensioenen

De vaste commissie voor Financiën stelde staatssecretaris Vijlbrief op 18 november 2020 een aantal vragen over zijn brief van 26 oktober 2020 . In die brief bespreekt Vijlbrief de samenloop tussen loon- en inkomstenbelasting in de situatie dat sprake is van meerdere pensioenen. Hij gaf daarin drie mogelijke oplossingen aan. Wij schreven over die brief in ons nieuwsbericht van 28 oktober 2020.

De leden van de VVD schreven Vijlbrief dat zij eraan hechten om aan te geven dat samenloop voor bijvoorbeeld ouderen met meerdere pensioenen kan leiden tot vervelende terugvorderingen. Zij vinden dat de communicatie richting belastingplichtigen - waar mogelijk - beter moet worden. De leden vragen welke stappen het kabinet daartoe gaat zetten.

De Staatssecretaris antwoordt hierop dat de Belastingdienst bezig is met verbetering in de communicatie richting belastingplichtigen hierover op de reguliere communicatiekanalen. In dit kader zijn in de afgelopen maanden al enkele pagina’s op de website van de Belastingdienst aangepast waarin de mogelijke gevolgen worden geschetst als sprake is van AOW en een of meer andere uitkeringen en hoe deze gevolgen geminimaliseerd kunnen worden. De Belastingdienst beziet of er nog verdere verbeteringen doorgevoerd kunnen worden. Volgens Vijlbrief informeert de Sociale Verzekeringsbank AOW-gerechtigden ook over dit onderwerp.

Drie mogelijke oplossingen

De Staatssecretaris gaf in zijn brief van 18 november drie mogelijke oplossingen aan:

  • Loonheffingskorting laten vervallen op de AOW;
  • Spreiding bijbetaling door aanvraag voorlopige aanslag of
  • De inhoudingsplichtige vragen een hoger belastingtarief in te houden.

 

In zijn reactie op de vragen van de vaste commissie voor financiën schrijft de Staatssecretaris dat AOW-gerechtigden op de online AOW-aanvraag en de papieren AOW-aanvraag expliciet wordt gevraagd of zij willen dat de loonheffingskorting wordt toegepast. De aanvrager wordt voor een toelichting waarom de keuze van belang is en wat de gevolgen van deze keuze zijn, doorverwezen naar een pagina op www.svb.nl. Daarnaast staat in de AOW-toekenningsbeschikking informatie over de mogelijkheid om een voorlopige aanslag inkomstenbelasting aan te vragen. In de flyer bij de jaaropgave van 2020 (die begin 2021 wordt verstuurd) wordt ook expliciet aangegeven dat de AOW-gerechtigde na afloop van het jaar belasting mogelijk moet bijbetalen als zij in de loop van het jaar ook andere uitkeringen hebben ontvangen. De flyer benoemt vervolgens ook de mogelijkheid om de bijbetaling te kunnen spreiden door een voorlopige aanslag aan te vragen.

Hoe vaak worden de mogelijkheden gebruikt?

De leden van de fractie van de VVD vragen hoe vaak van elk van de drie mogelijkheden gebruikt wordt gemaakt.

Volgens de Staatssecretaris bedroeg het aantal belastingplichtigen die op 1 januari van een kalenderjaar AOW gerechtigd is en uit meer dan één bron inkomsten uit vroegere arbeid ontving en aangifte inkomstenbelasting deed in de jaren 2017 tot en met 2019 ongeveer 2,2 miljoen.

Uit onderzoek blijkt dat bij de totale groep van 2,2 miljoen AOW’ers met meer dan één inkomensbron in 89% van de gevallen door één uitkeringsinstantie de loonheffingskorting wordt toegepast.

Bij de onderzochte groep van 2,2 miljoen AOW’ers met meer dan één inkomensbron die al gebruik maakten van voorlopige aanslag (EVA), bedroeg het percentage positieve EVA’s 27%. Bij de groep met een verschil tussen inkomensheffing en loonheffing tussen € 2.000 en € 7.000, bedroeg dit percentage 63%. Bij een groter verschil dan € 7.000 was dit percentage 64%. In veel gevallen worden hoge bijbetalingen bij de definitieve aanslag op deze manier dus al voorkomen, aldus de Staatssecretaris.

Volgens de leden van de fractie van het CDA zijn de meeste pensioenuitvoerders niet bereid om een hoger tarief in te houden. De Staatssecretaris schrijft hierover dat navraag bij pensioenuitvoerders inderdaad het beeld oplevert dat dit doorgaans niet actief wordt aangeboden. Wel informeren uitvoerders deelnemers over mogelijke naheffingen bij meerdere uitkeringen. Er zijn uitvoerders waar het wel mogelijk is om meer loonheffing in te laten houden als daarom wordt verzocht door de deelnemer. Overigens gaf volgens de Staatssecretaris een van de uitvoerders aan te verwachten dat dit probleem wat zal verminderen nu er vanaf 2020 geen vier schijven meer zijn in box 1 maar nog twee schijven voor belastingplichtigen die de AOW-gerechtigde leeftijd nog niet hebben bereikt en drie schijven voor belastingplichtigen die de AOW-gerechtigde leeftijd hebben bereikt.

Commentaar

Zoals wij ook in ons commentaar bij het nieuwsbericht van 20 oktober schreven, is in een stelsel met belastingschijven en een progressief tarief de inhouding van loonheffing per definitie minder dan de verschuldigde inkomstenbelasting als sprake is van uitkeringen uit diverse bronnen die ieder op zich de schijfgrenzen niet overschrijden, maar als totaal bedrag wel. Omdat bij meerdere uitkeringen door verschillende pensioenuitvoerders bij hen niet bekend is welke andere uitkeringen de pensioengerechtigden ontvangen, kunnen zij er geen rekening bij houden. De pensioengerechtigden moeten dan ook de door de Staatssecretaris genoemde oplossingen zelf initiëren. Dat kunnen pensioenuitvoerders en de belastingdienst niet voor hen doen. Goede voorlichting vanuit deze instanties helpt natuurlijk wel.

Auteur: Vera Hek, adviseur Aegon Adfis

Bronnen:

Dit bericht is aangepast naar de stand van zaken op 9 februari 2021