Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zakelijk Adfis Nieuws Bigamie levert geen ouderdomspensioenaanspraken op bij scheiding

Bigamie levert geen ouderdomspensioenaanspraken op bij scheiding

25 juni 2020

Wanneer na scheiding blijkt dat Y tijdens het huwelijk ook gehuwd was in Engeland, vraagt X vernietiging van zijn huwelijk met Y. Dat heeft ook tot gevolg dat Y geen recht heeft op pensioenverevening.

Verzoek om nietig verklaring huwelijk en onverschuldigde betaling bij scheiding

X en Y trouwden in een Nederlandse gemeente. Dit huwelijk is ontbonden door de inschrijving van de echtscheidingsbeschikking van de rechtbank Alkmaar van 25 april 2002. X en Y hebben de Nederlandse nationaliteit.

X en Y kwamen in het door hen op 20 maart 2002 ondertekende echtscheidingsconvenant onder meer overeen dat X een bijdrage in de kosten van levensonderhoud aan Y voldoet van € 1.200- netto per maand. Daarnaast kwamen zij overeen dat de X – in tegenstelling hij met Y afsprak in hun huwelijkse voorwaarden – een bedrag van € 45.378 aan Y zal voldoen uit hoofde van de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden.

De X verzoekt het door hem en Y op 6 maart 1992 aangegane huwelijk nietig te verklaren omdat Y ten tijde van het sluiten van dit huwelijk al was gehuwd met een andere man in het Verenigd Koninkrijk.

Daarnaast verzoekt hij onder meer voor recht te verklaren dat:

1. hij aan Y onverschuldigd heeft betaald:

a. de partneralimentatie ter grootte van een bedrag van € 96.000

b.de – op grond van de scheiding - verschuldigde pensioenverevening ter grootte van € 429.621 (berekend tot 1 augustus 2019 en te vermeerderen met de daarna vrijgevallen termijnen);

2. op grond van de wet of anderszins geen recht bestaat op pensioenverevening voor Y ten aanzien van door X bij Stichting pensioenfonds V opgebouwde pensioenaanspraken (ouderdomspensioen en overbruggingspensioen) en dat Y ook geen recht heeft op aldaar door hem opgebouwd bijzonder nabestaandenpensioen/bijzonder partnerpensioen;

3. de echtscheidingsovereenkomst van 20 maart 2002 nietig is, subsidiair gerechtelijk wordt vernietigd; en

4. Y te veroordelen tot betaling aan hem van hetgeen zij heeft ontvangen onder de titel van partneralimentatie en pensioenverevening.

Bigamie: tweede huwelijk nietig

De rechtbank verklaart het huwelijk tussen X en Y nietig. Ook stelt de rechtbank X in het gelijk met betrekking tot de punten 1 tot en met 4. De rechter veroordeelt Y tot terugbetaling aan X van hetgeen zij heeft ontvangen onder de titel van partneralimentatie ter hoogte van € 96.000, onder de titel van pensioenverevening ter hoogte van € 429.621 (berekend tot 1 augustus 2019 en te vermeerderen met de daarna vrijgevallen termijnen) en als afkoopsom op grond van het convenant ter hoogte van € 45.378, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag dat aan de Y is betaald.

De rechter motiveert zijn besluit onder meer als volgt: In artikel 1:33 van het Burgerlijk Wetboek (BW) is bepaald dat een persoon slechts met één ander persoon tegelijkertijd door het huwelijk verbonden kan zijn. Uit de door X overgelegde stukken blijkt dat Y op 1 april 1987 in het Verenigd Koninkrijk met Z getrouwd is. Y erkent dat de huwelijksakte het huwelijk betreft dat zij met Z heeft gesloten. Volgens de rechtbank is niet gebleken dat het huwelijk tussen de Y en Z niet langer geldig is. Op grond hiervan is vast komen te staan dat de Y ten tijde van de sluiting van het huwelijk met de X al getrouwd was. Dit is in strijd is met artikel 1:33 BW, waardoor Y niet voldeed aan de vereisten om een geldig huwelijk te sluiten. Dit levert een grond op voor de nietigverklaring van het huwelijk. De rechtbank wijst het verzoek van X in zoverre toe.

Convenant nietig; onverschuldigde betaling alimentatie en pensioenverevening

Gelet op de verklaringen van X en Y vernietigt de rechtbank het convenant vanwege dwaling. Dat kan voor zover daarin vermogensrechtelijke gevolgen van de scheiding zijn geregeld.

Volgens de rechter werkt de nietigverklaring van het huwelijk tussen X en Y terug tot het tijdstip van de huwelijksvoltrekking. Ook de vernietiging van het convenant heeft terugwerkende kracht tot het tijdstip waarop de rechtshandeling is verricht. Vanaf dat moment is met terugwerkende kracht dan ook geen sprake meer van een onderhoudsverplichting van X jegens Y en is pensioenverevening als bedoeld in de Wet pensioenverevening bij scheiding niet van toepassing. Ook is X niets verschuldigd uit hoofde van de afspraken tussen hem en Y in het convenant. Dit brengt mee dat de gedane betalingen door X onverschuldigd zijn en dat hij aanspraak kan maken op terugbetaling van deze bedragen.

Nu de rechtbank heeft vastgesteld dat sprake is van onverschuldigde betaling door X, leidt dit op grond van het BW tot een terugbetalingsplicht voor het gehele bedrag. Y wordt daarom veroordeeld tot terugbetaling van een bedrag van € 96.000 aan partnerbijdrage, € 429.621,55 aan ontvangen pensioen tot 1 augustus 2019 en te vermeerderen met de daarna vrijgevallen termijnen en € 45.378 aan afkoopsom in het kader van de afwikkeling huwelijkse voorwaarden zoals overeengekomen in het convenant. Volgens jurisprudentie van de Hoge Raad is Y is daarover ook wettelijke rente verschuldigd (ECLI:NL:HR:2000:AA5863).

Wel recht op bijzonder partnerpensioen

Het verzoek van X om te verklaren dat Y geen recht heeft op het door X opgebouwd bijzonder nabestaandenpensioen en/of bijzonder partnerpensioen wijst de rechtbank af. De rechtbank kan namelijk niet vaststellen of Y ook na de nietigverklaring van het huwelijk hierop aanspraak kan maken, bijvoorbeeld doordat X en Y hebben samengeleefd.

Commentaar

Bigamie is in Nederland niet toegestaan. En maakt het huwelijk nietig. Dat dit ook gevolgen heeft voor de verdeling van pensioen bij scheiding, verbaast niet.

Deze uitspraak laat goed zien dat de rechten op pensioenaanspraken bij scheiding afhankelijk zijn van het soort pensioen. Ouderdomspensioen en overbruggingspensioen worden geregeld in de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding. Op die aanspraken bestaat bij scheiding alleen recht wanneer er sprake was van een huwelijk of geregistreerd partnerschap. Doordat het huwelijk als gevolg van bigamie nietig was, was er voor Y geen recht op het ouderdomspensioen dat was opgebouwd tijdens het huwelijk. Omdat ook het convenant vernietigd is, is er sprake van een onverschuldigde betaling door X.

Gehuwden en geregistreerd partners hebben ook automatisch recht op het nabestaandenpensioen van de andere partner. Nu het huwelijk tussen X en Y nietig is, hangt het van de voorwaarden van het pensioenfonds af of Y recht heeft op het bijzonder partnerpensioen. Daarvoor is namelijk niet vereist dat sprake is van een huwelijk of een geregistreerd partnerschap. Onder voorwaarden kan ook sprake zijn van een andersoortige gezamenlijke huishouding. Die voorwaarden kunnen per pensioenuitvoerder verschillen. Of aan de voorwaarden van pensioenfonds V is voldaan, kan de rechter niet beoordelen.

Auteur: Vera Hek, adviseur Aegon Adfis

Bron: Rechtbank Noord-Holland (ECLI:NL:RBNHO:2020:4254), datum uitspraak 10 juni 2020

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 25 juni 2020