Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Buitenlandse pensioen- en lijfrenteaanbieders op de Nederlandse markt

28 juni 2016

Het Ministerie van Financiën publiceerde een overzicht van aangewezen buitenlandse pensioen- en lijfrenteaanbieders. Het zijn geen schokkende aantallen: het Ministerie wijst 13 pensioen- en 3 lijfrenteaanbieders aan.

Toegelaten buitenlandse aanbieders van pensioenen

De Wet op de loonbelasting 1964 bevat een opsomming van de toegelaten binnenlandse en buitenlandse aanbieders van pensioenen. Voor buitenlandse aanbieders gelden specifieke bepalingen. Toegelaten buitenlandse aanbieders zijn:

  • 1. Buitenlandse pensioenfondsen of lichamen die het levensverzekeringsbedrijf uitoefenen. Hierbij gaat het om de situatie dat het pensioen de voortzetting is van een pensioen dat al bij deze aanbieder was verzekerd in een periode waarin de werknemer niet in Nederland woonde of niet in Nederland een dienstbetrekking vervulde.
  • 2. Eigenbeheerlichamen van een directeur-grootaandeelhouder. Daarvoor geldt dat het lichaam gevestigd moet zijn in een lidstaat van de Europese Unie, in Noorwegen, Liechtenstein of op IJsland. Het eigenbeheerlichaam is toegelaten na aanwijzing door de Belastingdienst PDB/kantoor Buitenland.
  • 3. Buitenlandse pensioenfondsen of lichamen die bevoegd het verzekeringsbedrijf uitoefenen. De minister van Financiën kan een professionele buitenlandse aanbieder aanwijzen als toegelaten verzekeraar als die aanbieder zich heeft verplicht inlichtingen te verstrekken over de uitvoering van de pensioenregelingen. Daarnaast moet de aanbieder in Nederland zekerheid stellen, of (voor aanbieders uit de Europese Unie, Noorwegen, Liechtenstein of IJsland) aansprakelijkheid aanvaarden voor de invordering van de belasting die verschuldigd wordt bij een onjuiste afwikkeling van de pensioenovereenkomst. Het is ook mogelijk dat de werknemer de gevraagde zekerheid stelt.

 

De volgende buitenlandse aanbieders van pensioen zijn aangewezen. In het overzicht staan respectievelijk de naam van de uitvoerder, het land van vestiging en de datum waarop de uitvoerder is aangewezen.

  • Unilever International Pension Plan, Luxemburg, 19 december 2005
  • Integrale Luxembourg S.A., Luxemburg, 26 oktober 2009
  • Nestlé Pensioen Fonds, België, 1 november 2009
  • Contassur N.V., België, 19 november 2009
  • VITIS LIFE S.A., Luxemburg, 15 november 2010
  • Bâloise Vie Luxembourg S.A., Luxemburg, 15 november 2010
  • Pension & Co Instelling voor bedrijfspensioenvoorziening, België, 1 februari 2011
  • Alcon Pensioenfonds, België, 31 mei 2012
  • J&J Pension Fund, België, 18 december 2013
  • Euroclear Pension Fund, België, 24 december 2013
  • Plegt-Vos Retirement Scheme, Malta, 28 september 2015
  • United Pensions OFP, België, 7 december 2015
  • OFP BP Pensioenfonds, België, 1 juni 2016

 

Toegelaten buitenlandse aanbieders van lijfrenten

De Wet inkomstenbelasting 2001 bevat een opsomming van de toegelaten binnenlandse en buitenlandse aanbieders van lijfrenten. ‘Toegelaten’ houdt in dat bij deze aanbieders lijfrenteovereenkomsten kunnen worden gesloten die leiden tot aftrekbare lijfrentepremies. Voor buitenlandse aanbieders gelden specifieke bepalingen. Toegelaten buitenlandse aanbieders zijn:
1. Buitenlandse pensioenfondsen of lichamen die het levensverzekeringsbedrijf uitoefenen. Hierbij gaat het om de vrijwillige voortzetting van een pensioenregeling of een lijfrente die al bij deze aanbieder was verzekerd in een periode waarin de verzekeringsnemer niet in Nederland woonde.
2. Buitenlandse pensioenfondsen of lichamen die bevoegd het verzekeringsbedrijf uitoefenen. De minister van Financiën kan een professionele buitenlandse aanbieder aanwijzen als toegelaten verzekeraar wanneer die aanbieder zich heeft verplicht inlichtingen te verstrekken over de uitvoering van de lijfrenteovereenkomsten. Daarnaast moet de aanbieder in Nederland zekerheid stellen of (voor aanbieders uit de Europese Unie, Noorwegen, Liechtenstein of IJsland) aansprakelijkheid aanvaarden voor de invordering van de belasting die verschuldigd wordt bij een onjuiste afwikkeling van de lijfrenteovereenkomst. Het is ook mogelijk dat de verzekeringsnemer de gevraagde zekerheid stelt.
De volgende buitenlandse lijfrente aanbieders zijn aangewezen. In het overzicht staan respectievelijk de naam van de uitvoerder, het land van vestiging en de datum waarop de uitvoerder is aangewezen.

  • VITIS LIFE S.A., Luxemburg, 9 juni 2008
  • Private Insurer N.V., België, 15 november 2010
  • Bâloise Vie Luxembourg S.A., Luxemburg, 15 november 2010

 

Commentaar

Het is opvallend dat er maar weinig buitenlandse aanbieders voor pensioen en lijfrenten actief kunnen zijn op de Nederlandse markt. Van de 13 pensioenaanbieders is meer dan de helft gevestigd in België. En de overgrote meerderheid voert de pensioenregelingen uit van één onderneming (vergelijkbaar met een ondernemingspensioenfonds). De Nederlandse lijfrentemarkt is blijkbaar niet erg aantrekkelijk voor buitenlandse aanbieders gezien het kleine aantal. En dat de meest recente aanwijzing al weer bijna zes jaar oud is. Ook opvallend is dat, ondanks alle commotie in Nederland, er in de laatste twee jaar maar drie nieuwe buitenlandse uitvoerders voor pensioenen zijn bijgekomen.

Sinds de inwerkingtreding van de pensioenfondsenrichtlijn in 2005 valt het aantal grensoverschrijdende pensioenfondsen tegen. Dat is één van de redenen waarom de Europese Commissie een herziening van de richtlijn voorstelt. Zie ook het nieuwsbericht dat wij vandaag op onze site publiceerden. De belangrijkste obstakels voor grensoverschrijdende uitvoering van pensioenregelingen kunnen echter niet door een herziening van de richtlijn worden opgelost. Denk hierbij aan het lokale sociale-, arbeids- en fiscale recht dat van toepassing blijft op de pensioenregeling die in een ander land wordt uitgevoerd. Daarover gaat de richtlijn niet.

Auteur: Erik Schouten, adviseur internationale pensioenen Aegon Adfis

Bron: Internationaal belastingrecht. Toegelaten buitenlandse aanbieders van pensioenen en lijfrenten, Directoraat-generaal Belastingdienst/Cluster Fiscaliteit, Bekendmaking van 24 juni 2016, DGB 2016/1922N.

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 28 juni 2016.