Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

DGA aansprakelijk voor niet nakomen pensioenverevening door BV

25 april 2016

Een vrouw heeft vanwege verevening van pensioenaanspraken bij echtscheiding recht op pensioen van een Pensioen BV. De BV betaalt het pensioen niet uit aan de vrouw. De rechtbank acht de DGA hiervoor aansprakelijk.

Pensioen en echtscheiding

Een DGA bezit alle aandelen in een Holding BV. Deze holding BV bezit alle aandelen in een Pensioen BV. In 1996 wordt de echtscheiding uitgesproken van de DGA en zijn vrouw. In het kader van de wettelijke verevening van pensioen bij echtscheiding heeft de vrouw recht op een deel van het ouderdomspensioen van de man en een bijzonder partnerpensioen. De Pensioen BV bevestigt in 1998 de aanspraken van de vrouw:

“Onder verwijzing naar Uw brief van 3 februari 1998 delen wij U mede dat U als gevolg van de beëindiging van het huwelijk tussen U en de heer A. B., U een premievrije aanspraak heeft op een ouderdoms- en weduwenpensioen.

De aanspraak op het ouderdomspensioen is groot fl. 39.655,-- per jaar en gaat in op 1 december 2008 bij in leven zijn van de pensioengerechtigde, de heer A. B. en eindigt bij zijn overlijden.”

Vanaf 2011 betaalt de Pensioen BV het volledige ouderdomspensioen uit aan de DGA. Ondanks herhaalde schriftelijke aanmaningen van de vrouw betaalt de Pensioen BV geen pensioen uit aan de vrouw.

De vrouw eist dat de Pensioen BV de niet uitbetaalde pensioenen vanaf 2011 tot 2016 alsnog aan haar uitbetaalt. Daarnaast moet de Pensioen BV de toekomstige pensioenuitkeringen ten behoeve van de vrouw herverzekeren bij een Nederlandse verzekeraar. De vrouw vindt dat de DGA een onrechtmatige daad heeft begaan en daarom moet worden veroordeeld voor de schade die zij hierdoor heeft geleden.

Rechtbank Rotterdam

De rechter stelt de vrouw op alle punten in het gelijk. De vrouw heeft op grond van het wettelijk recht op verevening recht op de uitkering van een deel van het ouderdomspensioen vanaf 2011. De nabetaling bedraagt € 150.000.

De DGA en de Pensioen BV stellen dat de Pensioen BV niet in staat is om de toekomstige aanspraken van de vrouw te herverzekeren. Er is onvoldoende liquiditeit en de continuïteit zou dan in gevaar komen van met de Pensioen BV verbonden vennootschappen. De rechter vindt dat deze stelling niet voldoende is onderbouwd. Te meer doordat de Pensioen BV omvangrijke vorderingen heeft op de verschillende verbonden vennootschappen. Volgens de rechter is een nader onderzoek niet nodig en moet de BV de aanspraken van de vrouw alsnog herverzekeren.

De rechter vindt ook dat de DGA een onrechtmatige daad heeft begaan. De DGA had de controle over de Pensioen BV. Hij heeft ondanks herhaaldelijke aanmaningen, de Pensioen BV geen pensioen laten uitbetalen aan de vrouw. Maar hij heeft wel het aan de vrouw toekomende deel van het pensioen aan zichzelf laten uitbetalen. De rechtbank veroordeelt de DGA tot betaling van een nader vast te stellen schadevergoeding.

Commentaar

Interessant in deze uitspraak is dat de rechter de DGA en de Pensioen BV als één partij aanmerkt. Een vergelijkbare opvatting vindt u ook terug in het arrest van De Hoge Raad, 12-03-2004. Daarin stelde de BV zich op het standpunt dat ze geen partij was in het geschil tussen man en vrouw. Ook daar vereenzelvigde de rechter de DGA met de BV.

Ten aanzien van de nabetaling van het pensioen geeft de rechter dan ook niet aan of dit door de DGA dan wel de Pensioen BV moet gebeuren. Dat moeten zij kennelijk zelf uitmaken.

Door de verwevenheid van de DGA met de Pensioen BV veroordeelt de rechter de DGA tot een schadevergoeding wegens wanprestatie. Immers de DGA had de volledige controle over de Pensioen BV. De DGA besliste dus in feite dat de Pensioen BV het hele ouderdomspensioen aan hem moest uitbetalen en niets aan de vrouw. Helaas doet de rechter geen uitspraak over de hoogte van de schadevergoeding. Ontstaat hier een nieuw conflict?

Auteurs: Paul Lavrijssen en Vera Hek, adviseurs Aegon Adfis

Bron: Rechtbank Rotterdam, 13 april 2016

 

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 22 april 2016