Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zakelijk Adfis Nieuws Eens een levensverzekering, altijd een levensverzekering!

Eens een levensverzekering, altijd een levensverzekering!

4 oktober 2019

De belastinginspecteur rekent het rentebestanddeel in de uitkering van de vaste termijnverzekering van Y tot haar inkomen. Y tekent bezwaar aan tegen deze beslissing. Belastinginspecteur verklaart haar bezwaar ongegrond. De rechtbank geeft Y gelijk, omdat de vaste termijn verzekering geen verzekering zou zijn. Het hof is het daar niet mee eens.

Is een vaste termijnverzekering een levensverzekering?

Y heeft in 1993 een vaste termijn kapitaalverzekering afgesloten tegen premiebetaling met als einddatum 2013. Bij een vaste termijnverzekering wordt er een uitkering gedaan op de einddatum, ongeacht of de verzekerde dan in leven is. De vaste termijnverzekering van Y was een Australische dollargarantieverzekering tegen premiebetaling. Y heeft de verzekering na twee jaar premiebetaling premievrijgemaakt. Hierdoor is het verzekerd bedrag verlaagd, maar nog steeds gegarandeerd in Australische dollars. In 2013 ontving Y de uitkering uit de verzekering ter grootte van € 24.780. De belastinginspecteur stelt dat de uitkering verminderd met de betaalde premies, hier € 1.633, belast is voor de inkomstenbelasting, omdat er slechts twee jaar premie is betaald. Er is daarom geen kapitaalvrijstelling van toepassing op deze uitkering.

De rechtbank is met de belastinginspecteur van mening dat op deze uitkering geen kapitaalvrijstelling van toepassing is, gezien de duur van de premiebetaling. Maar dat is volgens de rechtbank verder niet relevant omdat de vaste termijnverzekering niet is aan te merken als verzekering. Namelijk doordat de vaste termijnverzekering het verzekerde bedrag altijd uitkeert aan Y of haar erfgenamen op de afgesproken einddatum, onafhankelijk van het in leven zijn van Y als verzekerde. Het enkele feit dat Y de eerste twee jaar premieplichting was en een bedrag van € 1.633 aan premies heeft betaald, maakt dit niet anders, aldus de rechtbank. Hier is volgens de rechtbank geen sprake van een verzekering. Een verzekering is volgens de rechtbank een kansovereenkomst waarbij de verzekeraar zich tegen betaling van een premie verbindt om verzekerde schadeloos te stellen wegens verlies, schade of gemis van een verwacht voordeel, te lijden door een onzekere gebeurtenis. Dit product heeft meer de kenmerken van een bancair product, aldus de rechtbank. De rente is dan niet belast in box 1.

Afhankelijkheid van leven of dood

Het hof is een andere mening toegedaan. De inspecteur krijgt gelijk. Volgens Hof Amsterdam is de vaste termijnverzekering wel een levensverzekering. En de regels van de Wet inkomstenbelasting 2001 en de Invoeringswet Wet inkomstenbelasting 2001 bepalen vervolgens dat het rentebestanddeel in de kapitaalsuitkering belast dient te worden. Dat heeft de inspecteur dus ook terecht gedaan, aldus het hof.

Het hof verwijst hierbij naar een arrest van de Hoge Raad van 9 december 1959. Hier is in overweging genomen:

dat (…) naar de heersende rechtsopvatting de levensverzekering omvat alle overeenkomsten omtrent de uitkering van een kapitaal of een rente, op levens- en sterftekansen gegrond, waarbij de uitkering of de premiebetaling of beide in enigerlei opzicht afhankelijk werden gesteld van het in leven zijn of de dood van een of meer bepaalde personen”.

Daarbij neemt het Hof in aanmerking dat de tussen Y en de verzekeraar in 1993 gesloten overeenkomst op het moment van sluiten de volgende kenmerken had:

“- op de einddatum is het verzekerde bedrag Australische $ 65.114,99;

- premies zijn niet langer verschuldigd dan tot de premievervaldag volgend op het overlijden van de verzekerde.”

Dat betekent dat de verschuldigdheid van premies afhangt van het leven van Y. Daarmee is de gesloten overeenkomst een levensverzekering. Dat Y twee jaar na het sluiten van de overeenkomst de verzekering premievrij heeft gemaakt doet aan de aard van de overeenkomst niet af. Het karakter van de overeenkomst moet immers worden beoordeeld op het moment van het afsluiten van de overeenkomst (art. 7:925 lid 1 BW).

Commentaar

Een kapitaalverzekering op vaste termijn is alleen een levensverzekering als er periodiek premies verschuldigd zijn. Vast staat dat er een verzekerd bedrag wordt uitgekeerd op de einddatum onafhankelijk van het in leven zijn van Y. De hoogte van dit bedrag is alleen afhankelijk van de dollar/euro koers op de einddatum. De afhankelijkheid van leven of dood is beperkt tot de premiebetaling. Hoeveel premies er worden betaald, is vooraf niet bekend. De uitkering blijft in dollars gelijk, ook al zou Y na één premiebetaling al komen te overlijden. Deze afhankelijkheid maakt deze overeenkomst een levensverzekering.

Dat betekent dat voor de inkomstenbelasting op de einddatum van de verzekering moet worden bekeken of aan alle voorwaarden is voldaan voor een vrijgestelde uitkering. Voor levensverzekeringen die gesloten zijn vóór 1 januari 2001 betekent dit dat er ten minste vijftien jaar jaarlijks premie moet zijn betaald en de hoogte van de premies niet mag fluctueren buiten een bepaalde bandbreedte. Doordat Y al na twee jaar de polis premievrij heeft gemaakt, is niet voldaan aan de eisen voor een vrijgestelde uitkering en is het rentebestanddeel terecht belast.

Dat de rechtbank hier een andere mening heeft is vreemd. Weliswaar is er vanaf het moment van premievrijmaking geen sprake meer van een kansovereenkomst inzake leven of overlijden. Maar of er sprake is van een levensverzekering moet worden vastgesteld op het moment van sluiten. Wanneer de mening van de rechtbank zou worden gevolgd, zou de uitkering ineens belastingvrij worden, terwijl tijdens de looptijd geen belasting betaald is.

Auteur: Joanna Hildering, adviseur Aegon Adfis

Bron: Gerechtshof Amsterdam, 31 juli 2019

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 3 oktober 2019