Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Eigen woningmaatregelen in Belastingplan 2017

30 september 2016

In het Belastingplan 2017 staat een aantal maatregelen met betrekking tot de eigen woning. Een aantal beleidsbesluiten (waaronder het zogenoemde tijdklemmenbesluit) wordt hiermee omgezet in wetgeving.

Hoge kapitaalvrijstelling eigen woning

Een belastingplichtige kan de hoge kapitaalvrijstelling eigen woning toepassen als:

  • a) het partnerschap van de belastingplichtige is geëindigd;
  • b) de belastingplichtige schuldhulpverlening wordt geboden;
  • c) de belastingplichtige een eigen woning heeft verkocht en hem, op het moment direct na die verkoop, nog steeds of opnieuw een eigen woning ter beschikking staat, of
  • d) er is vastgesteld dat de belastingplichtige financiële problemen heeft en als gevolg daarvan niet meer in staat is de lasten met betrekking tot zijn eigen woning te voldoen of naar verwachting binnen afzienbare tijd niet meer zal kunnen voldoen.

 

Deze bepaling is ook van toepassing op de spaarrekening eigen woning (SEW) en het beleggingsrecht eigen woning (BEW).

Vooral de derde bepaling betreft een verruiming van het tijdklemmenbesluit van 17 december 2014. Volgens dit besluit kon de minimumtermijnen voor het jaarlijks betalen van premie (20 jaar) achterwege worden gelaten wanneer de kapitaalverzekering eigen woning (KEW) tot uitkering komt als gevolg van het niet langer ter beschikking staan van een eigen woning. Dit is bijvoorbeeld het geval als iemand naar een huurwoning overgaat. Of als er sprake is van een restschuld. De eis van de minimumtermijnen voor het jaarlijks betalen van premie kan ook in andere situaties dan waarin men gaat huren of waarin een restschuld is ontstaan belemmerend werken. Zo geeft de mogelijkheid tot afkoop met behoud van vrijstelling bij verkoop van de eigen woning belastingplichtigen bij verhuizing meer flexibiliteit om tot de meest passende financiering van de nieuwe eigen woning te komen. Als een KEW daarbij niet langer past of gewenst is, kan men met behoud van de vrijstelling – mits aan de overige voorwaarden wordt voldaan – de keuze maken om de KEW vroegtijdig tot uitkering te laten komen.

Goedkoper wonen

De kapitaalvrijstelling eigen woning is nooit hoger dan de eigenwoningschuld op de uitkeringsdatum. Deze bepaling kan belemmerd werken als iemand goedkoper gaat wonen. Bijvoorbeeld omdat na verkoop van de oude woning een eigenwoningschuld ontbreekt. Of wanneer er sprake is van een lagere eigenwoningschuld dan waarvan sprake was bij het afsluiten van de KEW.

Als de KEW uiterlijk binnen zes maanden na de verkoop van de woning tot uitkering komt, wordt kapitaalvrijstelling eigen woning gemaximeerd op de eigenwoningschuld van de oude woning. Als de KEW op enig moment na deze termijn tot uitkering komt, geldt de hoofdregel en wordt de vrijstelling gemaximeerd op het bedrag van de op het tijdstip van uitkering aanwezige eigenwoningschuld.

Voorbeeld 1
A verkoopt zijn eigen woning voor € 220.000. Hij had een eigenwoningschuld van € 150.000 waarvoor een KEW is afgesloten. De waarde van de KEW bedraagt op het moment van verkoop € 100.000. A koopt vervolgens een nieuwe eigen woning van € 150.000 waarvoor hij een schuld van € 80.000 aangaat. Op basis van de hoofdregel zou bij uitkering van de KEW de vrijstelling worden gemaximeerd op een bedrag van € 80.000. Het rendement in het verschil tussen de uitkering (€ 100.000) en de maximale vrijstelling (€ 80.000) zou dan belast zijn. Op basis van de tegemoetkoming wordt, indien de KEW uiterlijk binnen zes maanden na de vervreemding van de woning tot uitkering komt, de vrijstelling gemaximeerd op een bedrag van € 150.000 (de

vóór vervreemding van de woning aanwezige eigenwoningschuld). Omdat de vrijstelling echter niet hoger kan zijn dan de feitelijke uitkering, geldt een vrijstelling van € 100.000 en is de uitkering volledig vrijgesteld.

A kan de KEW dus tot uiterlijk zes maanden na vervreemding van de woning geheel vrijgesteld tot uitkering laten komen. Hij heeft voldoende kapitaal opgebouwd in de KEW om zijn resterende eigenwoningschuld te kunnen aflossen. Kiest A er desondanks voor om de KEW door te laten lopen dan geldt bij latere uitkering de hoofdregel en is maximaal € 80.000 van die uitkering vrijgesteld.

Voorbeeld 2
Als voorbeeld 1, maar nu is de opgebouwde waarde in de KEW € 60.000.

Op basis van de hoofdregel zou bij uitkering van de KEW de vrijstelling worden gemaximeerd op een bedrag van € 80.000. Als A de KEW binnen zes maanden na vervreemding tot uitkering zou laten komen is de tegemoetkoming niet nodig. Op grond van de hoofdregel is de uitkering van € 60.000 al geheel vrijgesteld.

A heeft nog niet voldoende kapitaal opgebouwd in de KEW om zijn resterende eigenwoningschuld te kunnen aflossen. A kan ervoor kiezen de KEW desondanks vrijgesteld tot uitkering te laten komen. Indien hij ervoor kiest de KEW door te laten lopen dan geldt bij latere uitkering de hoofdregel en is maximaal € 80.000 van die uitkering vrijgesteld. Omdat A uiteindelijk niet meer dan € 80.000 aan uitkering nodig heeft om zijn eigenwoningschuld af te kunnen lossen, kan hij ervoor kiezen zijn toekomstige opbouw in de KEW bij te stellen door bijvoorbeeld het verzekerde kapitaal te verlagen of de looptijd te verkorten.

Commentaar

Om gebruik te maken van de kapitaalvrijstelling eigen woning voordat de 20 jaarperiode is verstreken, is het niet langer nodig dat er sprake is van een restschuld of verhuizing naar een huurwoning. Voorwaarde om gebruik te kunnen maken van de kapitaalvrijstelling eigen woning blijft de plicht om de eigenwoningschuld af te lossen.

Met deze verruiming van de kapitaalvrijstelling krijgen belastingplichtigen bij verhuizing en aankoop van een nieuwe eigen woning meer flexibiliteit om tot de meest passende financiering van de nieuwe eigen woning te komen. Een goede zaak.

Voor meer informatie over Prinsjesdag, de Miljoenennota en Belastingplan 2017 verwijzen wij naar onze speciale nieuwsbrief.

Auteur: Johannes van der Veen, jurist Aegon Leven

Bron: Belastingplan 2017

 

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 30 september 2016.