Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Fiscale discriminatie in Polen

23 oktober 2015

De Europese Commissie vindt dat Poolse fiscale regels over aftrek van pensioenpremies strijdig zijn met het vrije verkeer binnen de Europese Unie. En neemt maatregelen die Polen voor het Europese Hof van Justitie kunnen brengen. 

Wat is er aan de hand?

De Poolse belastingwetgeving behandelt premies voor een particuliere pensioenrekening gunstiger wanneer iemand deze betaalt aan een Poolse financiële instelling dan aan een buitenlandse financiële instelling. Volgens de Poolse nationale bepalingen kan een belastingplichtige zijn pensioenpremies voor een individuele pensioenrekening (IKZE) slechts aftrekken als hij deze betaalt aan Poolse investeringsfondsen, makelaars, verzekeringsinstellingen, banken en pensioenfondsen. De fiscale behandeling van dergelijke binnenlandse betalingen is dus gunstiger dan premies die worden betaald voor soortgelijke financiële producten aan instellingen in andere lidstaten van de EU.

Volgens de Europese Commissie kan deze verschillende fiscale behandeling een belemmering opleveren van de vrijheid van dienstverrichting en het vrije verkeer van kapitaal volgens de EU-verdragen. De Commissie start met een inbreukprocedure tegen Polen en verzoekt Polen zijn nationale belastingregels te wijzigen. Als er binnen twee maanden geen bevredigend antwoord komt, kan de Commissie Polen voor het Hof van Justitie van de EU dagen.

Hoe werkt de inbreukprocedure?

Als de Europese Commissie een mogelijke overtreding van de EU-wetgeving vaststelt of een klacht ontvangt, probeert zij het onderliggende probleem snel op te lossen via overleg met de betrokken lidstaat. De lidstaat mag dan meer feitelijke of juridische informatie over de kwestie geven en kan zo een formele inbreukprocedure voorkomen.

Als de lidstaat het niet eens is met de Commissie of de vermoede inbreuk op de EU-wetgeving niet rechtzet, kan de Commissie een formele inbreukprocedure starten. Deze omvat een aantal stappen, die zijn vastgesteld in de Verdragen.

Fase Wat gebeurt er in deze fase
1. Ingebrekestelling
  • De Commissie verzoekt de nationale regering om binnen twee maanden te reageren.
2. Met redenen omkleed advies
  • Geen antwoord? Onbevredigend antwoord? De Commissie somt de redenen op waarom zij van mening is dat de lidstaat de EU-wetgeving niet naleeft.
  • De lidstaat heeft twee maanden om zijn wetgeving aan te passen.
3. Verwijzig naar het Hof van Justitie
  • Geen antwoord? Onbevredigend antwoord? De Commissie verzoekt het Hof een juridische procedure te starten. 
  • Meestal komt het niet zover. De voorbije jaren werd meer dan 85% van de zaken opgelost vóór deze fase.
  • Als een lidstaat de maatregelen tot uitvoering van een richtlijn niet meedeelt, kan de Commissie in dit stadium het Hof van Justitie verzoeken een boete en/of een dwangsom op te leggen.

 

4. Arrest van het Hof van Justitie
  • Na gemiddeld 2 jaar beslist het Hof of de lidstaat een inbreuk heeft gepleegd op het EU-recht.
  • De nationale regering moet dan haar wetten of praktijken aanpassen en zo het oorspronkelijke probleem zo spoedig mogelijk oplossen.
5. Tweede verwijzing naar het Hof van Justitie
  • De lidstaat geeft nog altijd niet toe? De Commissie stuurt een nieuwe ingebrekestelling.
  • Geen antwoord? Onbevredigend antwoord? De Commissie kan de zaak opnieuw aan het Hof voorleggen en een boete en/of dwangsom voorstellen.

Conclusie

Het verbaast ons dat er nog steeds lidstaten zijn die bepalingen in hun belastingwetgeving hebben die fiscale aftrek alleen toestaan als premies betaald worden aan binnenlandse financiële instellingen. En het is nog wonderlijker dat een lidstaat het tot een inbreukprocedure laat komen. De arresten van het Europese Hof van Justitie laten immers niets aan onduidelijkheid te wensen over. Al in 2002 oordeelde het Hof in zaak Danner dat een vergelijkbare bepaling in de Finse wetgeving niet toelaatbaar is. Dat bevestigde het Hof in 2003 (Skandia) en in 2007 (EC tegen Denemarken). Wij zijn benieuwd of de Poolse regering het Hof laat oordelen. De uitkomst lijkt op voorhand wel duidelijk. Aan de andere kant, als Polen wacht op een uitspraak van het Hof, kan de bepaling nog een paar jaar in de belastingwetgeving blijven staan. En gedurende al die tijd belemmert dit de concurrentie op de Poolse markt.

 

Auteur: Erik Schouten, adviseur internationale pensioenen Aegon Adfis

Bron: Persbericht Europese Commissie, 22 oktober 2015

 

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 23 oktober 2015