Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zakelijk Adfis Nieuws Geen rechten te ontlenen aan Mijnpensioenoverzicht.nl

Geen rechten te ontlenen aan Mijnpensioenoverzicht.nl

22 februari 2020

Onlangs oordeelde de rechter dat een AOW-gerechtigde geen aanspraak kan maken op de (hogere) AOW-uitkering die vermeld stond in zijn ‘Mijnpensioenoverzicht.nl’.

Opgebouwd AOW-pensioen

X woont sinds 1986 in België. Tot 7 maart 1988 werkte hij in Nederland in loondienst. Vanaf 8 maart 1988 ontving hij een WAO-uitkering naar een arbeidsongeschiktheidspercentage van 25-35%.

Op 3 januari 2019 verzocht X de Svb om een beoordeling van zijn opgebouwde AOW-pensioen. De Svb verstrekte hem een pensioenoverzicht waaruit blijkt dat X van 15 april 1974 tot en met 31 december 1999 aangemerkt is als verzekerd voor de AOW. En dat X van 1 januari 2000 tot en met 4 januari 2019 is aangemerkt als niet-verzekerd voor de AOW. X maakte hiertegen bezwaar. Hij is het er niet mee eens, dat hij vanaf 1 januari 2000 geen AOW-pensioen zou hebben opgebouwd.

De Svb wijst dit bezwaar af. Zij stelt dat X vanaf 8 maart 1988 op grond van de hoogte van het arbeidsongeschiktheidspercentage niet verzekerd was voor de volksverzekerings-wetten. Dit strookt volgens de Svb met de vaststelling dat er ook nooit loonheffing of premies volksverzekeringswetten op de arbeidsongeschiktheidsuitkering van X zijn ingehouden.

X gaat in hoger beroep.

Verzekerde tijdvakken

De rechtbank constateert dat niet in geschil is dat X tot 7 maart 1988 in Nederland in loondienst was en vanaf 8 maart 1988 een arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft ontvangen met een aanvankelijke arbeidsongeschiktheidsklasse van 25-35%. Op basis van deze gegevens stelt de rechtbank vast dat de Svb X op goede gronden tot 7 maart 1988 als verplicht verzekerd heeft aangemerkt. Voor het tijdvak vanaf 8 maart 1988 voldoet X namelijk niet aan de wettelijke voorwaarden om verzekerd te zijn voor de AOW. De overwegingen hierbij zijn dat de regelgeving met betrekking tot de AOW er kortweg op neer komt dat je verzekerd bent voor de AOW wanneer je in Nederland woont of in Nederland in loondienst werkt. Als je in een lidstaat van de EU woont, een arbeidsongeschiktheidsuitkering uit Nederland ontvangt van ten minste 45%, werk je niet buiten Nederland én ontvang je geen buitenlandse uitkering, dan ben je tot 1 juli 1989 verzekerd voor de AOW.

Volgens de rechtbank heeft de Svb de verzekerde tijdvakken van X dus juist vastgesteld.

Beroep op vertrouwensbeginsel slaagt niet

In beroep voert X ook aan dat hij jarenlang verkeerd is ingelicht door overheidsinstanties over zijn opgebouwde pensioenrecht. Volgens X heeft hij daarom recht op pensioenopbouw zoals deze tot december 2018 op de website ‘mijnpensioenoverzicht.nl’ is gepubliceerd. De rechtbank merkt dit standpunt aan als een beroep op het vertrouwensbeginsel, in die zin dat X - gelet op inhoud van ‘mijnpensioenoverzicht.nl’- erop mocht vertrouwen dat hij tot en met december 2018 verzekerd was voor de AOW.

Ook daarin krijgt X geen gelijk.

De rechtbank hierover: Naar vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep kan een beroep op het vertrouwensbeginsel volgens de rechtbank alleen slagen wanneer “door een tot beslissen bevoegd orgaan ten aanzien van de betrokkene uitdrukkelijke, ondubbelzinnige en ongeclausuleerde toezeggingen zijn gedaan die bij de betrokkene gerechtvaardigde verwachtingen hebben gewekt.” Volgens de rechtbank was daarvan geen sprake met betrekking tot de verzekerde tijdvakken van X en slaagt het beroep van X op het vertrouwensbeginsel daarom niet.

De rechtbank kan zich wel voorstellen dat een informatievoorziening die stelt dat de verkregen informatie afkomstig is van de Svb verwarring kan veroorzaken bij betrokkenen die menen op deze informatie te mogen vertrouwen. Volgens de rechtbank kan dit echter niet leiden tot een gerechtvaardigd opgewekt vertrouwen dat aan de Svb kan worden toegerekend. Op het overzicht staat immers ook duidelijk vermeld dat aan het overzicht geen rechten kunnen worden ontleend en dat men altijd de informatie van de Svb moet lezen omdat daar belangrijke persoonlijke informatie in staat. Deze mededeling had volgens de rechtbank voldoende aanleiding moeten zijn om nadere inlichtingen over de verzekerde tijdvakken in te winnen bij de Svb zelf.

Commentaar

De uitspraak is helder en niet verrassend: je kunt geen rechten ontlenen aan de informatie in ‘mijnpensioenoverzicht.nl’. Maar doorgaans ook niet aan het uniform pensioenoverzicht voor het tweede pijler pensioen. Voor het tweede pijler pensioen is het vaste jurisprudentie dat het pensioenreglement de enige bron is van de aanspraken van een deelnemer. Zie ons nieuwsbericht van 25 mei 2018 en 26 november 2018. Voor de sociale verzekeringswetten is desbetreffende wet, regelgeving en informatieverstrekking aan de persoon bepalend. De informatie die de Svb X had verstrekt over de opbouwjaren van zijn AOW was correct.

Auteur: Vera Hek, adviseur Aegon Adfis

Bron: Rechtbank Amsterdam, 17 december 2019, publicatiedatum 23 januari 2020

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 21 februari 2020