Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Hoe staat het met de AOW en de Anw?

21 juli 2015

De wijzigingen en wijzigingsplannen voor pensioenen volgen elkaar nog steeds in snel tempo op. Maar weet u nog wat de status is van al die plannen? En wanneer de wijzigingen ingaan of (misschien al) zijn ingegaan? En houdt het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zich nog aan de planning, die zij op 1 mei afgaf aan de Tweede Kamer, waarover wij u berichtten op 6 mei?

Net als vorig jaar zetten wij voor u een aantal pensioenonderwerpen op een rij. Dit jaar over de onderwerpen: de AOW en de Anw; het pensioenen in de tweede pijler; het netto pensioenen; het pensioen in eigen beheer van de directeur-grootaandeelhouder en samenloop van pensioen en WW. In dit nieuwsbericht gaan wij in op de AOW en Anw.

 

AOW ingang

Op 2 juni 2015 nam de Eerste Kamer het wetsvoorstel “Versnelling stapsgewijze verhoging AOW-leeftijd” aan. Vanaf 2016 gaat de AOW-leeftijd elk jaar in stappen van drie maanden omhoog. Vanaf 2019 tot 2022 worden dit stappen van vier maanden.

Jaar

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Verhoging met

1 mnd

3 mnd

3 mnd

3 mnd

4 mnd

4 mnd

4 mnd

AOW-leeftijd

65 +3 mnd

65 + 6 mnd

65 + 9 mnd

66 mnd

66 + 4 mnd

66 + 8 mnd

67

 

De eerste AOW-uitkering gaat in op de dag dat de AOW-gerechtigde de AOW-leeftijd bereikt.

Vanaf 2022 wordt de AOW-leeftijd gekoppeld aan de levensverwachting. De verdere verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd en de aanvangsleeftijd wordt jaarlijks, voor de eerste maal uiterlijk op 1 januari 2017 voor het jaar 2022, vastgesteld volgens de formule: V = (L – 18,26) – (P – 65). Hierbij staat L voor de L staat voor de (door het CBS geraamde) gemiddelde resterende levensverwachting op 65-jarige leeftijd en  de P voor de pensioendatum in het in het kalenderjaar voorafgaande aan het kalenderjaar van verhoging. Als de uitkomst van deze formule 0,25 of meer bedraagt, wordt de AOW-leeftijd met drie maanden verhoogd.

De rijksoverheid heeft op haar site een tool opgenomen waarmee u eenvoudig de AOW-leeftijd vaststelt. Hier vindt u die tool.

 

Overbruggingsregeling

Degenen die op 1 januari 2015 met prepensioen of VUT zijn, kunnen door de verhoging van de AOW-leeftijd te maken krijgen met een inkomensgat. Dit gat ontstaat omdat de AOW-uitkering later ingaat dan het prepensioen- of de VUT-uitkering stopt. Alleen mensen die geen of te weinig (gezamenlijk) inkomen hebben in de periode tussen 65 jaar en de verhoogde AOW-leeftijd kunnen een beroep doen op deze regeling.

De overbrugging is een uitkering op minimumniveau. Voor alleenstaanden is de inkomensgrens 200% van het wettelijk minimumloon (WML). Dat is een bruto maandbedrag van € 3.015,60 (1 juli 2015). Voor samenwonenden geldt een gezamenlijk inkomensgrens van 300% van het WML. Dat is een bruto maandbedrag van € 4.523,40 (1 juli 2015).

Een soortgelijke regeling bestond al. Maar die zou in 2019 eindigen. De regeling eindigt nu in 2023. De regeling geldt nu ook voor mensen die tussen 1 januari 2013 en 1 juli 2015 met VUT of vroegpensioen zijn gegaan.

 

AOW-aanvangsleeftijd gaat mee omhoog

AOW bouw je op gedurende vijftig jaar vóór de AOW-leeftijd. Nu de AOW-leeftijd versneld omhoog gaat, gaat de aanvangsleeftijd gelijk mee omhoog.

 

Partner toeslag

Op 1 april 2015 verviel de inkomensafhankelijke partnertoeslag. Dit is een toeslag die AOW-ers met een jongere partner kregen wanneer die partner geen of weinig inkomen heeft. Degenen die voor  1 januari 1950 geboren zijn en een AOW-toeslag ontvangen, behouden deze toeslag van maximaal 50% van het netto WML totdat de jongere partner AOW-pensioen krijgt of een te hoog inkomen krijgt.

De hoogte van de toeslag is ook afhankelijk van het gezamenlijk inkomen van de AOW-er en de partner. Bij een gezamenlijk inkomen (het AOW-pensioen telt ook mee) dat hoger is dan € 2.638,06 bruto per maand (1 juli 2015) verlaagt de SVB de toeslag met maximaal 10%. Lees hier meer over die korting.

 

Kostendelersnorm AOW uitgesteld

De AOW-uitkering voor een AOW-er die samenwoont bedraagt 50% van het WML. Maar  een AOW-er die samenwoont met een eerste graad bloedverwant krijgt op dit moment nog  70% van het WML. De kostendelersnorm houdt in dat onder meer de AOW of nabestaandenuitkering Anw lager wordt als er meer personen van 21 jaar of ouder op één adres wonen. De relatie tussen de kostendelers doet er niet toe.

De bedoeling was dat de kostendelersnorm voor de AOW zou ingaan op 1 juli 2016. En voor de Anw op 1 juli 2015. Klijnsma stuurde de Eerste en Tweede Kamer op 18 juni een brief waarin zij aangaf de kostendelersnorm voor de AOW te uit te stellen naar 1 januari 2018 omdat deze norm een negatieve invloed kan hebben op de keuze rond mantelzorg.

Met ingang van 1 januari 2015 geldt de kostendelersnorm al voor bijstandsgerechtigden die een woning delen met meer volwassenen. Hoe meer personen van 21 jaar of ouder in een woning, hoe lager de bijstandsuitkering. De reden hiervoor is dat als er meer personen in een woning wonen, de woonkosten gedeeld kunnen worden.

 

AOW-bedragen per 1 juli 2015

Algemene ouderdomswet

Uitkering bruto per maand

Vakantie uitkering bruto per maand

Alleenstaanden en alleenstaande ouders

€ 1.113,56

€ 71,21

Gehuwde* zonder toeslag

€ 767,39

€ 50,85

Gehuwde * met volledige toeslag

€ 1.509,43

€ 101,70

Maximale toeslag

€ 767,39

€ 50,85

*) Gehuwd of met partner

De brutobedragen per maand zijn inclusief een inkomensondersteuning van € 25,35 per maand.

 

Kostendelersnorm Anw

Sinds 1 juli 2015 geldt de kostendelersnorm voor de Anw.

Voor degenen met een Anw-uitkering en een kostendeler van 21 jaar of ouder gaat de Anw-uitkering per 1 juli 2015 iets omlaag. Jaarlijks wordt het normbedrag van de Anw-uitkering  minder, tot het normbedrag van 50% van het netto minimumloon is bereikt.

Het normbedrag van 70% van het minimumloon wordt als volgt  verlaagd:

  • 1 juli 2015 naar 68%
  • 1 januari 2016 naar 65%
  • 1 januari 2017 naar 60%
  • 1 januari 2018 naar 55%
  • 1 januari 2019 naar 50%

De overige inkomsten worden helemaal of gedeeltelijk van het normbedrag afgetrokken.

Lees hier meer over de kostendelersnorm en de Anw

 

Nieuwe woonlandfactoren per 1 januari 2016

Als de uitkeringsgerechtigde in het buitenland woont worden de kinderbijslag en/of Anw-uitkering aangepast aan het kostenniveau van het woonland. Per land is vastgesteld hoeveel procent van het maximale bedrag aan kinderbijslag of Anw-uitkering iemand krijgt.

Een overzicht van alle landen en percentages per 2016 lees je hier.  

Deze percentages (woonlandfactoren) worden één keer per jaar opnieuw bekeken. Vanaf 1 januari 2016 gelden voor veel landen nieuwe percentages

 

Anw uitkering per 1 juli 2015

Algemene nabestaandenwet

Uitkering bruto per maand *

Vakantie uitkering bruto per maand

Nabestaandenuitkering

€ 1.155,01

€ 85,85

* Het bruto bedrag is inclusief de tegemoetkoming Anw van € 16,65.

 

Auteur: Vera Hek, adviseur Aegon Adfis

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 21 juli 2015