Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Hoofdlijnen voorgenomen belastingherziening

22 juni 2015

Op 19 juni stuurde het kabinet een brief aan de Tweede Kamer met daarin de hoofdlijnen van de voorgenomen belastingherziening. Doel is een vereenvoudiging van het belastingstelsel, het verlagen van de lasten op arbeid en het bevorderen van de economische groei. Gezien de politieke reacties op de brief van het kabinet is onzeker welke plannen daadwerkelijk omgezet gaan worden in wetgeving.      

Hoofdlijnen belastingherziening

Het kabinet rekent op een netto lastenverlichting van € 5 miljard. Een dergelijke lastenverlichting zorgt ervoor dat werkenden er gemiddeld 1,5% tot 3% in koopkracht op vooruit gaan. Afhankelijk van het uiteindelijke pakket maatregelen gaan werkende huishoudens gemiddeld circa € 800 tot € 2.000 per jaar minder inkomstenbelasting betalen. Daarnaast wordt het voor werkgevers aantrekkelijker om mensen in dienst te nemen. Het duurzame werkgelegenheidseffect van voorgenomen maatregelen kan oplopen tot circa 60.000 banen. 

Daling van de lasten op arbeid

Het kabinet werkt de volgende maatregelen uit:

  • Een verhoging van de inkomensafhankelijke combinatiekorting (ca. € 0,25 mld) en een verhoging van de kinderopvangtoeslag (eveneens ca. € 0,25 mld) om de arbeidsparticipatie van werkende ouders met jonge kinderen te bevorderen.
  • Een gericht loonkostenvoordeel om het voor werkgevers aantrekkelijker te maken mensen met lage inkomens aan te nemen (ca. € 0,50 mld).
  • Een forse intensivering van de arbeidskorting voor inkomens tot ongeveer € 50.000 (ca. € 2,50 mld).
  • Een verlaging van de tarieven in de tweede en derde belastingschijf met circa 2%-punt (ca. € 2,70 mld).
  • Een verhoging van de inkomensgrens van het toptarief (ca. € 0,90 mld). Hierdoor geldt het tarief van 52% vanaf een hoger inkomen. Hiermee wordt het aangrijpingspunt van het toptarief meer vergelijkbaar met wat in andere landen gebruikelijk is.
  • Medefinanciering van deze maatregelen door een volledige afbouw van de algemene heffingskorting (ca. -€ 2,10 mld).

 

Vereenvoudiging van het belastingstelsel

Het kabinet wil het stelsel vereenvoudigen, de belastingwetgeving begrijpelijker en beter uitvoerbaar maken. Daarnaast wil het kabinet een nieuwe financieringssystematiek voor de kinderopvangtoeslag die leidt tot minder administratief gedoe voor de burger.

Herziening autobelastingen

In een andere brief van 19 juni (Autobrief II) doet het kabinet voorstellen om de doelmatigheid van de duurzaamheidsprikkels voor auto’s te verhogen. Daarnaast zet het in op een beter uitvoerbaar en minder fraudegevoelig belastingsysteem.

Hervorming van de vermogensrendementsheffing 

Veel belastingplichtigen in box 3, vooral degenen met alleen een spaarrekening, hebben het gevoel belasting af te dragen over een opbrengst die er niet is geweest. Een heffing op basis van werkelijk in dat jaar gerealiseerde rendement wordt door velen als gewenste oplossing genoemd. Volgens het kabinet is dit zeer complex en binnen afzienbare termijn voor de Belastingdienst niet uitvoerbaar. Het kabinet heeft daarom een alternatief uitgewerkt waarin het rendement per vermogenstitel (spaarsaldo, aandelenportefeuille, onroerend goed) periodiek wordt afgestemd op in de markt gerealiseerde rendementen. De vermogensmix van de belastingplichtige wordt langs forfaitaire maatstaven gedifferentieerd, zodat die gemiddeld beter aansluit bij de genoten rendementen. Het tarief van 30% blijft ongewijzigd. Het kabinet beziet de mogelijkheden van een uitvoerbare tegenbewijsregeling.

Andere mogelijke maatregelen

Om te komen tot een verdere verlaging van de lasten op arbeid, het bevorderen van economische groei en vereenvoudiging van het belastingstelsel zijn hier bovenop nog enkele andere opties mogelijk. Maatregelen waarvan is gebleken dat hiervoor nu geen breed draagvlak bestaat zijn afgevallen. Dit betreft bijvoorbeeld het beter spreiden van de belastingdruk van particulieren over de levensloop en het verlagen van de tarieven door het snoeien in concrete aftrekposten.

Denkbare maatregelen waarvoor volgens het kabinet politiek draagvlak mogelijk lijkt, zijn:

  • Uniformering van de btw met uitzondering van voedingsmiddelen. 
  • Een meer gelijke behandeling van eigen vermogen (dividend) en vreemd vermogen (rente).  
  • Verdere vergroening. 
  • Verruimen van mogelijkheden van gemeenten om belasting te heffen.
  • Vereenvoudigingen van de zorgtoeslag.

 

Het vervolg

Het kabinet streeft ernaar om op Prinsjesdag een voorstel klaar te hebben. Indien mogelijk wordt al een eerste stap gezet in het Belastingplan 2016. 

Commentaar

Niemand zal tegen de doelstellingen van het kabinet zijn voor belastinghervorming (vereenvoudiging van het belastingstelsel, het verlagen van de lasten op arbeid en het bevorderen van de economische groei). De brief van het kabinet aan de Tweede Kamer geeft een indicatie van de mogelijke hervormingen. Wat er daadwerkelijk van terecht gaat komen is op dit moment onzeker. In de voorstellen komen pensioen en lijfrente niet voor. Dat is ook niet zo raar omdat de laatste jaren op fiscaal gebied al veel is gewijzigd. Dat geeft echter geen garantie; we moeten het Belastingplan 2016 afwachten om zekerheid te krijgen. 

Auteur: Erik Schouten, adviseur Aegon Adfis
Bron: Brief kabinet van 19 juni 2015 aan de Tweede Kamer met als onderwerp “Belastingherziening”   

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 22 juni 2015