Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Kopie-identiteitsbewijs waardevol bewijs

20 februari 2015

Een verzekeringnemer betwist de rechtsgeldigheid van afkoop van de verzekering waarop zij medeverzekeringnemer is. En vindt dat de verzekeraar het afkoopbedrag aan haar moet overmaken.

Wat speelt er?

De heer A en mevrouw B woonden ongehuwd samen. Zij sloten samen twee levensverzekeringen bij een verzekeraar. 

In 2011 vroeg A aan de verzekeraar om de twee levensverzekeringen af te kopen. De verzekeraar  vroeg A om twee door beide verzekeringnemers ondertekende aanvraagformulieren toe te sturen. Ook vroeg de verzekeraar om een kopie van het identiteitsbewijs van B. A stuurde de verzekeraar de twee formulieren en de kopie van het identiteitsbewijs van B toe. De verzekeraar berichtte A daarna dat zij € 35.229,24 had overgemaakt op het door hem opgegeven bankrekeningnummer. 

In juli 2012 eindigt de relatie tussen A en B. Daarna hoort B dat A de verzekeringen heeft afgekocht. Volgens B heeft de afkoop plaatsgevonden zonder haar medeweten. Zij stapt naar de rechter en eist dat de verzekeraar de som van € 35.229,24, vermeerderd met de wettelijke rente, aan haar betaalt. De verzekeraar heeft volgens B zijn zorg- en onderzoeksplicht geschonden. Volgens B heeft de verzekeraar de afkoopwaarde overgemaakt naar een door A opgegeven buitenlandse bankrekening zonder nadere controle en zonder contact met haar op te nemen.

Rechtbank Den Haag

De rechtbank wijst de vordering van B af. De rechtbank vindt dat de verzekeraar de afkoopsommen rechtsgeldig heeft overgemaakt naar de bankrekening die A opgaf. En dat de verzekeraar niet kan worden verweten dat hij zijn zorg- en onderzoeksplicht heeft geschonden door zonder nadere controle en zonder contact met B op te nemen de afkoopwaarden van de verzekeringen over te maken. 

Rechtbank: “Een verzekeraar mag er, behoudens gevallen waarin de verzekeraar duidelijke aanwijzingen heeft dat er een reëel risico op vervalsing bestaat, van uit gaan dat handtekeningen niet zijn vervalst wanneer een kopie van het identiteitsbewijs wordt meegezonden. Het gaat te ver om van een verzekeraar te verlangen dat hij er vervolgens toe overgaat de handtekening op de kopie van het identiteitsbewijs te vergelijken met de handtekening op het betreffende formulier.” 

Het opvragen van een kopie van het identiteitsbewijs vormt volgens de rechtbank een voldoende controlemechanisme om de vervalsing van handtekeningen tegen te gaan. En die verzekeraar mag er van uit gaan dat een kopie van een identiteitsbewijs uitsluitend kan worden toegezonden met instemming of medewerking van de eigenaar van het identiteitsbewijs. B had er zelf voor moeten zorgdragen dat A niet, zoals zij stelde, zonder haar toestemming een kopie van haar identiteitsbewijs kon gebruiken. 

Volgens de rechtbank was er voor de verzekeraar ook geen aanleiding om te veronderstellen dat er gefraudeerd werd. Mede omdat de verzekeraar er niet van op de hoogte was dat de samenwoning was beëindigd.

Commentaar

Deze uitspraak geeft een handvat voor verzekeraars met betrekking tot haar zorg- en onderzoekplicht bij afkoop van een levensverzekering. En wat er van die verzekeraars mag worden verwacht met betrekking tot controle van de juistheid van een handtekening. In deze casus was de aanwezigheid van een kopie van het identiteitsbewijs van B van groot belang. Op basis daarvan mocht de verzekeraar ervan uitgaan dat B had ingestemd met de afkoop. 

In ons nieuwsbericht van november 2014 schreven wij over een vergelijkbare situatie. In die zaak betwistte een weduwe de rechtsgeldigheid van uitruil van het partnerpensioen in een hoger ouderdomspensioen omdat zij daarvoor nooit een handtekening had gezet. Het hof Den Haag achtte de pensioenuitvoerder toen aansprakelijk omdat de pensioenuitvoerder had moeten controleren of de weduwe had ingestemd met de ruil. Of de pensioenuitvoerder in die casus beschikte over een kopie van het identiteitsbewijs van de weduwe is ons niet bekend. Wij vermoeden van niet omdat daarop in de uitspraak niet is ingegaan. Het ligt daarom voor de hand dat pensioenuitvoerders voortaan een kopie van het identiteitsbewijs van de partner verlangen bij bijvoorbeeld een uitruilverzoek. 

 

Auteur: Vera Hek, adviseur Aegon Adfis

Bron: Rechtbank Den Haag, 14 januari 2015

 

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 20 februari 2015