Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zoekveld

Lenen van BV leidt tot afkoop van pensioen

12 oktober 2018

Een DGA met pensioen in eigen beheer gaat leningen aan met zijn BV. De leningen bevatten een positieve/negatieve hypotheekverklaring. De zekerheden van de BV worden ongedaan gemaakt door het aangaan van de een nieuwe lening met hypothecaire zekerheid door de DGA met een bank. Inspecteur en rechter vinden dat de DGA het pensioen heeft afgekocht.

Leningen en pensioen in eigen beheer

De heer X is directeur en enig aandeelhouder van A BV. A BV kent aan X pensioenaanspraken toe die ze in eigen beheer houdt. X bezit een tweede woning in Bonaire. In 2005 gaat X leningsovereenkomsten aan met A BV tot een bedrag van ruim één miljoen euro. In de leningsovereenkomsten is opgenomen dat de woning in Bonaire als zekerheid voor deze leningen dient. Volgens de leningsovereenkomsten moet X op eerste aanmaning van A BV hypothecaire zekerheid verlenen op deze woning. Gedurende de leningsovereenkomst mag X de woning op Bonaire niet belasten met een hypothecaire zekerheid ten behoeve van een derde (positieve/negatieve hypotheekverklaring).

X heeft ook nog een rekening-courantschuld bij A BV. Volgens de rekening-courantovereenkomst gelden hierbij dezelfde zekerheidseisen als bij de leningsovereenkomsten.

Op 1 juni 2010 ging X een aflossingsvrije hypothecaire geldlening aan voor een bedrag van één miljoen dollar bij B Bank NV Tot zekerheid vestigde A ten behoeve van B Bank NV een recht van eerste hypotheek op de woning op Bonaire.

Op de balans van A BV stond op 31 december 2010 een pensioenvoorziening ten behoeve van X met een fiscale waarde van € 726.382. De totale waarde van de activa van A BV bedroeg op die datum ongeveer € 1.600.000, waarvan circa € 1.475.000 uit leningen aan X. Het totale vermogen van X (exclusief de waarde van de aandelen in A BV) is op het einde van 2010 bijna € 1.400.000 negatief.

De inspecteur legt aan X een naheffingsaanslag IB/PHVV 2010 op omdat hij vindt dat het pensioen op een bijzondere manier is genoten. Hij rekent de waarde in het economische verkeer van het pensioen, groot € 1.474.140, tot het inkomen van X en heft hierover ook 20% revisierente.

X bestrijdt deze navordering. X stelt dat er geen sprake is van een nieuw feit. Ook is er volgens hem, gezien de waarde van zijn eigen woning (€ 3.700.000) en de woning op Bonaire (€ 2.050.000), voldoende vermogen aanwezig om de leningen aan A BV te zijner tijd af te lossen.

Nieuw feit

Volgens artikel 16 Algemene wet inzake rijksbelastingen kan een feit, dat de inspecteur bekend was of redelijkerwijs bekend had kunnen zijn, geen grond voor navordering opleveren. De inspecteur stelt dat het hem pas in 2015 duidelijk is geworden, dat de zekerheid die A BV had voor de aflossing van de schulden van X, door de vestiging van een recht van hypotheek op de woning op Bonaire, verloren is gegaan. De rechter volgt de inspecteur in deze stelling omdat X had nagelaten in de aangiften vennootschapsbelasting te wijzen op het verminderen van de zekerheid van de geldleningen door vestiging van hypothecaire zekerheid voor B Bank NV. Daaraan doet volgens de rechter niet af dat X in de aangifte 2010 de lening van B Bank NV wel opnam. Er is dus volgens de rechter wel sprake van een nieuw feit.

Afkoop of prijsgeven pensioenaanspraak

De rechter stelt de waarde in het economische verkeer van de pensioenaanspraak vast op € 1.474.140. De waarde van de eigen woning en de tweede woning op Bonaire stelt de rechtbank vast, conform de eigen aangifte IB/PVV 2010 van A, op totaal € 3.414.000. De rechtbank acht het niet aannemelijk dat de gezamenlijke waarde van de woningen in 2010 voldoende was om de schuld aan A BV te kunnen voldoen. Bij verkoop van de woningen zou X daarmee zijn bankschulden moeten aflossen. Gezien de inkomens- en vermogenspositie van X in 2010 en het na 2010 steeds verder oplopen van de schuld aan A BV (2015: € 1.822.953) vindt de rechtbank het aannemelijk dat X zijn schulden aan A B.V. in 2010 niet meer zou kunnen voldoen.

A BV heeft bij het aangaan van de hypothecaire lening van X met B Bank NV geen actie ondernomen en daarom volgens de rechter een verhaalsmogelijkheid opgegeven. Door zo te handelen heeft A B.V. X bevoordeeld. De vestiging van het recht van eerste hypotheek ten behoeve van B Bank NV in 2010 moet worden aangemerkt als afkoop van de pensioenaanspraken van X. 

Commentaar

De kantonrechter bevestigt in deze uitspraak dat het aangaan van leningen door de DGA met zijn BV kan leiden tot afkoop van pensioen. Als de omvang van deze leningen in relatie tot de overige activa en passiva hoog is en er is onvoldoende zekerheid gesteld door de DGA, kan gesteld worden dat het pensioen op een bijzondere manier door de DGA is genoten. Dit leidt tot afkoop van het pensioen in eigen beheer.

Het op deze wijze genieten van pensioen is lastig aan te tonen door de inspecteur. X dacht nog weg te komen door te stellen dat er geen nieuw feit was voor de naheffing. Hij stelde dat al in 2005, bij het aangaan van de leningen met de BV, de afkoop verondersteld had moeten worden. De rechter gaf hem echter geen gelijk. Daarbij speelde ook mee dat de waarde van de eigen woning en de tweede woning in 2005 veel hoger was dan de waarde in 2010.

Mede om dergelijke discussies in de toekomst te voorkomen heeft de regering in het Belastingplan 2019 een maatregel voorgesteld die het excessief lenen van de eigen BV moet ontmoedigen. Als de totale som van schulden van de DGA (ab-houder) aan zijn eigen BV meer dan € 500.000 bedraagt, wordt dat meerdere als inkomen uit aanmerkelijk belang in aanmerking genomen. De maatregel treedt op 1 januari 2022 in werking. Voor bestaande eigenwoningschulden aan de eigen vennootschap wordt een overgangsmaatregel getroffen.

Auteur: Paul Lavrijssen, adviseur Aegon Adfis

Bron: Rechtbank Noord-Holland, 13 september 2018

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 12 oktober 2018.