Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Mag werkgever premieverdeling wijzigen?

15 augustus 2014

Een werkgever moet verplicht deelnemen aan een bedrijfstakpensioenfonds. De werknemersbijdrage aan de pensioenregeling wordt hierdoor hoger. De vakorganisaties zijn het daarmee niet eens. Hof Arnhem-Leeuwarden beslist hierover.

Situatie

In de arbeidsovereenkomst van werknemers van onderneming A (hierna: A) is opgenomen dat 1/3 deel van de pensioenpremie voor rekening komt van de werknemer. A houdt hiervoor maandelijks een deel in op het salaris. Het pensioen is verzekerd bij verzekeraar V (hierna: V). A fuseert met X. Hierdoor valt A onder de verplichtstelling van het Bedrijfstakpensioenfonds Metaal en Techniek (hierna: PMT).

In juli 2008 hoort A dat zij verplicht is om vanaf 1 juli 2008 deel te nemen aan de regeling van PMT. A brengt vanaf 1 juli 2008 het pensioen van nieuwe werknemers onder bij PMT. Bij deze werknemers past A een premieverdeling van ½ werkgever - ½ werknemer toe. Dit komt overeen met de toepasselijke (en voor A ook verplichte) CAO-regeling in de bedrijfstak Metaal en Techniek. Het pensioen van de werknemers die vóór 1 juli 2008 in dienst zijn laat A bij de verzekeraar. Hiervoor blijft A de premieverdeling 1/3 - 2/3 toepassen.

Op 9 februari 2011 schrijft MN Services dat A alle werknemers direct bij PMT moet aanmelden. A dient een instemmingsaanvraag in bij de COR voor het voldoen aan de wettelijke verplichting om het pensioen van de resterende 34 werknemers van A bij PMT onder te brengen. In de instemmingsaanvraag geeft A onder het kopje 'gevolgen voor de medewerkers' onder meer aan:

"(…) Kosten deelnemer 1/3 van premie ½ van premie (…)".

De pensioenregeling bij PMT is volgens de pensioenadviseur inhoudelijk beter dan de bij V verzekerde regeling.

Op 18 mei 2011 schrijft de FNV aan de directie van A dat de achterban niet akkoord gaat met de voorgestelde wijziging van de pensioenpremieverdeling.

A meldt de resterende 34 werknemers daarna alsnog aan bij PMT. Met ingang van 1 juni 2011 houdt A de helft van de verschuldigde premie in op het loon van betrokken werknemers. Hierdoor ontvangen de meeste van deze werknemers per saldo minder loon. De meerkosten aan pensioenpremie voor deze werknemers over de periode van juli 2008 tot en met mei 2011 neemt A voor haar rekening.

De FNV stapt namens de 34 werknemers naar de rechter. De FNV vraagt de rechter om handhaving van de premieverdeling op 1/3 - 2/3.

De Kantonrechter en daarna de Rechtbank geven de FNV gelijk. Naar hun mening is er voor de wijziging van de premieverdeling geen voldoende zwaarwegend belang. A kon volgens het Hof namelijk afwijken van het minimum-CAO in het voordeel van de werknemers.

A ging tegen dit besluit in beroep.

Hof

Het Hof vernietigt het vonnis van de Rechtbank.

Omdat de wijziging van de pensioenovereenkomst geen vrije keus was van A maar het gevolg van de wettelijk verplichte deelneming, en de voorgestelde wijziging in premieverdeling gebaseerd is op een CAO-bepaling waaraan A gebonden is, mag aangenomen worden dat A een zwaarwegend belang heeft bij de wijziging. Aldus het Hof.

Het Hof oordeelt dat A de premieverdeling mag wijzigen omdat A aan PMT een aanmerkelijk hogere premie moet betalen dan zij voorheen betaalde aan V. Volgens het Hof heeft A daar - in tegenstelling tot de werknemers - geen voordeel van. De werknemers krijgen daarentegen een betere pensioenregeling dan zij hadden.

Het Hof verplicht A wel om een overgangsperiode in acht te nemen tot 1 juli 2012 zodat de werknemers zich kunnen instellen op een lager netto salaris als gevolg van de gewijzigde premieverdeling. A moet het te weinig betaalde loon tot 1 juli 2012 plus een wettelijke verhoging van 10% vermeerderd met de wettelijke rente over het achterstallige loon alsnog aan de werknemers betalen.

Commentaar

Een werkgever mag de pensioenovereenkomst eenzijdig wijzigen wanneer hij dit recht heeft opgenomen in de pensioenovereenkomst en er sprake is van een zodanig zwaarwichtig belang voor de werkgever dat het belang van de werknemer daarvoor moet wijken (artikel 19 Pensioenwet).Hierbij spelen maatstaven van redelijkheid en billijkheid een belangrijke rol.

Volgens het Hof was er in deze situatie geen eenzijdige wijziging van de pensioenregeling omdat de wijziging voortvloeit uit de wettelijke verplichting om aan de pensioenregeling van PMT deel te nemen. Artikel 19 PW is dus niet van toepassing. Maar er sprake van een eenzijdige wijziging van de met de pensioenovereenkomst samenhangen secundaire arbeidsvoorwaarden. En geldt niet artikel 19 PW, maar artikel 7:613 BW. Op grond daarvan mag een werkgever eenzijdig wijzigingen aanbrengen in de arbeidsovereenkomst als sprake is van zwaarwegende omstandigheden. Volgens het Hof was voor A sprake van een zwaarwegend belang omdat A moet voldoen aan de verplichtstelling én aan de CAO waarin een premieverdeling van 50/50 staat. Aangezien de sociale partners partij zijn bij de CAO was de premieverdeling in de CAO kennelijk ook voor de vakbeweging acceptabel en dus redelijk.

De premie voor de verplichte regeling was hoger dan die voor de verzekerde regeling. Voor de werkgever staat daar geen voordeel tegenover. Voor de werknemers wel. Zij krijgen een betere regeling. Daarom vond het Hof dat de werkgever in deze omstandigheden gebruik mag maken van haar wijzigingsbevoegdheid. Als voorwaarde stelt het Hof daarbij dat A een overgangsperiode van een jaar in acht neemt. Zodat de betrokken werknemers zich kunnen instellen op een lager netto salaris als gevolg van de premieverdeling zoals die in de CAO is opgenomen.

Ook voor de pensioenregelingen kan een fusie (onverwachte) consequenties hebben. De ervaring leert - en deze zaak bevestigt dat - dat die niet altijd voldoende en op tijd worden onderkend.

Voor een weloverwogen beslissing kan een due diligence pensioenonderzoek niet ontbreken. Onder meer Aegon Adfis kan dit verzorgen. Lees meer over onze dienst Due diligence pensioenen bij overname ondernemingen.

 

Auteur: Vera Hek, adviseur Aegon Adfis
Bron: Hof Arnhem-Leeuwarden, 10-6-2014