Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zoekveld

Nabetaling Canadees pensioen in Nederland belast

5 juli 2018

Een inwoner van Nederland (B) ontving in 2012 pensioen uit Canada. Een deel van de uitkering was een nabetaling van pensioen over de periode vóór 2012. Toen woonde B in Turkije. Volgens het Gerechtshof is ook de nabetaling in 2012 belast in Nederland. 

Nabetaling Canadees pensioen

De heer B (geboren in 1941) woonde in 2012 het gehele jaar in Nederland. In de periode 2006 tot en met 2011 woonde B in Turkije. In 2012 krijgt B uit Canada de volgende pensioenuitkeringen:

a. Canada Pension Plan

€   1.765

b. Old Age Security Pension Canada

€ 10.310

 

Op deze bedrage heeft Canada een bronbelasting ingehouden van 25%. Volgens een brief van de uitkeringsinstantie in Canada behoort tot de uitkering in 2012 een deel dat betrekking had op nabetaling van het pensioen over de periode 2006 tot en met 2011.

De inspecteur belast het volledig uitgekeerde pensioen. B maakt bezwaar omdat hij vindt dat de nabetaling van pensioen betrekking had op periode dat hij niet in Nederland woonde.

Ook nabetaling Canadees Pensioen belast

Het Gerechtshof stelt vast dat B in 2012 het gehele jaar in Nederland woonde en dus binnenlands belastingplichtige was. In Nederland wordt B voor zijn wereldinkomen belast. Het kan zijn dat de heffing over een deel van dit inkomen op basis van een Verdrag ter voorkoming van dubbele belasting (Verdrag) in een ander land wordt belast. Op grond van het Verdrag tussen Canada en Nederland worden pensioeninkomsten belast in de woonstaat; in dit geval Nederland. Canada mag een bronheffing toepassen waarvoor Nederland volgens het Verdrag een tegemoetkoming moet geven.

In het Verdrag staat ook dat wanneer een uitdrukking niet in het Verdrag staat omschreven, de betekenis wordt gevolgd zoals die geldt in de wetgeving van de landen die het desbetreffende Verdrag sloten. Dit laatste geldt niet wanneer de context anders vereist. Omdat B in 2012 verdragsinwoner van Nederland is mag de heffing over het pensioen plaatsvinden op basis van de Nederlandse belastingwetgeving. Volgens deze wetgeving hoort de nabetaling van pensioen ook tot het inkomen uit werk en woning in het jaar dat het ontvangen was. Volgens de Wet IB 2001 (artikel 3.146, lid 1, aanhef en letter a) wordt loon – waaronder pensioenuitkeringen – geacht te zijn genoten op het tijdstip waarop het is ontvangen. In 2012 is dus het gehele uit Canada ontvangen pensioen in Nederland belast.

Commentaar

Als de Canadese uitkeringsinstantie het pensioen op het juiste moment had uitbetaald zou een deel daarvan niet in Nederland belast zijn geweest. Immers de nabetaling voorzag in het niet uitgekeerde pensioen over de periode 2006 tot en met 2011. Het is dan ook niet vreemd dat B van mening was dat de nabetaling ook niet in Nederland mocht worden belast. Maar zijn beroep slaagde niet omdat Nederland het pensioen mag belasten op basis van de binnenlandse wetgeving. Artikel 3.146, lid 1, van de Wet IB 2001 luidt als volgt:

“Loon (…) uitkeringen op grond van een buitenlandse voorziening die naar aard en strekking overeenkomen met een inkomensvoorziening (…)  worden geacht te zijn genoten op het tijdstip waarop zij zijn

a. ontvangen;

b. verrekend; 

c. ter beschikking gesteld

d. rentedragend geworden of

f. vorderbaar en inbaar geworden.”

Volgens de rechter was gesteld noch gebleken dat de pensioeninkomsten op een eerder moment dan in 2012 waren genoten. Wanneer B had kunnen aantonen dat de nabetaling van het pensioen reeds in de periode 2006 tot en met 20111 vorderbaar en inbaar was dan wel rentedragend was geworden was de uitkomst waarschijnlijk anders geweest.

Auteur: Paul Lavrijssen, adviseur Aegon Adfis 

Bron: Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 19 april 2018

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 4 juli 2018