Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zakelijk Adfis Nieuws Nauwelijks reactie op consultatieversie Besluit uitvoering PEPP-verordening

Nauwelijks reactie op consultatieversie Besluit uitvoering PEPP-verordening

7 juni 2021

Het op 22 april 2021 ter consultatie voorgelegde Besluit uitvoering PEPP-verordening leverde op de einddatum van de consultatie (3 juni 2021) slechts een handvol reacties op. De meesten waren niet inhoudelijk maar meer een algemene visie op de (on)wenselijkheid van een PEPP. Meest waarschijnlijke oorzaak van deze geringe belangstelling is het niet verlenen van fiscale faciliteiten aan de PEPP door Nederland.

PEPP

Het Pan-Europees Persoonlijk Pensioenproduct (PEPP) is gebaseerd op een Europese verordening van 20 juni 2019. Nederland stelde zich altijd kritisch op terzake van de PEPP. Zie ons nieuwsbericht van 4 mei 2018. Een Europese verordening, zoals de PEPP-verordening heeft zelfstandige rechtskracht. Ook Nederlandse burgers kunnen hier dus een beroep op doen. Nederland legde een “Besluit tot wijziging van het Besluit uitvoering EU-verordeningen financiële markten in verband met Verordening (EU) 2019/1238 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 inzake een pan-Europees persoonlijk pensioenproduct” ter consultatie voor. Met dit besluit geeft Nederland uitvoering aan de Verordening 2019/1238.
Het besluit regelt een drietal zaken;

  1. Het aanwijzen van AFM en DNB als bevoegde autoriteiten in de zin van de verordening;
     
  2. Het aanwijzen van Kifid als het orgaan voor geschillenbeslechting; en
     
  3. Het noemen van de artikelen in de verordening op overtreding waarvan een bestuursrechtelijke boete kan worden opgelegd en de bestuursrechtelijke sancties of maatregelen die kunnen worden opgelegd, waaronder de last onder dwangsom en de publicatie van overtredingen voor zover dat niet op grond van de reeds bestaande regelgeving mogelijk is.

 

Nauwelijks reacties

Bij het sluiten van de reactietermijn op 3 juni 2021 waren er slechts vier reacties. Geen van de vier gaat inhoudelijk in op het voorgelegde besluit. De reacties blinken uit in beknoptheid en algemeenheid. Zo luidt een reactie; “gezien de zeer grote onbekendheid over de ware zorgwekkende status van het Pensioenstelsel is er juist alle behoefte aan de beschikbaarheid van nieuwe mogelijkheden als bv de PEPP. Een waardevolle mogelijkheid een schone lei beschikbaar te stellen.”

Een andere reactie concludeert dat er door het gebrek aan fiscale ondersteuning er geen consument gaat zijn die (in Nederland) een PEPP gaat afnemen en er dus geen enkele financiële instelling in Nederland het gaat aanbieden. Dat is volgens de schrijver van deze reactie een gemiste kans omdat volgens hem een uitbreiding van het aanbod wel degelijk grote voordelen kan hebben voor (Nederlandse) consumenten.

Een derde reactie geeft aan positief te staan tegenover de PEPP. De indieners van deze reactie pleiten ervoor om ook de PPI en het APF als uitvoerders van een PEPP toe te laten en om de PEPP voor zowel de tweede als de derde pijler fiscaal dezelfde begunstiging te geven als andere producten in die pijlers.

De laatste reactie geeft aan het onbegrijpelijk en onjuist te vinden dat de Nederlandse IORP’s geen PEPP mogen aanbieden en vraagt zich af waarom dat niet duidelijker uitgelegd staat in de toelichting.

Commentaar

Uit het zeer gering aantal reacties blijkt al dat het PEPP in Nederland niet of nauwelijks leeft. Ter illustratie; de consultatieversie van het wetsvoorstel Wet toekomst pensioenen leverde in februari 2021 bijna 500 reacties op! Belangrijkste oorzaak hiervan is, zoals een van de reacties ook al constateerde, de fiscale behandeling. In de toelichting merkt de minister van Financiën op: “Voorts is een lidstaatoptie opgenomen in artikel 58, derde lid, van de verordening. Lidstaten kunnen maatregelen nemen om bepaalde vormen van uitbetaling te begunstigen. Deze maatregelen kunnen kwantitatieve beperkingen op betalingen op basis van vaste bedragen omvatten om de andere vormen van uitbetaling te bevorderen. Lidstaten kunnen vaststellen onder welke voorwaarden verleende voordelen en stimulansen aan hen moeten worden terugbetaald. In Nederland zullen enkel de voorwaarden voor fiscale facilitering leidend zijn. De belastingheffing in Nederland ten aanzien van PEPP zal plaatsvinden volgens de bestaande fiscale wetgeving voor reeds bestaande, vergelijkbare persoonlijke pensioenproducten. Nederland geeft ook geen uitvoering aan de aanbeveling van de Europese Commissie, waarin het lidstaten oproept een PEPP hetzelfde belastingvoordeel te geven als een binnenlands derde pijler product, ook als een PEPP niet aan alle voorwaarden voor fiscale facilitering in de betreffende lidstaat voldoet. Nederland hecht eraan dat voor PEPP’s de fiscale behandeling gelijk is aan binnenlandse derde pijler producten.”

Deze laatste zin is een nette manier om te zeggen dat een PEPP geen fiscale faciliteiten (premieaftrek) heeft. Een PEPP voldoet namelijk niet geheel aan de Nederlandse voorwaarden voor premieaftrek voor derde pijler producten. En dat maakt het product voor de Nederlandse markt volstrekt oninteressant. Het geringe aantal reactie verbaast ons dan ook niet.

Auteur: Herman Kappelle, directeur Aegon Adfis

Bron: Consultatie Besluit uitvoering PEPP-verordening

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 3 juni 2021.