Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Onderdekking pensioen eigen beheer samen delen

10 oktober 2014

Bij echtscheiding van de DGA kan de ex-partner eisen dat de BV het te vereven pensioen zeker stelt. In ons bericht van 21 augustus 2014 schreven wij al dat de continuïteit van de BV niet in gevaar mag komen. Gerechtshof Den Haag gaat nog een beetje verder en verdeelt de onderdekking tussen de gewezen partners.

Het geschil

DGA X is in 1985 gehuwd met mevrouw Y. Aan de DGA was een pensioen toegezegd. Volgens de pensioenbrief werd dit pensioen opgebouwd in de periode tussen 1-1-1969 en 4-8-2005. Het pensioen werd eerst in eigen beheer gehouden en later overgedragen aan een Pensioen BV. Het opgebouwde levenslange ouderdomspensioen dat op 2002 is ingegaan bedroeg € 52.796,-.
 
Op 8 januari 2007 wordt de scheiding tussen X en Y uitgesproken. Y eist verevening van het pensioen van X. Op grond hiervan eist zij dat voor haar een ouderdomspensioen wordt zeker gesteld van € 21.257,-. De koopsom hiervoor bedraagt volgens Y ruim € 420.000,-. X bestrijdt de hoogte van het te vereven pensioen en de koopsom hiervan. En x stelt dat de continuïteit van de onderneming van de pensioen BV in gevaar komt.

Gerechtshof

Het Hof besluit dat Y recht heeft op € 17.021,- aan ouderdomspensioen. Dat is het verevend pensioen dat is opgebouwd tijdens de huwelijkse periode tot de pensioeningangsdatum. Op de eis van Y om het pensioen extern zeker te stellen reageert het Hof als volgt:
 
"Van belang is dat de belangen van de deelnemers zoveel mogelijk worden gewaarborgd. Een afstorting van gelden ten behoeve van de rechten van de vrouw mag er niet toe leiden dat de pensioen BV haar verplichtingen jegens de directeur-grootaandeelhouder niet meer kan nakomen. Voorts dient bij de beoordeling van afstorting van pensioenrechten ook rekening te worden gehouden met de rechten van de man. De post solidariteit tussen ex echtgenoten mag er niet toe leiden dat de rechten van de man volstrekt illusoir worden."
 
Het Hof stelt vast dat er sprake is van een dekkingstekort binnen de Pensioen-BV. Hierdoor kan de vennootschap niet voldoen aan de financiële verplichtingen die zij heeft aan de DGA en Y. Het Hof vindt het daarom redelijk dat "in het licht van de postrelationele solidariteit" het dekkingstekort evenredig voor rekening komt van X en Y.
 
Het Hof introduceert hier een nieuw begrip, te weten: Effectief beschikbaar bedrag voor uitkering van het pensioen (EBBP). Uit de financiële rapportage leidt het Hof af dat de waarde van de verplichting € 690.000,- bedraagt en het EBBP van de BV maar € 658.000,- bedraagt. Het Hof oordeelt dat de koopsommen voor het ouderdomspensioen van X, het ouderdomspensioen van Y en het nabestaandenpensioen van Y moeten in gelijke mate worden verdeeld over die het EBBP. Met andere woorden: de hoogte van het te vereven pensioen en het bijzondere partnerpensioen worden beïnvloed door de onderdekking.

Commentaar

Een opvallende uitspraak van het Hof. Maar ook een uitspraak die vragen oproept. Al in eerdere uitspraken werd de eis van afstorting van het pensioen niet gehonoreerd als daardoor de continuïteit van de onderneming in gevaar komt. In deze uitspraak rekent het Hof de onderdekking van de Pensioen BV toe naar rato van de aanspraken van de man en de vrouw.
 
Interessant daarbij is of bij de bepaling van de onderdekking is uitgegaan van de fiscale waarde of de commerciële waarde van de pensioen. Helaas kunnen we dit niet opmaken uit de uitspraak. Maar feit is, dat als er onderdekking aanwezig is, partijen mogen uitgaan van het beschikbare vermogen of zoals het Hof het noemt het EBBP. Overigens is dit ook zo als het te vereven pensioen niet wordt afgestort. Er vindt dan geen korting in bedragen plaats maar wel in tijd. Immers door de onderdekking zal de BV op enig moment het pensioen niet meer kunnen uitkeren.
 
In deze procedure ging om een ingegaan pensioen en verrichtte de BV geen andere activiteiten. Hoe zou het oordeel van het Hof luiden bij onderdekking in de situatie dat het pensioen nog wel werd opgebouwd en de BV nog een onderneming dreef?
 

Auteurs: Vera Hek en Paul Lavrijssen, adviseurs Aegon Adfis
Bronnen: Gerechtshof Den Haag, 18-6-2014 / Gerechtshof Den Haag, 17-9-2014