Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Ontslagvergoeding is loon en geen RVU

3 december 2014

Is een ontslagvergoeding die een 62-jarige ontvangt een RVU? En daarom niet belast met loonbelasting? Hierover bogen zich de rechtbank en het gerechtshof. 

Wat was er aan de hand?

Een man (M) wordt in 2009 ontslagen. Hij is dan 62 jaar. De kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst en kent hem een ontslagvergoeding toe. De kantonrechter constateert dat de arbeidsrelatie is dusdanig verstoord is dat een verdere samenwerking tussen hen in de toekomst niet meer tot de mogelijkheden behoort. Die verstoring is aan geen van beide partijen te verwijten.

De kantonrechter vindt het billijk om M een vergoeding toe te kennen van € 100.000 bruto. Bij de bepaling van de vergoeding keek de kantonrechter naar de leeftijd van M, zijn bruto salaris en de (relatief korte) duur van zijn dienstverband. De kantonrechter beslist dat de werkgever de vergoeding van € 100.000 in drie termijnen moet voldoen. De werkgever heeft 52% loonheffing ingehouden op de ontslagvergoeding.

M is het niet eens met de 52% loonheffing die de werkgever heeft ingehouden op zijn ontslaguitkering. Volgens hem had zijn werkgever 52% eindheffing moeten betalen omdat sprake is van een ontslaguitkering ter overbrugging van de periode tot de ingang van pensioen- en/of AOW-uitkeringen of als aanvullend pensioen. Ook wel een RVU genoemd. M: "Deze eindheffing diende de werkgever dus niet in te houden op het loon van de werknemer, maar voor rekening van de werkgever te nemen".

Rechtbank en Hof

De rechtbank en het Gerechtshof zijn het niet eens met M.

Rechtbank: (…)”Het standpunt van [M] dat de ontslaguitkering in het jaar 2009 bij de inhoudingsplichtige als eindheffingsbestanddeel is belast op grond van artikel 32ba van de Wet LB kan de rechtbank niet volgen. (…) Een dergelijke ontslaguitkering bepaald met behulp van de kantonrechtersformule (individueel en gebaseerd op een niet-leeftijdgerelateerde ontslaggrond) kan naar het oordeel van de rechtbank niet worden aangemerkt als een door een inhoudingsplichtige gedane en op hem drukkende uitkering ingevolge een regeling voor vervroegde uittreding (VUT), in de zin van artikel 32ba van de Wet LB (…).De ontslaguitkering valt derhalve niet onder de werking van artikel 32ba van de Wet LB.” 

In haar uitspraak legt de rechtbank M uit dat:

  • een RVU-uitkering niet alleen belast wordt de eindheffing van 52%, maar ook als loon (uit vroegere dienstbetrekking) wordt aangemerkt van de werknemer. En dat daarom naast de eindheffing bij de werkgever ook loonheffing over die uitkering wordt ingehouden; en
  • wanneer het standpunt van M zou worden gevolgd dit niet zou leiden tot het door M beoogde gevolg, namelijk onbelastbaarheid van de uitkering voor de inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen.

 

Het Hof is het met de rechtbank eens. En verder is zij, net als de rechtbank, van mening dat de Inspecteur de ontslagvergoeding terecht volledig als loon uit dienstbetrekking heeft aangemerkt.

Commentaar

Wij vinden het een onbegrijpelijke actie van M. Het standpunt van M leidt tot 104% belasting. Dat wil toch niemand?

Voor belastingzaken bij rechtbank en het gerechtshof hoef je je niet te laten bijstaan door een deskundige of advocaat. En wij vermoeden dat deze man dat ook niet heeft gedaan. Hij was kennelijk in de veronderstelling dat een RVU-uitkering alleen belast is met de eindheffing voor de werkgever van 52%. Hoewel de rechtbank al aangaf dat een RVU-uitkering niet alleen belast is met de eindheffing, maar ook met loonbelasting ging de man toch in beroep tegen de beslissingen van de lagere rechters. 
Wij vinden dat onbegrijpelijk. Een goede adviseur had onnodige belasting van onze rechterlijke macht kunnen voorkomen. 

 

Auteur: Vera Hek, adviseur Aegon Adfis

Bron: Gerechtshof Den Haag ECLI:NL:GHDHA:2014:3701, 11 november 2014

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 3 december  2014