Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Op tijd aanvragen vrijwillige voortzetting Anw, anders geen dekking!

6 mei 2016

Na vertrek naar het buitenland kan men de AOW en Anw vrijwillig voortzetten. Deze vrijwillige voortzetting moet dan wel op tijd worden aangevraagd. Maar wat is op tijd?

M overlijdt; V krijgt geen Anw-uitkering

M en V wonen in Marokko. In 2013 overlijdt M. Hij ontving vanaf 1990 tot zijn overlijden een WAO -uitkering. Naar aanleiding van het overlijden van haar echtgenoot vraagt V een nabestaandenuitkering volgens de Algemene nabestaandenwet (Anw) aan.

De Sociale Verzekeringsbank (Svb) wijst de aanvraag om een nabestaandenuitkering af. M was op de dag van zijn overlijden niet verzekerd voor de Anw. V maakt bezwaar tegen het besluit van de Svb. Zij vindt dat zij als weduwe van haar overleden echtgenoot recht heeft op een Anw-uitkering. Daaraan voegde zij toe dat zij bereid is premie voor de vrijwillige verzekering te betalen om recht te krijgen op dit pensioen. 

De Svb wijst de aanvraag om postume deelname aan de vrijwillige verzekering af. V gaat in beroep tegen dit besluit.

V naar de rechtbank en Centrale Raad van Beroep

Tussen V en de Svb is in geschil of de Svb terecht weigerde een nabestaandenuitkering aan V toe te kennen. En of M ten tijde van zijn overlijden wel of niet verzekerd was voor de Anw. Verder is in geschil of de Svb terecht weigerde M postuum de Anw vrijwillig voort te laten zetten. 

De rechtbank verklaart het bezwaar van V tegen het besluit van Svb ongegrond. Ter motivering merkt de rechtbank op dat de verplichte verzekering van M eindigde op 1 januari 2000. M kon in aansluiting daarop de verzekering op vrijwillige basis voortzetten. Maar hij maakte van die gelegenheid geen gebruik. Pas na zijn overlijden dient V namens M een verzoek in om postuum deel te nemen aan de vrijwillige verzekering. Onder verwijzing naar de artikelen 63a en 63b van de ANW concludeert de rechtbank dat M niet postuum mag deelnemen aan de vrijwillige verzekering.

Artikel 63a: (…) De gewezen verzekerde kan zich vrijwillig verzekeren over een periode van tien jaar, met ingang van de dag na de dag waarop de verplichte verzekering is geëindigd.(…)

Artikel 63b: De gewezen verzekerde die van de vrijwillige verzekering, bedoeld in artikel 63a, eerste lid gebruik wil maken, is verplicht uiterlijk een jaar na de dag, waarop de verzekering is geëindigd, een aanvraag daartoe in te dienen bij de Sociale verzekeringsbank. (…)

De rechtbank stelde vast dat M niet verzekerd was voor de Anw en dat de aanvraag om deel te nemen aan de vrijwillige verzekering voor de Anw te laat is ingediend.

De Centrale Raad van Beroep voegde daaraan het volgende toe.

“Volgens artikel 13 van de ANW is verzekerd (…) die ingezetene is of die geen ingezetene is, maar ter zake van in Nederland in dienstbetrekking verrichte arbeid aan de loonbelasting is onderworpen. Nu de echtgenoot van appellante ten tijde van zijn overlijden in Marokko woonde en niet meer in Nederland werkte, was hij toen op grond van deze bepaling niet verzekerd voor de ANW.”

“Voor zover de echtgenoot van appellante op grond van zijn WAO-uitkering tot 1 januari 2000 verplicht verzekerd is geweest voor de volksverzekeringen (…) bestond voor hem de mogelijkheid zich na die datum vrijwillig te verzekeren. Vast staat dat de echtgenoot van appellante van deze mogelijkheid geen gebruik heeft gemaakt. Dit betekent dat de echtgenoot van appellante op de datum van zijn overlijden niet verzekerd was voor de ANW, zodat in zoverre geen aanspraak bestaat op een nabestaandenuitkering ingevolge die wet.”

Commentaar

In ons nieuwsbericht van 6 augustus 2014 leest u een vergelijkbare casus met eenzelfde conclusie: na emigratie bestaat – onder voorwaarden - de mogelijkheid van vrijwillige voortzetting van de AOW en Anw. Eén van de voorwaarden is dat deze vrijwillige voortzetting binnen één jaar moet zijn ingediend bij de Svb. In deze casus en doe van augustus 2014 was die termijn ruim overschreden. Het is op z’n zachtst gezegd opmerkelijk dat V na afwijzing door de rechtbank toch nog in hoger beroep ging bij de CRvB. 

De voorwaarden voor inkoop van extra jaren bij immigratie zijn in 2014 aangescherpt om misbruik te voorkomen. Wij schreven daarover in ons nieuwsbericht van 27 maart 2014 (Inkoop van AOW-jaren minder aantrekkelijk).

 

Auteur: Vera Hek, adviseur Aegon Adfis

Bron: Centrale Raad van Beroep, 29 april 2016

 

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 4 mei 2016