Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zakelijk Adfis Nieuws Opschorten ingang ODV-termijnen aan erfgenamen

Opschorten ingang ODV-termijnen aan erfgenamen

17 september 2019

Volgens het Centraal Aanspreekpunt Pensioen (CAP) is het mogelijk om bij overlijden de ODV-uitkering aan de erfgenamen op te schorten tot het moment dat de erfgenamen bekend zijn.

ODV bij overlijden

DGA ’s kunnen tot 1 januari 2020 hun pensioen in eigen beheer omzetten in een oudedagsverplichting bij de BV (ODV). Overlijdt de ODV-gerechtigde voordat de ODV-termijnen zijn ingegaan, dan gaat het recht op de ODV-termijnen over op de erfgenamen (natuurlijke personen). De ODV- termijnen moeten in dat geval binnen twaalf maanden na het overlijden van de ODV-gerechtigde ingaan.

Als de genieter van de ODV-termijnen overlijdt terwijl deze termijnen al zijn ingegaan, dan gaat het recht op de resterende ODV-termijnen per direct over op diens erfgenamen.

Opschorting ODV-uitkering

Het komt voor dat op het tijdstip van overlijden van de ODV-gerechtigde nog niet kan worden vastgesteld welke personen als erfgenaam recht krijgen op de toekomstige ODV-termijnen. Bijvoorbeeld omdat de genoemde erfgenamen niet traceerbaar zijn of omdat nog niet duidelijk is welke erfgenamen de erfenis zullen aanvaarden. In dat geval mogen de ODV-uitkeringen worden opgeschort tot het moment dat bekend is wie erfgenamen voor de ODV-uitkeringen zijn.

In het geval dat bij overlijden van de gerechtigde de ODV-uitkeringen nog niet zijn ingegaan, vangt de opschorting aan nadat de twaalf maanden na het overlijden zijn verstreken. Als de ODV-uitkeringen op het moment van overlijden wel waren ingegaan, vangt de opschorting direct aan.

Op het moment dat vast staat wie de erfgenamen van de ODV zijn, gaat de uitkering alsnog terstond in. De opgeschorte uitkeringen moeten dan in één keer worden uitgekeerd aan de rechthebbende erfgenamen.

Commentaar

Een praktische oplossing van het CAP voor situaties die in de praktijk voorkomen maar niet in de wet worden genoemd. Het komt regelmatig voor dat bij overlijden niet direct bekend is wie de erfgenamen zijn. In dat geval kan de BV de ODV-uitkeringen niet doen. Dit speelt ook als de erfgenamen de nalatenschap beneficiair aanvaarden. Dan wordt pas later duidelijk of de erfgenamen de nalatenschap, inclusief de ODV-termijnen aanvaarden.

Naar onze mening biedt deze toezegging geen oplossing voor het geval er meerdere erfgenamen zijn voor de ODV-uitkeringen en deze later beslissen dat de ODV-uitkeringen worden toebedeeld aan één van hen. Bij nog niet ingegane ODV-uitkeringen hebben ze voor die verdeling een termijn van twaalf maanden. Bij ingegane uitkeringen krijgen alle erfgenamen direct een deel van de ODV-uitkering. Bij de vererving van lijfrente-uitkeringen is dit beter geregeld. In dat geval krijgen de erfgenamen een wettelijk termijn die eindigt op 31 december van het tweede kalanderjaar na het kalenderjaar waarin de gerechtigde overlijdt. Deze termijn kan zelfs bij bijzondere omstandigheden worden verlengd door de inspecteur. Het is niet duidelijk waarom er tussen pensioen en ODV enerzijds en lijfrente anderzijds verschil wordt gemaakt met betrekking tot de redelijke termijn.

Auteur: Paul Lavrijssen, adviseur Aegon Adfis

Bron: Centraal Aanspreekpunt Pensioen V&A 19-005, 12 september 2019

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 17 september 2019