Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Overdracht pensioenverzekeringen aan BV leidt tot afkoop

23 juli 2019

Een DGA draagt het kapitaal van twee pensioenverzekeringen over aan zijn BV. Het gerechtshof oordeelt dat er sprake is van afkoop van pensioen omdat de ene verzekering wordt uitgevoerd door een niet toegestane verzekeraar en de andere pensioenverzekering wordt prijsgegeven door de DGA.

Overdracht pensioenverzekeringen

De heer B is directeur enig aandeelhouder (DGA) van C BV. In 2011 en de daarop volgende jaren is het kapitaal van de BV negatief en heeft B een rekeningcourantschuld aan de BV.

B heeft twee pensioenverzekeringen die zijn ondergebracht bij verzekeraar D. Pensioenverzekering 1 (DGA-polis) heeft betrekking op pensioen dat is opgebouwd in de periode dat B DGA was. Pensioenverzekering 2 (C-polis) betreft een zogenaamde C-polis en heeft betrekking op pensioen dat B opbouwde in de periode dat hij geen DGA was.

In 2011 laat B de afkoopwaarde van de DGA-polis, groot € 135.350, overmaken aan C BV. In november 2014 vindt ook een waardeoverdracht plaats van de C-polis naar C BV. De overdrachtswaarde is € 71.984.

Op 24 juni 2011 zijn B en C BV een leningsovereenkomst aangegaan waarbij de BV aan B een lening van € 135.250 verstrekte. Partijen spraken een rente van 7,9% af, waarbij de eerste rentetermijn op 31 december 2011 betaald moest worden. B heeft de BV geen zekerheden verstrekt en er is geen aflossingsschema overeengekomen. De lening is in eerste instantie aangegaan tot 30 juni 2021 en nadien meerdere malen gewijzigd. De einddatum werd verschoven naar eind 2024. De lening is in 2014 verhoogd met € 71.984. 

De inspecteur legt over de jaren 2011 en 2014 een naheffingsaanslag op. Hij verhoogt het inkomen van 2011 en 2014 met respectievelijk € 135.350 en € 71.984 in verband met afkoop van het pensioen. Daarbij brengt hij ook 20% revisierente in rekening over de afkoopwaarde van de pensioenen. B gaat in beroep bij de rechtbank en daarna het gerechtshof. Zowel de rechtbank als het gerechtshof maken onderscheid tussen afkoop van de DGA-polis en de C-polis.

Prijsgeven DGA-polis

Volgens de Wet op de loonbelasting 1964 (artikel 19b, eerste lid, onderdeel c, oud) wordt een pensioenaanspraak in eigen beheer die de DGA prijsgeeft aangemerkt als loon uit een vroegere dienstbetrekking van de DGA. De rechters constateren dat het ondernemingsvermogen ten tijde van de waardeoverdracht fors negatief was en dat C BV in het jaar van de overdrachten, de jaren daarvoor en ook de jaren daarna, verliezen leed. De overdacht van de in de DGA-polis opgebouwde pensioenaanspraak aan C BV heeft ertoe geleid dat die pensioenaanspraak niet langer gedekt was, aangezien het in C BV aanwezige vermogen ontoereikend was om aan de pensioenverplichting te voldoen. Daar komt bij dat de BV nagenoeg de volledige waarde, namelijk € 135.250 van het ontvangen kapitaal, heeft uitgeleend aan B zonder daarbij zekerheden te bedingen en zonder dat B verhaal bood. Gezien deze omstandigheden zijn de rechters van oordeel dat B zijn pensioenrechten voortvloeiende uit de DGA-polis prijs gaf. Het voornemen van B dat hij de lening met de BV zal aflossen zodra zijn financiële toestand dat toelaat doet daar niet af. Het prijsgeven van een pensioenaanspraak kan de DGA, volgens het hof, niet achteraf ongedaan maken.

Afkoop C-polis

Volgens de Wet op de loonbelasting 1964 (artikel 19b, tweede lid) wordt een pensioenaanspraak waarvan de verplichting overgaat op een niet toegelaten verzekeraar geacht te zijn afgekocht. B bouwde de aanspraken van de C-polis op tijdens een dienstverband met een werkgever waarvan hij geen DGA was. Dergelijk aanspraken mogen niet in eigen beheer gehouden worden. C BV is daarom geen toegelaten verzekeraar. Bij overdracht van deze aanspraken is dus sprake van afkoop van het pensioen.  

Commentaar

Deze uitspraak is niet verrassend en inmiddels achterhaald door de Wet uitfasering pensioen in eigen beheer. Het overdragen van verzekerde DGA-pensioenen is niet langer fiscaal geruisloos mogelijk sinds de wetgever pensioen in eigen beheer heeft uitgefaseerd. Volgens het (inmiddels) vervallen besluit van 22 maart 2017 mochten DGA ’s tot 30 juni 2017 pensioenkapitaal overdragen aan hun BV ’s waarbij de BV de pensioenverplichting ten opzichte van de DGA overnam.

Dat er sprake was van afkoop van zowel de C-polis als de DGA-polis  is duidelijk. B leent de bedragen van beide overgedragen pensioenverzekeringen direct door zonder hiervoor zekerheden te stellen en een aflossingsschema op te stellen. Zie ook ons bericht van 6 juni 2019 inzake afkoop van een stamrecht. Zou het oordeel van de rechter in deze situatie hetzelfde zijn als partijen het afkoopbedrag niet direct hadden uitgeleend aan de DGA? Wij vermoeden van wel. Want de DGA moet zakelijk handelen met zijn BV. Het is volgens ons niet zakelijk als de DGA pensioenkapitaal laat overgedragen aan een BV die duidelijk insolvabel is op het moment van overdracht en kennelijk ook voor de toekomst.

 

Auteur: Paul Lavrijssen, adviseur Aegon Adfis

Bron: Gerechtshof Den Haag, 3 juli 2017

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 23 juli 2019.