Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zoekveld

Overdracht van pensioen leidt tot afkoop

8 februari 2019

Een DGA draagt de kapitalen van zijn verzekerde pensioenenen over aan zijn BV. Volgens de rechtbank leidt dit voor de DGA-verzekering tot het prijsgeven van pensioen. De overdracht van het kapitaal van de werknemersverzkering aan de BV is niet geoorloofd omdat de BV niet hoort tot de toegelaten verzekeraars.

Pensioenverzekeringen

E is directeur en enig aandeelhouder van B BV. Hij heeft een tweetal pensioenverzekeringen gesloten bij Zwitserleven. De ene pensioenverzekering (polis 1) betreft de pensioenopbouw tijdens zijn dienstverband bij B BV, waarvan E DGA was. De andere pensioenverzekering (polis 2) betreft de pensioenopbouw tijdens zijn dienstverband bij Datelnet en V&D.

B BV leidt in de periode 2010 tot en met 2014 verliezen. Het vermogen van B BV is in die jaren negatief. In 2011 laat E het pensioenkapitaal van polis 1, groot € 135.250, overdragen aan B BV. In 2014 wordt het pensioenkapitaal van polis 2, groot € 72.000, overgedragen aan B BV.

In 2012 gaat E een lening aan bij B BV van € 135.000. Deze lening verhoogt hij in 2014 tot € 200.000. E geeft geen zekerheden ter zake van de lening. De lening is pas opeisbaar op de pensioendatum van E.

De inspecteur legt ter zake van de overdracht van de pensioenkapitalen navorderingsaanslagen op. Omdat enerzijds (polis 1) het pensioen is prijsgegeven en anderzijds (polis 2) het pensioenkapitaal is overgedragen aan een niet toegelaten verzekeraar. E maakt bezwaar tegen deze navorderingsaanslagen.

Prijsgeven van pensioen

Artikel 19b, eerste lid, van de Wet op de loonbelasting 1964 (Wet LB 1964) luidde voor het jaar 2011:

“1. Ingeval op enig tijdstip:

(…)

(b)een aanspraak ingevolge een pensioenregeling wordt afgekocht of vervreemd dan wel formeel of feitelijk voorwerp van zekerheid, anders dan ten behoeve van uitstel van betaling op grond van artikel 25, vijfde lid, van de Invorderingswet 1990, wordt; 

(c)een aanspraak ingevolge een pensioenregeling waarvan als verzekeraar optreedt een lichaam als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, onderdelen d of e, dan wel een lichaam als bedoeld in artikel 36b, wordt prijsgegeven, behoudens voor zover de aanspraak niet voor verwezenlijking vatbaar is;

(…)

wordt op het onmiddellijk daaraan voorafgaande tijdstip de aanspraak aangemerkt als loon uit een vroegere dienstbetrekking van de werknemer of gewezen werknemer dan wel, indien deze is overleden, van de gerechtigde tot de aanspraak.”

E verklaarde dat hij vanaf 2011 van zijn pensioengeld leefde en dat hij het pensioen zou terugstorten zodra hij weer geld heeft. De rechtbank vindt dat E op grond van artikel 19b Wet LB 1964 zijn pensioenaanspraak tot een bedrag van € 135.250 heeft prijsgegeven. De rechter komt tot dit oordeel omdat B BV op het moment van de overdracht van de pensioenaanspraak van Zwitserleven aan de BV een negatief vermogen had en dat de BV vervolgens € 135.250 van het pensioengeld aan eiser heeft geleend zonder daarbij zekerheden te bedingen, terwijl E verder ook geen verhaal bood.

Afkoop pensioen

Artikel 19b, tweede lid, van de Wet LB 1964 luidde voor het jaar 2014:

“Ingeval een verplichting ingevolge een pensioenregeling geheel of gedeeltelijk overgaat op een andere verzekeraar wordt de aanspraak ingevolge die regeling geacht te worden afgekocht. De eerste volzin is niet van toepassing ingeval de verplichting ingevolge een pensioenregeling geheel of gedeeltelijk overgaat naar een verzekeraar als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, onderdelen a, b, d, e of f, mits deze overgang niet in strijd komt met de bepalingen bij of krachtens de artikelen 70 tot en met 91 van de Pensioenwet. Met betrekking tot een verplichting die is verzekerd bij een lichaam als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, onderdelen d of e, wordt onder een overgang als bedoeld in de eerste volzin mede verstaan herverzekering bij een andere verzekeraar dan bedoeld in artikel 19a, eerste lid, onderdelen a, b, d, e en f.”

Tijdens de opbouw van het pensioenkapitaal in polis 2 was E geen DGA. B BV was dan ook op grond van artikel 19a, eerste lid, van de Wet LB 1964 geen toegelaten verzekeraar voor het pensioenkapitaal dat was opgebouwd in polis 2. Dat houdt in dat E op het moment van de overdracht van het pensioenkapitaal naar B BV het pensioen voor een bedrag van € 71.983 heeft afgekocht (artikel 19b, tweede lid Wet LB).

Commentaar

Een heldere uitspraak. Op grond van de Wet op de loonbelasting was het niet toegestaan dat pensioen van een ‘gewone’ werknemer , in eigen beheer werd gehouden. Overdracht van het opgebouwde pensioenkapitaal van een professionele pensioenuitvoerder naar eigen beheer betekende overdracht naar een niet toegestane pensioenuitvoerder. Niet meer dan logisch dat dat ook niet is toegestaan.

De uitspraak vermeldt niet waarom de verzekeraar voldeed aan het verzoek van E voor overdracht van het pensioenkapitaal van polis 2. Doorgaans eisten verzekeraars bij een dergelijke overdracht een verklaring van grootaandeelhouderschap. Als de verzekeringnemer deze niet kon overleggen, werkten verzekeraars niet mee aan de overdacht van het pensioenkapitaal. Overigens is het op grond van de Wet uitfasering pensioen in eigen beheer na 31-12-2017 helemaal niet meer mogelijk om pensioenkapitaal over te dragen aan een BV. Ook niet als dat pensioenkapitaal is opgebouwd in de hoedanigheid van een DGA.

Door de slechte vermogenspositie van de BV en het feit dat E niet kon aangeven hoe en op welk moment hij de lening kon terugbetalen, is het niet verassend dat de rechter in dit geval besloot dat de overdracht van het pensioenkapitaal van polis 1 leidde tot het prijsgeven van pensioen. 

Auteur: Paul Lavrijssen, adviseur Aegon Adfis

Bron: Rechtbank Den Haag, 9 juli 2018

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 7 februari 2019.