Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zakelijk Adfis Nieuws Pensioenfonds handelde onrechtmatig door onjuiste informatieverstrekking, maar mag fout wel herstellen.

Pensioenfonds handelde onrechtmatig door onjuiste informatieverstrekking, maar mag fout wel herstellen.

5 februari 2020

Een pensioenfonds maakt een fout waardoor een deelnemer een te hoog aantal pensioenjaren uit hoofde van een waardeoverdracht krijgt toegekend. Het pensioenfonds mag deze fout herstellen omdat het pensioenreglement bepalend is voor de omvang van de pensioenaanspraken van de deelnemer. Doordat het fonds onjuiste informatie verstrekte, handelde het wel onrechtmatig en is aansprakelijk voor de geleden schade.

Foutieve verwerking waardeoverdracht

X trad in 2001 in dienst bij Y en bouwde vanaf die datum pensioen op bij een pensioenfonds. In 2016 bereikte X de AOW-gerechtigde leeftijd en eindigt zijn dienstverband. Het pensioenfonds bericht hem dat zijn ouderdomspensioen ruim € 5.000 per maand bedraagt. X krijgt gedurende twee maanden dit bedrag. Na twee maanden schrijft het pensioenfonds aan X dat er een fout is gemaakt en dat zijn pensioen te hoog is vastgesteld. Het juiste pensioen bedraagt ongeveer € 3.200 per maand.

De fout is al gemaakt in 2002. Bij het verwerken van een waardeoverdracht naar het pensioenfonds is door een verwisseling van euro’s en guldens een te laag ‘inkomen voor berekening’ gehanteerd, waardoor het fonds een te hoog aantal extra dienstjaren uit hoofde van de waardeoverdracht toekende. Het fonds noemde in alle berichtgeving aan X vanaf 2002 tot aan de toekenning van het pensioen in augustus 2016 de bedragen op basis van het onjuiste en te hoge aantal pensioenjaren.

Na het overlijden van X stellen zijn erfgenamen primair dat X jegens het fonds aanspraak heeft op het in de brief van augustus 2016 genoemde hogere ouderdomspensioen, omdat hij op de juistheid van die opgave en op eerdere opgaven van het fonds gerechtvaardigd mocht vertrouwen. Subsidiair vorderen zij schadevergoeding op grond van onrechtmatige daad.

Kantonrechter wijst vordering af, hoger beroep bij het hof

De kantonrechter wijst de primaire vordering af en besliste dat het fonds de fout mocht herstellen en de pensioenuitkering dus lager mocht vaststellen. Ook de vordering tot schadevergoeding wijst de kantonrechter af. Het fonds heeft weliswaar onrechtmatig gehandeld, maar niet is onderbouwd dat X daardoor schade heeft geleden. De erfgenamen van X tekenen hoger beroep aan bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Het hof stelt vast dat het fonds in 2002 een fout heeft gemaakt. Maar, het hof neemt tot uitgangspunt dat het pensioenreglement van het fonds bepalend is voor de omvang van de pensioenaanspraken van de deelnemer. X ontleende zijn pensioenaanspraken als deelnemer rechtstreeks aan dit pensioenreglement. Dit betekent volgens het hof dat het pensioenreglement en niet de door het fonds verstrekte opgaven en berekeningen de basis vormen voor de bepaling van de pensioenaanspraak van X. De gemaakte fout zit niet in de overgehevelde waarde, maar in de omrekening daarvan naar het aantal pensioenjaren. Met die omrekening heeft het pensioenfonds het toen geldende pensioenreglement onjuist toegepast. X kreeg te veel pensioenjaren toegekend, waarvoor geen premieafdracht plaatsvond. De brief van augustus 2016 met daarin de foutieve opgave van de hoogte van het ouderdomspensioen is volgens het hof geen wilsuiting of aanbod van de zijde van het fonds op grond waarvan door aanvaarding een pensioenovereenkomst tot stand kon komen, omdat X de aanspraak op de pensioenuitkering rechtstreeks aan het toen geldende pensioenreglement ontleende.

Het hof oordeelt, net zoals de kantonrechter, wel dat het fonds ten opzichte van X onrechtmatig handelde. Het fonds verstrekte onjuiste informatie en handelde daarmee in strijd met de uit artikel 48 Pensioenwet voortvloeiende plicht om correcte informatie te verstrekken. Het fonds is daarom aansprakelijk voor de door X als gevolg van dit onrechtmatig handelen geleden schade. Het hof vindt dat voldoende aannemelijk is geworden dat X, als hij in 2002 op de hoogte was geweest van de werkelijke hoogte van zijn pensioenuitkering, voorzieningen zou hebben getroffen.  De volgende vraag is volgens het hof of X in staat zou zijn geweest om een dergelijke voorziening te treffen. Het ligt op de weg van de erfgenamen van X om dit te onderbouwen. Zij krijgen daarvoor van het hof de gelegenheid, waarop het fonds dan weer mag reageren.

Commentaar

Een uitspraak die past in de consistente lijn van de afgelopen jaren. Het pensioenreglement is leidend en door een foutieve opgave ontstaan geen extra aanspraken. Zie ons nieuwsbericht van 6 februari 2019 en 21 september 2018. Ook minister Koolmees gaf in zijn brief aan de Tweede Kamer van 31 januari 2020 over de kwaliteit van pensioenadministraties (zie ons nieuwsbericht van 4 februari 2020) aan dat hij het niet wenselijk acht dat als een deelnemer bij een pensioenfonds volgens het UPO meer zou hebben opgebouwd dan waar deze volgens het pensioenreglement recht op heeft, dit op basis van een afdwingbaar recht ten koste zou gaan van de overige deelnemers in het collectief.
Het geven van incorrecte informatie is wel een onrechtmatige daad van het pensioenfonds. Voor zover een (gewezen) deelnemer daardoor schade leidt, moet het fonds die vergoeden. Maar de (gewezen) deelnemer moet deze schade wel aantonen.

Auteur: Herman Kappelle, directeur Aegon Adfis

Bron: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 21 januari 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:541.

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 5 februari 2020.