Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zakelijk Adfis Nieuws Pensioentoezegging 5 jaar na AOW-ingang niet toegestaan

Pensioentoezegging 5 jaar na AOW-ingang niet toegestaan

18 mei 2020

CAP beantwoordt vraag of ouderdomspensioen kan worden opgebouwd of toegezegd als de werknemer de leeftijd heeft bereikt die vijf jaar hoger is dan de AOW-leeftijd.

Uiterste ingangsdatum ouderdomspensioen

Volgens de Wet op de loonbelasting 1964 (Wet LB) moet het ouderdomspensioen uiterlijk ingaan op het tijdstip waarop de (gewezen) werknemer de leeftijd bereikt die vijf jaar hoger is dan de AOW-leeftijd. Dit is geregeld in artikel 18a, vierde lid en blijkt ook uit de eerder door het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen (CAP) gepubliceerde vraag en antwoord: V&A 18-009.

Het CAP werd gevraagd of dat ook het uiterste moment is waarop de opbouw van ouderdomspensioen moet stoppen.

Einde opbouw ouderdomspensioen maximaal vijf jaar na AOWdatum

Het CAP antwoordt op deze vraag dat de opbouw van ouderdomspensioen uiterlijk moet stoppen bij het bereiken van de leeftijd die vijf jaar hoger is dan de AOW-leeftijd. Dat geldt ook wanneer de werknemer daarna nog in dienstbetrekking door blijft werken, aldus het CAP. Het CAP refereert in haar antwoord aan de verzamelbrief pensioenonderwerpen van de minister van Sociale zaken van december 2019 waarin de minister dit ook aangeeft.

Ouderdomspensioen dat nog na dat tijdstip zou worden opgebouwd of toegezegd, voldoet niet meer aan die wettelijke voorwaarde.

Het CAP benadrukt in haar antwoord dat het evenmin mogelijk is om nog een aanspraak op ouderdomspensioen toe te zeggen aan een (gewezen) werknemer die de AOW-leeftijd al meer dan vijf jaar geleden heeft bereikt. Dit is anders voor partner- en wezenpensioen. Wanneer er nog sprake is van pensioengevend loon en pensioengevende diensttijd, dan is het nog wel mogelijk om nog een aanspraak op partnerpensioen en/of wezenpensioen op te bouwen of toe te zeggen. Het voor het ouderdomspensioen geldende wettelijke uiterste ingangsmoment geldt immers niet voor het partner- en wezenpensioen.

Commentaar

Het antwoord op de vraag is weliswaar niet verrassend, maar geeft wel duidelijkheid. Zoals ook de bedoeling is van de vragen en antwoorden die het CAP publiceert op haar website.

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 18 mei 2020

Auteur: Vera Hek, adviseur Aegon Adfis

Bronnen: Centraal Aanspreekpunt Pensioenen, V&A 20-007