Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Pensioenuitkering telt niet mee bij bepalen gebruikelijk loon

4 januari 2017

Een DGA bepleit dat hij voor de bepaling van zijn gebruikelijk loon ook rekening mag houden met zijn pensioenuitkering uit de BV. De inspecteur en de Rechtbank zijn het niet eens met deze opvatting. 

Gebruikelijk loon

Een DGA verricht advieswerkzaamheden voor A BV. Op 65-jarige leeftijd (april 2011) gaat het pensioen van de DGA in. Vanaf die datum keert de BV een ouderdomspensioen uit van ongeveer € 40.000 per jaar. De DGA blijf ook na april 2011 doorwerken voor A BV. A BV verlaagt het salaris met ingang van 2011 van € 60.000 per jaar naar € 30.000 per jaar.

De inspecteur stelt dat op basis van de regelgeving over het gebruikelijk loon van een DGA, het loon gesteld moet worden op € 60.000. Na bezwaar van de DGA verlaagt de inspecteur dit gebruikelijk loon vanwege de “doelmatigheidsmarge” met 30% tot € 42.000. De DGA is het hier nog niet mee eens want volgens hem moet de inspecteur bij het bepalen van zijn gebruikelijk loon ook rekening houden met de pensioenuitkering die hij krijgt van de BV.

Rechtbank 

De Rechtbank geeft de inspecteur gelijk. 

In geschil is of partijen bij het bepalen van het gebruikelijk loon rekening mogen houden met de - van de BV - ontvangen pensioenuitkering. 

De Rechtbank stelt dat de gebruikelijk loonregeling beoogt voor de werkzaamheden van een DGA een zakelijk te achten loon in de heffing van loon- en inkomstenbelasting te betrekken. Een en ander om ongewenste salarisconstructies tegen te gaan. Uit de wettekst, totstandkomingsgeschiedenis en jurisprudentie volgt volgens de Rechtbank dat er een relatie bestaat tussen de door de DGA verrichte werkzaamheden en het zakelijke loon voor deze werkzaamheden. Het gaat dus om loon uit tegenwoordige dienstbetrekking en niet om loon uit vroegere dienstbetrekking. Het is dus niet van belang of de DGA andere uitkeringen, zoals bijvoorbeeld lijfrente of pensioen, uit de BV ontvangt. 

Commentaar

De gebruikelijk loonregeling is opgenomen in de Wet op de loonbelasting. De regeling beoogt constructies van DGA ‘s met betrekking tot hun loon tegen te gaan. Als een DGA of zijn partner een aanmerkelijk belang hebben in de werk BV wordt het loon van de DGA ten minste gesteld op het  hoogste van de volgende bedragen (2011):

-    € 42.000 (in 2017: € 45.000); 
-    70% van het gebruikelijk loon van soortgelijke dienstbetrekkingen buiten de BV;
-    Het hoogste loon van de werknemers die in dienst zijn de BV of hiermee verbonden lichamen. 

Vanaf 2016 is het begrip “soortgelijke dienstbetrekking” vervangen door “de meest vergelijkbare dienstbetrekking”. Hierdoor kan de belastingdienst kort gezegd  altijd een relatie leggen met het loon van werknemers buiten de BV. 

Het is logisch dat de pensioenuitkering niet meetelt bij de bepaling van het gebruikelijk loon van de DGA. Als aanvulling op de argumenten van de Rechtbank wijzen wij er nog op dat ook bij de opbouw van het pensioen in eigen beheer hier geen rekening mee is gehouden. 

 

Auteur: Paul Lavrijssen, adviseur Aegon Adfis

Bron: Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 23 augustus 2016

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 3 januari  2017.