Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Revisierente bij afkoop lijfrente terecht

22 januari 2016

Als een belastingplichtige zijn lijfrenteverzekering afkoopt, is hij over de afkoopwaarde loonheffing en revisierente verschuldigd. Persoonlijke omstandigheden noch vermeende grondrechten leiden tot vermindering van de revisierente.

 

Afkoop lijfrenteverzekering

Mevrouw Y sloot in 1996 een lijfrenteverzekering. Op de expiratiedatum in 2008 zette zij de lijfrenteverzekering om in een uitgestelde bancaire lijfrente. Nog voordat er een termijn was ingegaan, kocht Y het lijfrenterecht in 2012 af. Over de uitkering van € 26.148 hield de bank een bedrag van € 13.598 aan loonheffing in. Tevens ontving Y een aanslag van 20% revisierente over de afkoopwaarde van € 5.229. 

Y maakte bezwaar tegen de hoogte van de revisierente. Volgens Y was zij vanwege haar financiële omstandigheden gedongen om de lijfrente af te kopen. Zij vond een boete van 20% in dat geval niet rechtvaardig. En vond de revisierente in strijd met het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). 

Rechtbank Gelderland 

De Kantonrechter wijst het verweer van Y af. Uit de wet en de parlementaire behandeling blijkt duidelijk dat revisierente geen boete is maar een middel om eerder genoten fiscaal voordeel te corrigeren. De Kantonrechter stelt:

“De revisierente vormt een rentevergoeding voor het feit dat de belasting over de lijfrentepremies (en het behaalde rendement), pas op een later tijdstip verschuldigd is dan ingeval de lijfrente van begin af aan als een niet gefacilieerd spaarproduct zou zijn behandeld. Hiermee wordt voorkomen dat een belastingplichtige die een lijfrente waarvoor premie-aftrek is genoten in een later stadium afkoopt, per saldo beter af zou zijn dan een belastingplichtige die van begin af aan zijn geld zou hebben belegd in een regulier spaarproduct dat onder het forfaitaire rendement valt.”

Persoonlijke omstandigheden doen hieraan niets af. 

Ook het beroep op het EVRM faalt. Uit het Protocol van het ERVM vloeit voort dat iedereen recht heeft op het ongestoorde genot van zijn eigendom en dat dit door niemand zal worden ontnomen. Behalve in het algemeen belang en onder de voorwaarden voorzien in de wet en in de algemene beginselen van internationaal recht. De rechter meent dat er sprake is van een behoorlijk evenwicht tussen het algemeen belang en het belang van Y. De revisierente is volgens de Kantonrechter legitiem, toegankelijk en voorzienbaar. Vandaar dat Y terecht 20% revisierente was verschuldigd. 

Commentaar 

Een logische uitspraak van de Kantonrechter. Hij kon niet ingaan op de persoonlijke situatie van Y omdat de wet over de revisierente duidelijk is en geen ruimte laat voor persoonlijke omstandigheden. De uitspraak bevestigt dat niet zomaar sprake is van schending van de grondrechten uit het EVRM. Als dat wel zo zou zijn, zou elke belastingheffing een inbreuk op eigendom zijn.

 

Auteur: Paul Lavrijssen, adviseur Aegon Adfis

Bron: Rechtbank Gelderland, datum 19 januari 2016; ECLI:NL:RBGEL:2016:175 

 

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 21 januari 2016