Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Roemeens pensioen mag in Nederland worden belast

24 april 2015

Een man woont in Nederland en ontvangt pensioen uit Roemenië. Hij vindt dat zijn pensioen in Roemenië belast moet worden en niet in Nederland. Hof Den Bosch geeft hem ongelijk. Het Belastingverdrag wijst weliswaar het heffingsrecht over zijn Roemeense pensioen aan Roemenië toe. Maar het Verdrag bepaalt ook dat Nederland bevoegd is bij zijn inwoners belasting te heffen over inkomensbestanddelen die volgens het Verdrag in Roemenië mogen worden belast.

Situatie

Meneer X woonde in 2010 in Nederland. Hij ontving een Roemeense pensioenuitkering van € 1.336. Hij bouwde dit pensioenrecht op in de jaren 1963 tot en met 1986 toen hij in Roemenië werkte.

De Nederlandse Belastingdienst belastte het Roemeense pensioen als buitenlandse inkomsten uit vroegere dienstbetrekking. Bij de vaststelling van de aanslag hield de Belastingdienst rekening met een zogenaamde “aftrek elders belast inkomen” van € 176. Deze aftrek berekende de Belastingdienst aan de hand van een breuk met € 1.336 als teller en € 40.811 (het wereldinkomen van X) als noemer. Deze breuk vermenigvuldigde de Belastingdienst met het bedrag aan Nederlandse inkomstenbelasting, dat X over 2010 verschuldigd was. Kortom: (€ 1.336/€ 40.811)x€ 5.377 = € 176.

Procedure

X stelt dat zijn Roemeense pensioen niet in Nederland belast mag worden. Volgens hem omdat het heffingsrecht aan Roemenië is toegewezen.  

Volgens het Hof bepaalt het Belastingverdrag inderdaad dat het Roemeense pensioen in Roemenië mag worden belast. Maar het Verdrag bepaalt ook dat Nederland bevoegd is inkomsten die volgens het Verdrag in Roemenië mogen worden belast mee te tellen in de belastinggrondslag van die inwoner in Nederland.

Oordeel van het Hof

Het Hof is, gelet op wat het Verdrag en het Besluit voorkoming dubbele belasting hierover bepaalt, van oordeel dat de inspecteur het Roemeense pensioen op juiste wijze in de Nederlandse belastingheffing heeft betrokken. De door de Inspecteur verleende vermindering op de door belanghebbende verschuldigde inkomstenbelasting ten bedrage van € 176 is juist berekend.

De stelling van X dat het Roemeense pensioen niet in de grondslag van de Nederlandse belastingheffing mag worden betrokken, treft geen doel. Voor het heffen van Nederlandse belasting is het, in tegenstelling tot hetgeen X meent, ook niet van belang dat hij, als hij in 2010 in Roemenië had gewoond, een hoger nettobedrag van zijn pensioen had overgehouden. Nu hij in dat jaar in Nederland woonde, gelden voor hem immers de regels van de Nederlandse belastingheffing. 

Commentaar

Het gaat in deze zaak blijkbaar om een pensioenuitkering uit de eerste pijler (staatspensioen; de Roemeense AOW). Uit de processtukken blijkt dit echter niet duidelijk. Als het aanvullende pensioen uit de tweede pijler zou zijn geweest, was het eenvoudig. Het Verdrag wijst het heffingsrecht over deze uitkeringen ondubbelzinnig toe aan de woonstaat (artikel 18, lid 1 Verdrag). Dan zou er geen discussie zijn over het heffingsrecht.

In de situatie die wij hier bespreken is het wat minder duidelijk. Het Hof verwijst naar artikel 18, lid 3 van het Verdrag. Daar staat dat pensioenuitkeringen in het bronland (hier: Roemenië) mogen worden belast. Het woord “mogen” sluit niet uit dat ook het woonland (Nederland) mag heffen. En dat is precies wat er hier gebeurde. Maar om te voorkomen dat de uitkeringen dubbel belast worden, houdt Nederland rekening met het feit dat de uitkeringen ook al in Roemenië zijn belast.

Artikel 18 Verdrag Nederland - Roemenië. Pensioenen, lijfrenten en sociale-zekerheidsuitkeringen

1.Onverminderd de bepalingen van artikel 19, tweede lid, zijn pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald aan een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een vroegere dienstbetrekking alsmede lijfrenten slechts in die Staat belastbaar.

2.(…)

3.Pensioenen en andere uitkeringen betaald krachtens de bepalingen van een sociaal-zekerheidsstelsel van een Verdragsluitende Staat aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat, mogen in de eerstgenoemde Staat worden belast.

  1. (…)

Auteur:  Erik Schouten, adviseur internationaal pensioen Aegon Adfis

Bron: Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 27 maart 2015, ECLI:NL:GHSHE:2015:1300.

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 24 april 2015.