Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Tijdelijke regeling franchise wordt permanent

11 november 2016

Staatssecretaris Wiebes beantwoordde vragen van de Tweede Kamer over onder andere de fiscale pensioenmaatregelen die in Belastingplan 2017 staan. Hij komt de Kamer enigszins tegemoet door bijvoorbeeld toe te zeggen dat de tijdelijke regeling op grond waarvan bij een zogenoemde combi pensioenregeling de middelloonfranchise gehanteerd mag worden, permanent te maken.

Overige fiscale pensioenmaatregelen

Het wetsvoorstel Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen voorziet in een drietal vereenvoudigingsvoorstellen die de uitvoeringslasten drastisch beperken. Het wettelijk mogelijk maken van de pensioeningangsdatum op de eerste van de maand waarin de deelnemer of zijn partner pensioengerechtigd wordt. Het vervallen van de doorwerkeis bij het uitstellen van het ouderdomspensioen en het vervallen van de 100%-toetst en de daarvan afgeleide grenzen.

De Tweede Kamer vroeg de staatsecretaris om ook op een paar andere punten te komen met verdere vereenvoudiging.

Verschil in franchise tussen eindloon en middelloon

De Belastingdienst stelt zich sinds 2015 op het standpunt dat er voor eindloonregelingen een andere franchise geldt dan voor middelloonregelingen. Zie ook ons bericht van 7 oktober 2014. Voor eindloonregelingen moet een franchise worden gehanteerd van minimaal 100/66,8 van de AOW-uitkering van een gehuwde. Voor middelloonregelingen is dit 100/75. Dit zorgt voor grote administratieve problemen bij de uitvoering van pensioenregelingen waarin het ouderdomspensioen is gebaseerd op een middelloonregeling of een beschikbare premieregeling en het partnerpensioen op een eindloonregeling, de zogenoemde combiregeling. Het administreren van twee franchises binnen één regeling vergt ingrijpende wijzigingen en forse investeringen in de automatisering en administratiesystemen van pensioenuitvoerders. Om de pensioenuitvoerder enige tijd te geven om zich hierop in te stellen, keurde de staatssecretaris in het besluit van 6 november 2015 goed dat voor de combiregelingen tot 1 januari 2018 de middelloonfranchise gehanteerd mag worden. Met name op aandrang van de VVD-fractie zegde de staatssecretaris tijdens het wetgevingsoverleg toe deze tijdelijke goedkeuring om te zetten naar een permanente.

Doorwerkvereiste bij uitstel van prepensioen

Het wetsvoorstel voorziet in het vervallen van de doorwerkeis voor ouderdomspensioen. De wettelijke voorwaarde dat een ouderdomspensioen na passeren van de reguliere pensioendatum niet later in kan gaan dan het tijdstip waarop de dienstbetrekking eindigt, vervalt. Daarvoor in de plaats komt de bepaling dat het ouderdomspensioen niet later in kan gaan dan op het tijdstip dat de werknemer of gewezen werknemer de leeftijd bereikt die vijf jaar hoger is dan de AOW-ingangsleeftijd.
D66 vroeg de staatssecretaris waarom de doorwerkeis niet ook vervalt voor prepensioenregelingen. De staatssecretaris antwoordde dat hierbij ook naar de budgettaire consequenties aan de uitgavenkant voor de sociale zekerheid en aan de lastenkant gekeken moet worden.

De staatssecretaris geeft in de schriftelijke reactie aan de Kamer aan dat er inmiddels nader overleg gevoerd is met het Ministerie van SZW over de budgettaire consequenties. Sociale zekerheidsuitkeringen kunnen (afhankelijk van de regeling) namelijk worden gekort indien een uitkering ingevolge een prepensioenregeling wordt genoten. Dit kan een prikkel vormen voor deelnemers om de ingangsdatum van de prepensioenregeling uit te stellen en daarmee (meer) gebruik te maken van de sociale zekerheid. Het in kaart brengen van de budgettaire consequenties hiervan vergt echter meer tijd waardoor het nu niet mogelijk om deze effecten te presenteren. Wiebes onderzoekt samen met de bewindspersonen van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de budgettaire effecten en zal de Kamer hierover informeren. Vanwege de te derven AOW-premies zijn er bovendien budgettaire gevolgen aan de inkomstenkant. De omvang hiervan is afhankelijk van de mate waarin het prepensioen zal worden uitgesteld. Wiebes informeert de Kamer gelijktijdig met de budgettaire consequenties aan de uitgavenkant hierover.

Doorwerkvereiste nu al laten vervallen?

Het CDA vroeg de staatssecretaris of hij bereid was om nu al iets te doen aan het doorwerkvereiste. Woordvoerder Omtzigt heeft de indruk dat “verzekeraars hier weinig aan willen doen”. Wiebes antwoordt dat hij het signaal van Omtzigt niet herkent. De verzekeraar legt het doorwerkvereiste niet op, het volgt uit de Wet LB 1964. Met het afschaffen van het doorwerkvereiste voor ouderdomspensioen verminderen de administratieve lasten voor pensioenuitvoerders. De pensioenuitvoerders hoeven dan namelijk niet meer jaarlijks te toetsen of en in hoeverre deelnemers, die hun pensioeningangsdatum van het ouderdomspensioen willen uitstellen, nog doorwerken.

Commentaar

De toezegging van de staatssecretaris dat hij de tijdelijke regeling in het besluit van 6 november 2015 permanent maakt, is voor de pensioenuitvoerders een heel belangrijke. Om twee franchises in één regeling te kunnen administreren, zijn forse investeringen in automatiserings- en administratiesystemen nodig. Daarnaast levert het een verzwaring van de uitvoeringslasten op. Door de pragmatische opstelling van de staatssecretaris en de volharding van de VVD-fractie is dat gelukkig niet nodig.

Wij zijn benieuwd naar de omvang van de mogelijke budgettaire consequenties van het afschaffen van de doorwerkeis voor prepensioen. Die kunnen best wel eens meevallen. Het UWV heeft het recht om uitkering te weigeren of te verlagen als sprake is van "eigen schuld". Uitstel is een vrijwillige actie van de deelnemer. Dat zou dus voor het UWV een goede grond kunnen zijn om een uitkering te weigeren.

De reactie van de staatssecretaris om niet vooruit te lopen op het afschaffen van de doorwerkeis voor ouderdomspensioen is een volkomen logische. De doorwerkeis is gebaseerd op de huidige tekst van de Wet LB 1964. Die wijzigt per 1 januari 2017 als dit wetsvoorstel wordt aangenomen. Daarop voortuitlopen is dus handelen in strijd met de wettelijke bepalingen van nu.

Auteur: Herman Kappelle, directeur Aegon Adfis

Bronnen:

 

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 11 november 2016.