Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Wet pensioencommunicatie aangenomen door Tweede Kamer

12 maart 2015

Op 5 maart nam de Tweede Kamer het wetsvoorstel Wet pensioencommunicatie aan. Het voorbereidend onderzoek door de Eerste Kamercommissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) vindt plaats op 31 maart 2015. Hierna bespreken wij de hoofdlijnen van de Wet pensioencommunicatie. 

Waarom een nieuwe wet voor pensioencommunicatie?

Het pensioenbewustzijn van de Nederlanders is laag. Het merendeel van de Nederlanders is onvoldoende op de hoogte van zijn inkomenspositie na pensionering. De belangrijkste informatiebronnen zoals het uniform pensioenoverzicht en de startbrief zijn voor een groot deel van de deelnemers onvoldoende begrijpelijk. De Wet pensioencommunicatie moet daarin verandering brengen. En ertoe leiden dat de deelnemer zich bewust wordt van de risico’s van de pensioenvoorziening,  weet hoeveel pensioen hij kan verwachten en of dat voldoende is. In de Wet pensioencommunicatie wordt meer aangesloten aan de informatiebehoeften en de kenmerken van de deelnemer. De informatie moet de deelnemer daadwerkelijk bereiken. 

Digitale informatieverstrekking aan de deelnemer

De informatie van de pensioenuitvoerders moet voor de deelnemers aantrekkelijk en begrijpelijk zijn. De toegankelijkheid van deze informatie is afgestemd op de behoeften van de deelnemer. De pensioenuitvoerder wordt de keuze gesteld of zij de informatie schriftelijk of elektronisch verstrekken. Als de deelnemer bezwaar heeft tegen elektronische verstrekking dan moet de informatie schriftelijk verstrekt worden. De deelnemers mogen ten hoogste één keer per jaar wisselen tussen digitale en schriftelijke communicatie. 

Pensioen 1-2-3

Iedere nieuwe deelnemer ontvangt volgens de pensioenwet binnen drie maanden een startbrief. De startbrief wordt vaak niet gelezen omdat deze te lang en te weinig aansprekend is. Het nieuwe Pensioen 1-2-3 moet dit oplossen.

Het Pensioen 1-2-3 bestaat uit drie delen en geeft inzicht in de belangrijkste kenmerken van de pensioenregeling. In het eerste deel vindt de deelnemer de meest essentiële informatie en in de delen 2 en 3 kan de deelnemer uitgebreidere informatie vinden. De informatie over de pensioenregeling (pensioen 1-2-3), de uitvoeringskosten, het jaarverslag en de jaarrekening moet in ieder geval beschikbaar zijn voor de deelnemer, gewezen deelnemer of pensioengerechtigde. 

UPO

De pensioenuitvoerders moeten op basis van huidige regelgeving jaarlijks via het Uniform Pensioen Overzicht (UPO) informatie verstrekken aan de deelnemer over zijn opgebouwde en  te bereiken pensioenaanspraken. De informatie op het UPO is te uitgebreid waardoor het zijn doel voorbij schiet.  De Wet pensioencommunicatie schrijft voor dat het UPO voortaan  uitsluitend de opgebouwde aanspraken en de waardeaangroei van het afgelopen jaar vermeldt. Daarnaast vervallen het toeslaglabel en de toeslagenmatrix. 

Pensioenregister

Helma Lodders (VVD) vroeg de regering om een onderzoek voor harmonisatie van verschillende informatiekanalen (UPO, pensioenregister, pensioen 1,2,3). En of de derde pijler kan worden toegevoegd aan het pensioenregister. Het pensioenregister geeft een totaaloverzicht van het op dit moment opgebouwde pensioen en het te bereiken pensioen uit de eerste en tweede pijler op de AOW gerechtigde leeftijd van de deelnemer. 

Mensen kunnen niet goed inschatten wat inflatie voor de koopkracht van hun toekomstig pensioen betekent. In het pensioenregister zullen koopkracht en risico’s voor de deelnemer persoonlijk daarom zichtbaar moeten worden aan de hand van drie pensioenbedragen die zijn gebaseerd op optimistisch, verwacht en pessimistisch scenario. Verder is het de bedoeling dat het pensioenregister de gevolgen laat zien van keuzes van de deelnemer, zoals eerder stoppen en langer doorwerken. Verder moeten de te bereiken en te verwachten pensioenen bij  de verschillende pensioenuitvoerders op vergelijkbare wijze berekend te worden. 

Om de deelnemers meer inzicht te geven in de betaalde premies is het enkel opnemen van het percentage van de premie die de werknemer zelf en de werkgever betaalt onvoldoende. Voor het pensioenbewustzijn en het inzicht in pensioenopbouw is het nuttig dat deelnemers ook weten hoeveel premie de werkgever betaalt. De regering is gevraagd om communicatiekanalen te verkennen die werknemers meer inzicht moeten geven in het absolute bedrag aan pensioenpremie dat de werkgever voor hen betaalt en de Kamer hier voor 1 juli 2015 te informeren.

Commentaar

Ondanks alle inspanningen en informatieverplichtingen die de Pensioenwet is het pensioenbewustzijn van deelnemers laag. De Wet Pensioencommunicatie moet daarin verandering brengen. Een stap in de goede richting is dat men de hoeveelheid informatie wil beperken. En de functie van het pensioenregister wil uitbreiden. En het aantal informatieloketten wil beperken.De beoogde ingangsdatum van de Wet pensioencommunicatie is 1 juli 2015. 

Het is naar onze mening echter een illusie om te veronderstellen dat met de Wet pensioencommunicatie alle deelnemers volledig pensioenbewust zijn. En er blijft daarom een rol voor de adviseur. Is bij de deelnemer bijvoorbeeld bekend dat de AOW datum niet meer gelijk is aan de pensioendatum? In hoeverre zijn ze bekend dat de pensioenleeftijd op basis van de levensverwachting in de toekomst weer zal stijgen? Is het bij de deelnemer bekend dat het partnerpensioen per 1 januari 2015 fiks lager kan zijn? Het vergroten van het pensioenbewustzijn van de deelnemer zal de deelnemer doen beseffen dat individuele pensioenplanning en advisering nog belangrijker wordt. 
 

Auteur: Sjoerd Brouwer, adviseur Aegon Adfis

Bronnen: Eerste Kamer, Wet Pensioencomminicatie

 

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 12 maart 2015