Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Wet uitfasering PEB; afkoopkorting partnerpensioen

8 juli 2019

Bij afkoop van partnerpensioen in eigen beheer kunnen partners een beroep doen op de hardheidsclausule. De afkoopkorting wordt in die situatie bepaald alsof het partnerpensioen ultimo 2015 al was ingegaan.

Afkoopkorting bij afkoop PEB

De Wet uitfasering pensioen in eigen beheer (PEB) geeft DGA ’s de mogelijkheid om hun pensioenaanspraken in eigen beheer op een voordelige manier af te kopen. De mogelijkheid geldt ook voor weduwen en wezen die recht hebben op respectievelijk een partner- en wezenpensioen in eigen beheer.

Voorafgaand aan de afkoop kan de gerechtigde zijn pensioenaanspraak prijsgeven voor zover de waarde in het economische verkeer hiervan hoger is dan de fiscale waarde. De afkoopwaarde is dan gelijk aan de fiscale waarde van de pensioenverplichting vóór het prijsgeven van de aanspraken. Voor de loonheffing wordt de afkoopwaarde nog verminderd met een korting. Deze afkoopkorting bedraagt in 2019 19,5% van het laagste bedrag van:

  • de fiscale balanswaarde van de pensioenverplichting op het moment van afkoop en;
  • de fiscale balanswaarde van de pensioenverplichting op de eindbalans van het in 2015 geëindigde boekjaar.

In 2017 en 2018 bedroeg de afkoopkorting respectievelijk 34,55% en 25%.

Afkoop partnerpensioen

Voor een partner van wie de echtgenoot-DGA na 2015 is overleden, werkt de maximering van de afkoopkorting onvoordelig uit. De verplichting van het ouderdomspensioen op de eindbalans 2015 zal vaak veel lager zijn dan de verplichting van het partnerpensioen op het moment van afkoop. Zeker in de situatie dat het pensioen nog in opbouw is. In die situatie ontstaat door het overlijden van de DGA een waardesprong in de pensioenverplichting. De waarde van een uitgesteld nog niet volledig opgebouwd ouderdomspensioen is doorgaans veel lager dan een ingegaan levenslang volledig partnerpensioen. Zeker bij jonge partners kan dat verschil behoorlijk oplopen.

Ter illustratie een voorbeeld:

Een DGA overlijdt begin 2018 op 50 jarige leeftijd. Zijn partner is dan 45 jaar. De pensioentoezegging bevat een ouderdomspensioen ingaande op 67 jaar van € 40.000 en een levenslang partnerpensioen van € 28.000. De partner van de DGA besluit het pensioen op 1 juli 2019 af te kopen.

De waarde van de pensioenverplichting:

Datum

Aanspraak/recht

Fiscale waarde

Waarde economische verkeer

31-12-2015

OP en PP

€ 356.000

€ 649.000

Begin 2018 (overlijdensdatum DGA)

PP

€ 542.000

€ 994.000

01-07-2019

PP

€ 532.000

€ 976.000

 

Bij afkoop in 2019 bedraagt de afkoopwaarde € 532.000 en bedraagt de afkoopkorting volgens de wet maar € 69.420 (19,5% van € 356.000).

Hardheidsclausule

De begrenzing van de afkoopkorting is opgenomen om te voorkomen dat extra stortingen zouden worden gedaan om zo een hogere grondslag voor de te verlenen korting te creëren. Hiervan is geen sprake bij het overlijden van de DGA na het eindigen van het boekjaar 2015. Bij afkoop van het partnerpensioen zou over de stijging van de fiscale balansverplichting voor het partnerpensioen geen afkoopkorting van toepassing zijn. Hierdoor werkt de begrenzing van de afkoopkorting onbedoeld te beperkend uit. In deze situaties kan volgens het Centraal Aanspreekpunt Pensioen (CAP) een verzoek om toepassing van het hardheidsclausulebeleid worden gedaan bij het Ministerie van Financiën. In dat geval wordt de afkoopkorting gerelateerd aan de waarde van de verplichting van het (fictief) ingegane partnerpensioen ultimo 2015. Bij dit verzoek moeten belastingplichtigen berekeningen overleggen van de afkoopwaarde van het partnerpensioen en de fiscale balanswaarde van de verplichting voor het partnerpensioen ultimo boekjaar 2015 zonder en met herrekening. De herrekening gaat uit van de fictieve situatie waarin de DGA al ultimo boekjaar 2015 was overleden.

De fiscale waarde van het in het voorbeeld in 2015 fictief ingegaan partnerpensioen bedraagt € 554.000. De afkoopkorting bedraagt met een beroep op de hardheidsclausule € 108.030 (19,5% van € 554.00); ruim € 38.600 meer dan de korting die de partner krijgt volgens de wet.

Het verzoek om toepassing van de hardheidsclausule kan worden gezonden aan:

Ministerie van Financiën
CD Vaktechniek
Team Brieven en Beleidsbesluiten
Postbus 20201
2500 EE Den Haag

Commentaar

In de situatie dat een DGA overlijdt na 2015 en het partnerpensioen door zijn partner in het kader van de Wet uitfasering PEB, wordt afgekocht, werkt de begrenzing van de afkoopkorting vaak onvoordelig uit. De beperking van de afkoopkorting is niet in de wet opgenomen voor deze situatie. Daarom kan volgens het CAP op grond van de hardheidsclausule worden verzocht om de afkoopkorting te berekenen op de waarde van het partnerpensioen ultimo 2015, ervan uitgaande dat de DGA op dat moment al was overleden. Hierdoor krijgen de partners bij afkoop van hun partnerpensioen een hogere afkoopkorting dan in de Wet is voorzien.

Auteur: Paul Lavrijssen, adviseur Aegon Adfis

Bron: Vragen & Antwoorden CAP 19-002, 27 juni 2019

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 5 juli 201