Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Wiebes beantwoordt Kamervragen over uitfasering PEB

28 oktober 2016

Staatssecretaris Wiebes beantwoordt in de Nota naar aanleiding van het verslag vragen van de Tweede Kamer over het wetsvoorstel Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen. Een aantal van die vragen en antwoorden over de uitfasering vindt u hierna.

Is de belastingkorting bij afkoop niet te ruim? En is deze korting aan een beperkte groep van belastingplichtige wel rechtvaardig ten opzichte van andere belastingplichtigen? 

Achtergrond van het wetsvoorstel is om de knelpunten bij pensioen in eigen beheer (PEB) weg te nemen. En ook om de uitvoering te vereenvoudigen. Volgens Wiebes wordt  doel bereikt door op korte termijn PEB uit te faseren. Daarbij moet het voor DGA’ s aantrekkelijk zijn om het PEB af te kopen. Uit overleg met de Kamer en belangorganisaties blijkt een belastingkorting van 34,5% daarvoor juist. De korting geldt alleen voor DGA’ s met PEB omdat daar knelpunten moeten worden opgelost. 

Is er voldoende adviescapaciteit om DGA’ s en hun partners te informeren en te adviseren over hun keuzes? 

Wiebes verwijst de DGA’ s in deze Nota verschillende malen naar een adviseur. Volgens hem is hiervoor bij adviseurs en accountants voldoende adviescapaciteit aanwezig.

Krijgt de DGA meer tijd  om zijn PEB premievrij te maken? 

De DGA moet ervoor zorgen dat vanaf 1 januari 2017 het PEB niet verder wordt opgebouwd. De verdere opbouw kan hij stopzetten met een eenvoudig (bevestigend) besluit in een voor 1 januari 2017 te houden aandeelhoudersvergadering. De DGA is bij deze aandeelhoudersvergadering aanwezig in de hoedanigheid van bestuurder, werkgever en aandeelhouder. Hierbij is voor de DGA in zijn hoedanigheid als werknemer geen rol weggelegd. 

Wil het Kabinet de termijn waarin een DGA zijn verzekerd pensioenkapitaal nog fiscaal geruisloos kan overdragen aan de BV verlengen? 

Het Kabinet wil afkoop van verzekerd pensioen niet stimuleren. Overdracht van een verzekerd pensioen naar eigen beheer kan fiscaal geruisloos alleen maar tot 1 januari 2017. Het is voldoende als het verzoek aan de verzekeraar is gedaan voor die datum. Het is geen probleem als de administratieve afhandeling van dit verzoek na die datum ligt.  

Waarom is het niet mogelijk dat de DGA zijn pensioen gedeeltelijk of gefaseerd afkoopt? 

Volgens Wiebes voldoet een gedeeltelijke of gefaseerde afkoop niet aan de doelstelling om het PEB snel uit te faseren en de uitvoeringslasten te beperken. Het is wel mogelijk om een ODV gedurende de periode 2017 tot en met 2019 alsnog (met korting en zonder heffing van revisierente) af te kopen. Waarom is in het voorstel opgenomen dat de belastingkorting bij afkoop alleen geldt voor pensioen dat eind 2015 in eigen beheer werd gehouden? Het Kabinet wil voorkomen dat in 2016 nog hoge bedragen aan het PEB worden toegevoegd om zo maximaal te kunnen profiteren van de afstempeling en belastingkorting. Volgens Wiebes is dit de eenvoudigste manier om anticiperend gedrag te voorkomen. 

Kan de afkoop ook gevolgen hebben voor de premies sociale verzekeringen en voor de inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet? 

De afkoop heeft geen gevolgen voor de premies voor de werknemersverzekeringen, omdat deze niet worden geheven over loon uit vroegere dienstbetrekking. Er kan inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet verschuldigd zijn voor zover het maximumbijdrageloon van (in 2016) € 52.763 zonder de afkoop nog niet wordt bereikt. 

Welke wettelijke bepalingen maken de fiscaal geruisloze omzetting van een ODV in een lijfrente mogelijk?

 De fiscaal geruisloze omzetting van een ODV in een lijfrente is opgenomen in het voorgestelde artikel 38p van de Wet LB 1964. Volgens dit artikel moet de DGA de verzekeringnemer van de oudedagslijfrente zijn. De BV moet het bedrag voor de lijfrente rechtstreeks overmaken de uitvoerder van de lijfrente.

Kan de staatssecretaris voorbeelden geven van een redelijke verdeling van het pensioen en compensatie aan de partner? 

De berekening van de compensatie is volgens Wiebes een kwestie van maatwerk. Een algemeen rekenvoorbeeld is daarvoor niet geschikt. Wiebes wijst hiervoor naar de adviseurs van de DGA en diens partner.

Kan er bij de afkoop van het PEB of omzetting in een ODV sprake zijn van een schenking van de partner aan de DGA? Bijvoorbeeld in de situatie dat de partner niet of onvoldoende wordt gecompenseerd of afziet van compensatie? 

Voor het afstempelen van de pensioenaanspraak, gevolgd door afkoop of omzetting in een ODV, is de instemming van de partner een uitdrukkelijke voorwaarde. Daarom moeten zowel de DGA als zijn partner het informatieformulier beiden ondertekenen. De plicht om de partner te compenseren ligt overigens bij de DGA en niet bij de BV. Het gaat namelijk om de opgebouwde pensioenaanspraken van de DGA en hij ontvangt het daar tegenover staande kapitaal. Indien de DGA niet voor passende compensatie zorgt, kan sprake zijn van een belastbare schenking van de partner aan de DGA. Dit is afhankelijk van de feiten en omstandigheden. Er kan ook sprake zijn van een schenking als de (gewezen) partner afziet van passende compensatie voor het verlies van rechten. Daarbij gaat de staatssecretaris ervan uit dat de DGA en zijn partner goed zijn geïnformeerd door de hun adviseur(s). De eventuele vergoeding die een DGA aan zijn partner betaalt als compensatie in het kader van het uitfaseren van het PEB, speelt zich volledig af in de vermogenssfeer en vormt daarmee geen belastbaar feit voor de inkomstenbelasting.

Als de DGA en zijn partner in hun huwelijkse voorwaarden overeengekomen zijn, dat zij het pensioen niet zullen vereven, moet de DGA de partner dan toch nog compenseren? 

Nee dat hoeft niet.

Kan de staatssecretaris exact aangeven wanneer wel en wanneer er geen sprake is van schenking in het geval dat de aandelen in andere handen zijn dan de DGA die zijn pensioen afkoopt of omzet in een ODV? 

Voor een belastbare schenking gelden als uitgangspunten dat sprake moet zijn van een verarming bij de schenker, een verrijking bij de begiftigde én een bevoordelingsbedoeling bij de schenker. Als er ook andere aandeelhouders zijn van het eigenbeheerlichaam kan bij het prijsgeven van pensioenaanspraken en als gevolg van de daaruit volgende waardestijging van de aandelen, sprake zijn van een bevoordeling van de andere aandeelhouders door de DGA. Als die andere aandeelhouders de DGA voor deze waardestijging niet compenseren kan de DGA schenkbelasting verschuldigd zijn.

Kan een DGA zijn reeds ingegaan pensioen ook omzetten in een ODV en wat is dan de looptijd van de termijnen? 

Ja dat is mogelijk. Ook in dit geval geldt de standaardtermijn van 20 jaren plus de periode dat het pensioen werd uitgekeerd voor de AOW-leeftijd. De duur van de uitkeringstermijn wordt vervolgens bepaald door de (standaard)periode te verminderen met het aantal jaren dat het pensioen is uitgekeerd. 

Verder geeft de staatssecretaris ook nog antwoord op vragen die gesteld zijn door het NOB en RB. 

Bij extern eigen beheer is de afkoopwaarde gelijk aan de fiscale balanswaarde. Dat is in voorkomende gevallen dus inclusief het bedrag dat de Werk BV heeft betaald voor de indexatieverplichting. De belaste afkoopwaarde is in dat geval dus hoger dan afkoopwaarde bij intern eigen beheer. Daar staat tegenover dat de Werk BV de geactiveerde indexatielast ten laste van de winst kan laten vrijvallen. 

Volgens de staatssecretaris moet de DGA bij eigen beheer met een onbepaald elders verzekerd deel zijn pensioenovereenkomst voor 1 januari 2017 aanpassen. Partijen moeten volgens Wiebes uitsluiten dat de BV vanaf 1 januari 2017 nog gehouden is om het extern verzekerde deel van het pensioen aan te vullen met een in eigen beheer gehouden pensioen. Met andere woorden het verzekerde deel moet worden omgezet van een onbepaald in een bepaald deel. Als de pensioenovereenkomst en de bestaande extern verzekerde pensioenverzekering voldoen aan de daarvoor geldende fiscale pensioenregels kan de DGA de pensioenopbouw in 2017 op de bestaande pensioenpolis bij de externe verzekeraar voortzetten. 

Commentaar

Ondanks de vele vragen van zowel de Tweede Kamer als belangenorganisaties gaat staatssecretaris Wiebes het wetsvoorstel: Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen, niet aanpassen. Diverse keren verwijst Wiebes de DGA en zijn partner naar hun adviseur(s). Het belang hiervan speelt met name bij de compensatie van de DGA aan zijn partner bij afkoop of omzetting in een ODV. Als deze compensatie ontoereikend is of de partner afziet van de compensatie van zijn of haar afgeleid recht is kennelijk sprake van een schenking die belast kan worden met schenkbelasting. De DGA die zijn partner niet betrekt in zijn keuze voor afkoop of omzetting in een ODV speelt met vuur. 

Nieuw is de stelling van Wiebes dat bij een onbepaald verzekerd deel de pensioenovereenkomst vóór 1 januari 2017 moet worden aangepast. Het is ons niet duidelijk op welk artikel van het wetsvoorstel Wiebes dit baseert. En als het wetsvoorstel hiervoor al aanleiding zou geven dan is de tijd hiervoor wel heel erg kort. Immers het ziet er naar uit dat de behandeling van dit wetsvoorstel in de Eerste Kamer niet eerder dan medio december 2016 is afgerond. Wiebes wijst erop dat dit bij andere wetswijzigingen zoals VPL en VAP ook goed ging. Maar bij die wetten hadden DGA’ s veel meer tijd dan nu!

 

Auteur: Paul Lavrijssen, adviseur Aegon Adfis
Bron: nota naar aanleiding van het verslag, d.d. 25-10-2016

 

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 25 oktober 2016