Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Zekerheid voor te verevenen DGA-pensioen

15 oktober 2014

Bij echtscheiding kan de ex-partner van de DGA verzoeken dat de BV zijn aandeel  in het in eigen beheer opgebouwde pensioen afstort bij een verzekeraar. Als de BV deze eis niet kan inwilligen, kan de ex-partner andere zekerheden vragen.

Geschil

Een man en vrouw trouwden in 1991 op huwelijkse voorwaarden. Het huwelijk werd in 2011 ontbonden door echtscheiding. De man is directeur enig aandeelhouder (DGA) van een BV. Deze BV had de DGA pensioenaanspraken toegekend en deze in eigen beheer gehouden. Bij de echtscheiding vordert de vrouw dat de BV haar verevend ouderdomspensioen en het bijzonder partnerpensioen-afstort bij een professionele verzekeraar. Eventueel in delen. Zij vraagt hiervoor een zekerheidstelling van de man. De koopsom voor deze aanspraken is bepaald op € 222.000,-.Volgens een accountantsrapport is de liquiditeits- en solvabiliteitspositie van de BV niet toereikend om een bedrag ineens van € 222.000,- te betalen.

Gerechtshof

Het Hof twijfelt niet aan de inhoud van het accountantsrapport. Volgens het Hof heeft de DGA voldoende aannemelijk gemaakt dat afstorting ineens niet mogelijk is. De vrouw heeft volgens het Hof onvoldoende aannemelijk gemaakt dat afstorting in delen tot de mogelijkheden behoort en op welke wijze dit vervolgens moet worden ingevuld. Er is volgens het Hof dan ook (nog) geen grond om tegemoet te komen aan het verzoek  van de vrouw om de aanspraken te herverzekeren. Het Hof roept de DGA op om alternatieven aan te dragen om het pensioen van de vrouw zeker te stellen. Hiervoor moet onderzocht worden of de BV een extra hypothecaire lening kan krijgen of andere zekerheden aan de vrouw kunnen worden gegeven

Commentaar

Het is redelijk en billijk dat een ex-partner voor het pensioen niet afhankelijk wil blijven van de DGA en diens BV. De DGA kan door zijn handelen er immers  voor zorgen dat de BV in de toekomst het pensioen niet kan uitkeren. Door afstorting van die pensioenrechten bij een verzekeraar is de ex-partner niet langer afhankelijk van het handelen van de DGA. 
In eerdere jurisprudentie is al bepaald dat het verzoek tot afstorting niet hoeft te worden gehonoreerd als daardoor de continuïteit van de onderneming van de BV in gevaar komt. Zie bijvoorbeeld ons bericht van 21 augustus 2014. Het Hof voegt hier in deze uitspraak nog wat aan toe. Als het verzoek tot afstorting niet kan worden ingewilligd moeten de DGA en/of de BV op een andere manier zekerheden geven aan de ex-partner ter nakoming van de pensioenverplichting.

 

Auteurs: Vera Hek en Paul Lavrijssen, adviseurs Aegon Adfis
Bron: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 14-08-2014; ECLI:NL:GHARL:2014:6520.

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 15 oktober 2014.