Overslaan en naar de inhoud gaan

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Zakelijk Aegon Adfis Praktijkvragen Praktijkvraag – Hoogte Nabestaandenoverbruggingspensioen

Praktijkvraag – Hoogte Nabestaandenoverbruggingspensioen

Vraag

Een adviseur vraagt waarom er een nieuw antwoord is gegeven door het Aanspreekpunt Pensioenen van de belastingdienst (CAP) over de fiscaal maximale hoogte van het nabestaandenoverbruggingspensioen?

Antwoord

In dit aangepaste antwoord op dezelfde vraag van augustus 2018 is nader ingegaan op het effect van loon - en prijsontwikkelingen op de fiscaal maximale hoogte van het nabestaandenoverbruggingspensioen (NOP).

Volgens artikel 18f van de Wet op de loonbelasting 1964 (Wet LB) mag een NOP maximaal bestaan uit de som van:

  • Voor de partner of gewezen partner: 

o    8/7 maal de nominale uitkering ingevolge artikel 17, eerste lid, van de Algemene nabestaandenwet (ANW), vermeerderd met de vakantie-uitkering (ANW-compensatie);

o    het verschil in verschuldigde premie voor de volksverzekering over het partnerpensioen voor en na de AOW-leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet (AOW) (premiecompensatie).

Daarnaast mag voor het NOP voor de partner op te nemen premiecompensatie ook nog worden verhoogd met een compensatie voor verschuldigde belasting en premie voor de volksverzekeringen over de compensatie. Deze brutering is alleen toegestaan als het netto pensioeninkomen vóór de AOW-leeftijd door de brutering dus niet hoger wordt dan het netto pensioeninkomen na de AOW-leeftijd. Dus:

  • De brutering is maximaal gelijk aan de over de premiecompensatie en de brutering verschuldigde belasting en premie volksverzekeringen.
  • De brutering kan niet tot gevolg hebben dat het netto pensioeninkomen vóór de AOW-leeftijd hoger wordt dan het netto pensioeninkomen na de AOW-leeftijd. Deze beperking kan tot gevolg hebben dat geen of slechts een lagere brutering van de premiecompensatie kan worden toegepast.

In het antwoord van het CAP vindt u rekenvoorbeelden van het maximale NOP.

Aanpassen NOP aan loon- of prijsontwikkeling

Omdat het NOP niet wordt genoemd in artikel 18d, eerste lid onder a Wet LB, mag het NOP in tegenstelling tot de in het artikel genoemde pensioenen de fiscale grenzen voor het NOP niet overschrijden door aanpassing van het pensioen aan loon- of prijsontwikkeling. Dit beperkt de mogelijkheden om het NOP aan te passen aan loon- of prijsontwikkeling op basis van een vast of variabel indexatiepercentage. Een dergelijke indexatie is volgens het CAP fiscaal slechts mogelijk als het NOP na de indexatie het voor de NOP-gerechtigde geldende fiscale maximum niet overschrijdt.

Bron: V & A 08-068, 3 februari 2020

Deze praktijkvraag is opgesteld naar de stand van zaken op 10 februari 2020