Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Afkoopsom aan klokkenluider geen vergoeding van immateriële schade

14 januari 2015

Een werknemer werd ontslagen. Hij kreeg een schadeloosstelling die volgens partijen gedeeltelijk een vergoeding was voor immateriële schade. Volgens het Gerechtshof is de hele schadevergoeding inkomsten uit vroegere dienstbetrekking. 

De kwestie 

Een werknemer was vanaf 1984 in dienst van een werkgever. De werknemer en de werkgever kregen conflicten over de uitvoering van de werkzaamheden door de werknemer. De werknemer  trad naar buiten als klokkenluider. In verband met deze conflicten ontbond de kantonrechter in 2009 de dienstbetrekking. De kantonrechter kende de werknemer een schadevergoeding toe van € 35.000. de werknemer wendde deze schadevergoeding  aan voor een stamrecht.
De werkgever was eigen risicodrager voor de WW. Hij meende dat de werknemer geen recht had op de uitkering van WW. Dit geschil leidde tot een procedure bij de Centrale Raad van Beroep. Deze kwam niet tot een uitspraak omdat partijen hun geschil via een mediationtraject gingen oplossen. Dit mediationtraject resulteerde voor  de werknemer in een extra schadevergoeding van € 175.000. Volgens de vaststellingsovereenkomst bestond dit bedrag uit:

  • € 90.000 voor gederfde WW en gemiste pensioenpremies
  • € 85.000 als vergoeding van immateriële schade  

 

De € 90.000 werd toegevoegd aan het stamrecht van  de werknemer. De overige € 85.000 moest de werkgever netto aan de werknemer uitkeren. De belastinginspecteur weigerde een netto uitkering van dit bedrag. Die vond dat er sprake was van loon uit vroegere dienstbetrekking. Daarom keerde de werkgever het bedrag van € 85.000 uit onder inhouding van € 44.200 loonheffing.

De werknemer maakt bezwaar tegen deze inhouding. 

Gerechtshof Arnhem - Leeuwarden 

Het geschil was of de werknemer immateriële schade had geleden. Het Gerechtshof haalt de hoofdregel aan: alles wat uit dienstbetrekking wordt verkregen is loon. De werknemer moet aantonen dat een deel van de vergoeding niet zijn oorsprong vindt in de dienstbetrekking. 

De werknemer slaagde er niet in om aan te tonen dat de vergoeding van € 85.000 haar oorsprong vond buiten de dienstbetrekking. In de procedure die de werknemer had aangespannen bij de kantonrechter heeft hij geen vordering tot vergoeding van immateriële schade gedaan. En ook in het mediationtraject heeft de werknemer slechts een vergoeding geëist voor het derven van WW en pensioenopbouw. De berekeningen van de schadevergoeding zijn hierop ook gebaseerd.  

Commentaar 

Een vergoeding voor immateriële schade behoort niet tot het belastbare loon. Maar fiscaal is er niet snel sprake van een immateriële schadevergoeding. Dit wordt tegengewerkt door de hoofdregel: : alles wat uit dienstbetrekking wordt verkregen is loon. Op de belastingplichtige rust de bewijslast dat de vergoeding niet voortkomt uit de dienstbetrekking. Dit is lastig aan te tonen. De werknemer moet namelijk aantonen dat hij de vergoeding niet krijgt in zijn hoedanigheid als werknemer, maar als iemand waartegen de werkgever onrechtmatig heeft gehandeld. Met andere woorden: had hij ook een schadevergoeding gekregen als hij geen werknemer was geweest? In elk geval is het onvoldoende als- zoals gebeurde in deze procedure - in een vaststellingsovereenkomst de schadevergoeding immaterieel wordt genoemd.  

 

Auteur: Paul Lavrijssen, adviseur Aegon Adfis
Bron: Gerechtshof Arnhem – Leeuwarden, 17-12-2014; ECLI:NL:GHARL:2014:9824

 

Dit bericht is opgesteld naar de stand van zaken op 14 januari 2015