Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

AOW-overbruggingsregeling: hoe een kleine regeling groot gemaakt wordt

26 april 2013

Naar aanleiding van haar brief over de tijdelijke overbruggingsregeling voor de AOW stelde de Tweede Kamer vragen aan staatssecretaris Klijnsma. Op 23 april beantwoordde zij die vragen.

Overbruggingsregeling aangepast na Sociaal Akkoord

In het Regeerakkoord is afgesproken dat een overbruggingsregeling AOW-verhoging wordt ingevoerd voor mensen met een laag inkomen die deelnemen aan een VUT- of prepensioenregeling en die zich niet hebben kunnen voorbereiden op de leeftijdsverhoging AOW. Op 22 maart 2013 stuurde de staatssecretaris de concept regeling aan de Tweede Kamer. Wij hebben in ons nieuwsbericht van 29 maart uitgebreid aandacht besteed aan de inhoud voorgestelde overbruggingsregeling.

Op basis van het Sociaal Akkoord breidt het kabinet het bereik van de overbruggingsregeling uit tot deelnemers met een inkomen tot 200% van het wettelijk minimumloon (en tot 300% voor paren). Zie ook ons nieuwsbericht van 12 april. Klijnsma houdt In haar beantwoording van de vragen van de Tweede Kamer rekening met deze uitbreiding.

Hieronder een overzicht van de meest interessante vragen en antwoorden.

Meer momenten voor de entreetoets?

De leden van PvdA-fractie hechten aan meer dan één moment voor de entreetoets. Mensen kunnen in de genoemde peilmaand net te veel inkomen hebben om in aanmerking te kunnen komen voor de overbruggingsuitkering, maar bijvoorbeeld na een eventuele pensioenkorting een zodanig lager inkomen hebben dat er wel recht kan bestaan op de overbruggingsuitkering.
Het kabinet heeft rekening gehouden met de situatie dat mensen een wisselend of onregelmatig inkomen hebben voorafgaand aan het peilmoment waardoor zij in de peilmaand net teveel inkomen hebben om in aanmerking te komen voor de overbruggingsuitkering. In dat geval kan de rechthebbende om een middeling van het inkomen verzoeken. Het aanwezige inkomen wordt in die situatie in de zes kalendermaanden voorafgaand aan de peilmaand bij elkaar opgeteld en de uitkomst gedeeld door zes. Daarnaast tellen eenmalige inkomsten zoals een dertiende maand of een bonus niet mee voor het bepalen of iemand aan de inkomensgrens voldoet. Wanneer het inkomen wijzigt na het peilmoment wordt daar geen rekening mee gehouden.

Inbreuk op eigendomsrecht?

De SP-fractie stelde een naar ons idee wat wonderlijke vraag. Namelijk of de concept-ministeriële regeling inbreuk maakt op het eigendomsrecht. Het kabinet antwoordt hierop (naar onze mening terecht) dat de overbruggingsuitkering vanwege het begunstigend karakter juist bedoeld is om de in de regeling omschreven personen een uitkering te verstrekken. Het kabinet ziet daarom niet goed in op welke wijze er inbreuk gemaakt zou kunnen worden op eigendomsrechten.

Geen advies Raad van State

Het kabinet vroeg geen advies aan de Raad van State over de concept-overbruggingsregeling.
Het kabinet wijst erop dat het de gangbare en voorgeschreven procedure voor totstandkoming van een ministeriële regeling volgt. Volgens die procedure hoeft over ministeriële regelingen geen advies te worden gevraagd aan de Raad van State. Dit in tegenstelling tot de procedure bij wetsvoorstellen. Het kabinet koos niet voor een wet om zo snel mogelijk een voorziening te kunnen treffen in de vorm van een overbruggingsuitkering.

Toetsing en echtscheiding

Gevraagd werd wat er gebeurt als een (echt)paar gaat scheiden tussen het toetsmoment (zes maanden voor de uitkering) en het moment dat de rechthebbende 65 jaar wordt? Vindt dan toetsing plaats op basis van het individuele inkomen?
Ja. De Sociale Verzekeringsbank toetst de leefvorm bij de entree-inkomenstoets op het moment waarop de rechthebbende de leeftijd van 65 jaar bereikt.

Groen beleggen uitgezonderd van vermogenstoets?

Een vraag was of groene beleggingen uitgezonderd zijn van de vermogenstoets.
Het antwoord hierop is neen. Groene beleggingen die zijn vrijgesteld van box 3 tellen gewoon mee voor de vermogenstoets in de overbruggingsregeling. De regeling zal op dit punt worden verduidelijkt.

Op welke wijze komen verzekeraars gedupeerden tegemoet?

Het Verbond van Verzekeraars heeft verzekeraars op dit punt geadviseerd.  Zij adviseerde verzekeraars in november 2012 om in ieder geval 60- tot 65-jarige nabestaanden met een lopende uitkering expliciet en persoonlijk te informeren over het inkomenshiaat door de AOW-leeftijdsverhoging en welke actie zij hierop zouden kunnen ondernemen.

Voor nieuwe gevallen is het volgens het kabinet van belang dat alle werkgevers door verzekeraars zijn geïnformeerd of dit half jaar worden geïnformeerd over de gevolgen van de wet Verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd voor hun pensioenregeling.

De verhoging van de AOW-leeftijd kan ook gevolgen hebben voor werknemers en zelfstandigen die nu arbeidsongeschikt zijn en die een private arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangen.  Het Verbond van Verzekeraars heeft de verzekeraars  aanbevolen om de groep bestaande verzekerden die (nog) geen uitkering ontvangen en bestaande klanten met een lopende uitkering te informeren over het inkomenshiaat.

Met betrekking tot bestaande gevallen, die op 1 januari 2013 al een private arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvingen, brengt het kabinet deze ook onder de werkingssfeer van de overbruggingsregeling.

Op welke wijze komen pensioenfondsen gedupeerden tegemoet?

Bij het overleg met de Tweede Kamer kwam de wens naar voren dat het ouderdomspensioen naar voren kan worden gehaald naar de AOW-leeftijd als voor iemand de AOW-leeftijd later ingaat dan 65 jaar maar voor 67 jaar. Uit het overleg dat het kabinet daarover met pensioenfondsen voerde, bleek dat vrijwel alle pensioenfondsen voorzien in die mogelijkheid om op verzoek van de deelnemer het ouderdomspensioen naar voren te halen. Uiteraard leidt deze mogelijkheid van vervroeging tot verlaging van de pensioenuitkeringen. De vervroeging gaat dus voor eigen rekening van de deelnemer.

Commentaar

Veel vragen van de Tweede Kamer gingen over de situatie wanneer iemand wel of niet voor de overbruggingsregeling in aanmerking komt. Het kabinet kon hier een eenvoudig antwoord op geven. Door het Sociaal Akkoord is de inkomensgrens een stuk naar boven bijgesteld, waardoor meer mensen in aanmerking komen voor deze regeling. Het totale beroep op de regeling zal echter nog steeds beperkt zijn.

Het Verbond van Verzekeraars maakt zich sterk voor de flex AOW zodat de problemen van de eerste pijler ook direct binnen die pijler kunnen worden opgelost. Nu ligt er een ingewikkelde inkomensafhankelijke “opvangregeling” die qua uitvoering op z’n zachtst gezegd lastig is.

AEGON volgt het advies van het Verbond van verzekeraars met het informeren over de gevolgen van het verschuiven van de AOW-ingangsdatum op. Inmiddels zijn 60 tot 65-jarige nabestaanden geïnformeerd over het inkomenshiaat dat kan ontstaan door de AOW-leeftijdsverhoging. Ook deelnemers waarvan het prepensioen of tijdelijk ouderdomspensioen al is ingegaan en partners, heeft AEGON schriftelijk geïnformeerd over hun pensioenuitkering. Deze stopt namelijk ook voordat de AOW voor hen ingaat. Binnenkort kunnen overige AEGON pensioenklanten  informatie over de gevolgen van de wet tegemoet zien.

 

Auteur: Erik Schouten, adviseur AEGON Adfis
Bron: Brief staatssecretaris Klijnsma van 23 april 2013.