Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

De PPI kan ook salarisdiensttijd–regelingen uitvoeren

7 januari 2014

De premiepensioeninstelling (PPI) mag geen verzekeringstechnisch risico lopen. Evenmin mag een PPI (rendements)garanties afgeven. Volgens de minister van Financiën kan een PPI desondanks wél salarisdiensttijdregelingen (DB-regelingen) uitvoeren.

Minister Dijsselbloem stuurde op 6 januari een brief naar de Tweede Kamer  om de huidige mogelijkheden die de bestaande wetgeving biedt voor de uitvoering van buitenlandse pensioenregelingen door PPI's te verduidelijken.

Introductie van de PPI en de markt voor buitenlandse pensioenregelingen

Op 1 januari 2011 trad de wetgeving van de PPI in werking. De introductie van de PPI had onder andere tot doel om Nederlandse pensioenuitvoerders meer mogelijkheden te geven om op de internationale markt pensioenregelingen aan te bieden. De PPI voldoet aan de vereisten die de Europese IORP-richtlijn stelt.

Mogelijkheden voor uitvoering van verschillende typen regelingen

Volgens de Wet op het financieel toezicht (Wft) kunnen PPI's alleen (premie)regelingen zonder verzekeringstechnisch risico uitvoeren. Het 'verzekeringstechnisch risico' is een dekking tegen biometrische risico's (risico's in verband met overlijden, arbeidsongeschiktheid en/of levensverwachting), een garantie van een beleggingsrendement of een bepaalde hoogte van de uitkering. Een PPI kan daarom geen pensioenregelingen uitvoeren waarbij de PPI dergelijke risico's draagt. Evenmin kan een PPI pensioenregelingen uitvoeren waarbij de PPI zelf rendementsgaranties of uitkeringsgaranties afgeeft. Daarom is in de Pensioenwet opgenomen dat PPI's geen andere Nederlandse pensioenregelingen dan beschikbare premieregelingen (DC-regelingen) kunnen uitvoeren.

Een PPI zou wel pensioenregelingen kunnen uitvoeren die inhouden dat anderen dan de PPI (een van) deze genoemde risico's op zich nemen. De PPI beperkt zich bij de uitvoering van een dergelijke regeling dan tot het collectieve vermogensbeheer. Ook kan een PPI als intermediair behulpzaam zijn bij het betrekken van een dekking tegen biometrische risico's of garanties van derden, zoals een verzekeraar.

Voor wat betreft de uitvoering van buitenlandse pensioenregelingen is de PPI geen andere restrictie opgelegd dan de eis dat de instelling zelf geen verzekeringstechnisch risico kan dragen. Daarom is het in principe mogelijk dat de PPI, anders dan in Nederland, buitenlandse regelingen uitvoert die geen DC-regelingen zijn.

Uitvoeren van buitenlandse regelingen

De grotere flexibiliteit die de PPI biedt bij het uitvoeren van buitenlandse regelingen komt voort uit het feit dat op deze regelingen niet het Nederlandse sociaal- en arbeidsrecht van toepassing is, maar het sociaal- en arbeidsrecht van de Lidstaat van de bijdragende onderneming.  Buitenlandse regelingen die garanties bevatten of risico's afdekken, maar waarvan het toepasselijk sociaal- en arbeidsrecht toestaat dat deze risico's en garanties elders dan bij de pensioenuitvoerder worden ondergebracht, kunnen dus door de PPI worden uitgevoerd. In veel Lidstaten geven de werkgever, een verzekeraar of een andere IORP de garantie op een pensioenregeling. Dit betekent dat de PPI, naast de opbouwfase van DC-regelingen, ook die van buitenlandse DB-regelingen kan uitvoeren als de verzekeringstechnische elementen uit die buitenlandse DB-regelingen niet door de PPI worden gedragen.

Uitkeringsfase

Een PPI kan ook de uitkeringsfase van een buitenlandse regeling verzorgen zolang dit niet impliceert dat de PPI biometrische risico's of beleggingsrisico's overneemt van de deelnemer. Dat is het geval bij uitkeringen die de vorm hebben van een tijdelijke periodieke uitkering of een uitkering 'ineens' ('lump sum'). Voor Nederlandse pensioenaanspraken geldt dat de PPI de waarde van de aanspraken van de deelnemer op de pensioendatum dient over te dragen aan een verzekeraar. De reden hiervoor is dat pensioenuitkeringen in Nederland levenslang dienen te zijn. Dat impliceert dat de uitvoerder van de uitkeringsfase van een pensioenregeling het langlevenrisico van de deelnemer op zich neemt, wat in het geval van de PPI niet mogelijk is.

Evaluatie

De evaluatie van de PPI stuurt de minister in het eerste kwartaal van 2014 aan de Tweede Kamer. Daarin wordt ingegaan op het daadwerkelijk functioneren van de PPI in de Nederlandse pensioensector en de grensoverschrijdende uitvoering van pensioenregelingen.

Commentaar

In zijn brief aan de Tweede Kamer zet de minister van Financiën de internationale mogelijkheden van de PPI nog eens uiteen. Het buitenlandse sociaal- en arbeidsrecht dat het mogelijk maakt dat garanties en risico's niet bij de PPI terecht komen blijkt in de praktijk een struikelblok te zijn. De buitenlandse regeling die de PPI uitvoert moet immers voldoen aan het recht uit die betreffende Lidstaat. En dat maakt de uitvoering van buitenlandse pensioenregeling erg ingewikkeld.

 

Bron: Kamerbrief over grensoverschrijdende dienstverlening PPI's, 6 januari 2014
Erik Schouten, adviseur Aegon Adfis