Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Kosten beleggingsverzekering niet aftrekbaar

13 juni 2013

Voor het verkrijgen van een hypothecaire lening sluit iemand beleggingsverzekeringen die hij verpandt aan de geldverstrekker. 

De casus

X sluit in 2005 een hypothecaire lening voor zijn eigen woning. Voor de aflossing van een deel hiervan sloot hij (met zijn echtgenote) twee beleggingsverzekeringen. Deze verzekeringen zijn verpand aan de geldverstrekker. 
X betaalt voor deze verzekeringen in de jaren 2005 tot en met 2008 een bedrag van € 14.781. Dit bedrag geeft hij in de aangifte inkomstenbelasting 2008 aan als aftrekbare rente en kosten van de eigen woningschuld. Volgens X is in 2008 duidelijk geworden dat een zeer belangrijk deel van de betaalde bedragen niet wordt belegd en daarom als kosten van geldlening moet worden beschouwd. De inspecteur staat aftrek van het bedrag niet toe. X is het daar niet mee eens en gaat in beroep.

Rechtbank en Hof Den Haag

De Rechtbank Den Haag en Hof Den Haag stellen X in het ongelijk. Zij motiveren hun uitspraak als volgt.

Artikel 3.120 van de Wet op de inkomstenbelasting somt limitatief op welke kosten aftrekbare kosten zijn met betrekking tot een eigen woning. Dit zijn ondermeer de renten van schulden en kosten van geldleningen. Bedragen aangewend voor de terugbetaling van de eigen woningschuld zelf, komen niet voor aftrek in aanmerking.

De betaalde bedragen hebben ondermeer betrekking op een premie voor een overlijdensrisicoverzekering. De bedragen zijn niet betaald voor het verkrijgen van de hoofdsom van de geldlening maar voor een uitkering waarmee na overlijden (een deel van) de eigenwoningschuld wordt afgelost. 
Over de stelling van X dat hij deze verzekeringen verplicht moest sluiten om de hypotheek te verkrijgen zei de rechtbank al dat die verplichting niet veroorzaakt dat de kosten daarvan aangemerkt worden als kosten van geldleningen. De betaling van die bedragen is namelijk uiteindelijk bestemd als terugbetaling van de hoofdsom. De bedragen komen niet toe aan de geldverstrekker als vergoeding voor het ter beschikking stellen van die hoofdsom of daarmee gemoeide kosten. In de betaalde bedragen zijn daarom geen (al dan niet verkapte) rente of kosten van geldlening begrepen.

Commentaar

Deze uitspraak is op zich niet bijzonder maar willen we u niet onthouden. Het is weer eens een andere invalshoek van de beleggingsverzekering. De kosten die in aftrek mogen worden gebracht voor de eigen woning zijn limitatief opgesomd in de wet op de inkomstenbelast. Premies voor verzekeringen vallen niet onder die opsomming en zijn dus niet aftrekbaar. Ook niet wanneer men van mening is dat een te gering deel van de betaalde premie is belegd door kosten of doordat een deel van de premie is gebruikt voor een overlijdensrisicoverzekering.

 

Auteur: Vera Hek, adviseur Aegon Adfis

Vindplaats: Gerechtshof Den Haag, nr. 12/00603