Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Pensioenbetaling is onttrekking

7 mei 2013

De uitvoering van een pensioen voor de directeur-grootaandeelhouder (DGA) in eigen beheer is complex. Dit wordt ondermeer veroorzaakt door verschillen in de waardering die de fiscus en boekhoudregels eisen. En dan kunnen er wel eens fouten ontstaan die de BV later wil corrigeren. Het Gerechtshof Leeuwarden deed onlangs een uitspraak waarin zij die correctie aanmerkte als uitdeling aan de DGA.

Wat speelde?

Een DGA was in loondienst van een werk BV. Deze BV had pensioen aan de DGA toegezegd en hield dat in eigen beheer. De pensioenregeling bestond uit een eindloonregeling. De pensioenen waren na ingang geïndexeerd. De Werk BV bracht de pensioenrechten - tegen de fiscale waarde- onder in een Pensioen BV. De DGA was het hiermee eens. De aandelen van de Pensioen BV waren ook in handen van de DGA. In 2006 zetten de partijen de eindloonregeling om in een beschikbare premie. Bij deze omzetting gingen ze uit van de commerciële waarde. Omdat daarbij rekening werd gehouden met een lagere rekenrente en de indexatie werd de Werk BV een aanvullend bedrag verschuldigd aan de Pensioen BV. De Werk BV wilde dit aanvullende bedrag ten laste brengen van de fiscale winst. De inspecteur weigert de aftrek van het aanvullende bedrag. Hij stelt daarbij onder meer dat het aanvullende bedrag een onttrekking is.

Gerechtshof Leeuwarden

De rechter honoreert de stelling van de inspecteur. Volgens de rechter heeft de waardeoverdracht al vóór 2006 plaatsgevonden. De Werk BV heeft dus in 2006 geen juridische verplichting om in dat jaar nog een aanvullende storting te doen aan de Pensioen BV.

Volgens de rechter wordt de DGA door deze aanvullende storting bevoordeeld. Immers de dekkingsgraad van de Pensioen BV neemt door deze aanvullende storting toe. Op grond daarvan beoordeelt de rechter de aanvullende storting als een onttrekking en laat de aftrek hiervan in de Werk BV niet toe.

Commentaar

Een opmerkelijke uitspraak waarin de complexiteit van het DGA-pensioen ruim aan bod komt.
Kennelijk heeft de overdracht van de pensioenverplichting vóór 2006 plaatsgevonden tegen de fiscale waarde. Dit is niet juist. Bij een overdracht moeten de BV's uitgaan van de waarde in het economische verkeer.

In 2006 corrigeren partijen de waardeoverdracht. In dat geval gaan zij wel uit van de waarde in het economische verkeer. Naar onze mening terecht. Vreemd dat de rechter de inspecteur in het gelijk stelt dat hier sprake is van een onttrekking in plaats van een correctie van een eerder gemaakte fout. Wellicht was de conclusie van de rechter anders geweest als de BV's de correctie hadden laten plaatsvinden in het jaar van de overdracht.
Maar de vraag is of de Werk BV hier veel baat bij zou hebben. Een deel van de extra storting had betrekking op stijging van lonen en prijzen in de toekomst. Die moet de Werk BV activeren op haar balans. Pas als de stijging zich daadwerkelijk voordoet kan de Werk BV dit ten laste van de fiscale winst afboeken.

De uitvoering van een DGA-pensioen in eigen beheer is complex. Het Gerechtshof doet daarbij in deze uitspraak nog een duit in het zakje.

 

Auteur: Paul Lavrijssen, adviseur Aegon Adfis
Bron: Gerechtshof Leeuwarden, 23 april 2013, LJN; BZ8583