Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Verdeling levensverzekeringen bij echtscheiding: ingewikkeld

7 augustus 2014

De verdeling van de gemeenschap van goederen levert bij echtscheiding regelmatig problemen op. Een eerlijke verdeling van levensverzekeringen maakt het soms extra lastig. Vooral omdat die verdeling fiscale gevolgen kan hebben. Een goede adviseur is hierbij geen overbodige luxe.

Situatie

X en Y trouwden op 22 mei 1981 in algehele gemeenschap van goederen. Op 29 december 2011 werd hun echtscheiding ingeschreven in het register van de burgerlijke stand. X en Y verdeelden de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap met uitzondering van een aantal verzekeringspolissen. Over de verdeling van die verzekeringspolissen ontstond verschil van mening. Het betrof de volgende verzekeringen:

  1. Een levensverzekering met X als verzekeringnemer. X betaalde vanaf de echtscheidingsdatum de premies volledig (€ 4.283). Deze verzekering keerde op 24 december 2013 uit
  2. Een lijfrentebeleggingsverzekering tegen koopsom. Ook hierop was X verzekeringnemer.
  3. Een lijfrenteverzekering met X als verzekeringnemer. X betaalde vanaf de echtscheidingsdatum tot 1 november 2013 de premies (€ 1.452).
  4. Een levensverzekering met Y als verzekeringnemer. Y betaalde vanaf de echtscheidingsdatum de premies (€ 1.558,30).

 

Y vroeg een verdeling als volgt:

  • Polis 1: ieder de helft van de uitkering min de door X - vanaf de datum van scheiding - betaalde premies;
  • Polis 2: de helft van de waarde die de verzekeraar meldde op 3 augustus 2013: de helft van € 3.885;
  • Polis 3: splitsing van deze polis ter voorkoming van belastingheffing op het moment van verdeling. Door splitsing van deze polis kan Y voor een gunstiger moment van belastingheffing kiezen;
  • Polis 4: ieder de helft van de afkoopsom minus de door Y betaalde premies na echtscheiding.

 

X was het hiermee niet eens. Hij wilde een andere verdeling en waardering.

Rechtbank Limburg

De rechtbank ging niet mee met X.

X wilde dat voor polis 1 de waarde op de scheidingsdatum werd verdeeld omdat na de scheidingsdatum de waarde van de polis is toegenomen. De rechtbank gaat daarin niet mee. De hoofdregel is dat de peildatum voor waardering van een te verdelen goed ligt op het moment van verdeling. Maar omdat X en Y de polissen niet in de verdeling hadden meegenomen, is het verdeelmoment niet 29 december 2011 maar nadat de verzekering tot uitkering is gekomen. Verder geldt dat Y voorstelt om bij de verdeling rekening te houden met de premies die X betaalde na de echtscheidingsdatum.

X ging niet in op de het voorstel van Y met betrekking tot polis 2. De rechtbank volgde daarom het voorstel van Y.

Voor polis 3 stelde X dat hij deze polis had gesloten om hieruit vanaf de pensioenleeftijd een aanvullende uitkering op zijn inkomen te ontvangen. Omdat hij tot kort vóór de pensioeningang alimentatieplichtig is, kan hij geen andere voorziening treffen. En X vindt dat hij als verzekeringnemer meer recht heeft op voortzetting van deze verzekering. De rechtbank gaat ervan uit dat de overbedelingsuitkering bij Y progressief wordt belast als X de polis krijgt toebedeeld en hij een overbedelingsuitkering doet aan Y. De rechtbank stelt ook op dit punt Y in het gelijk. Dat X het plan had voor de aanwending van de uitkeringen uit deze verzekering doen daar niet aan af.

Ook voor polis 4 stelde X zich op het standpunt dat 29 december 2011 als peildatum voor de waardering van de polis moest gelden. Net zomin als bij polis 1 ging de rechtbank daarin voor polis 4 mee. En omdat X zich niet verzette tegen het voorstel van Y om de verzekering af te kopen, volgde de rechtbank het voorstel van Y.

Commentaar

De verdeling van de gemeenschap van goederen na scheiding levert vaak problemen op. Wanneer levensverzekeringen deel uitmaken van die gemeenschap maakt dit de verdeling extra lastig. Deze zijn meestal gesloten in combinatie met een hypothecaire lening voor de eigen woning of als lijfrente met als doel aanvulling op het inkomen in de toekomst. De verdeling van deze verzekeringen heeft vaak fiscale consequenties. Niet iedereen onderkent die consequenties waardoor de verdeling onbedoeld oneerlijk uitpakt voor één van de partijen. Deze casus laat goed zien dat per polis bekeken moet worden op welke wijze de verdeling het beste kan plaatsvinden. Een goede adviseur is hierbij geen overbodige luxe. Y werd in deze casus door een goede adviseur terzijde gestaan.

Wilt u meer weten over de verdeling van pensioen en levensverzekeringen bij echtscheiding? In november 2014 geven wij hierover een workshop. Meer informatie en inschrijven vindt u hier.

 

Auteur: Vera Hek, adviseur Aegon Adfis
Bron: Rechtbank Limburg, 21 mei 2014