Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Wat is het nou: netto lijfrente in de tweede pijler of netto pensioen?

22 mei 2014

Fracties van de PvdA, CDA en VVD in de Tweede Kamer willen opheldering over het verschil tussen de netto lijfrente in de tweede en derde pijler. Zij stelden vragen hierover aan het kabinet.

Netto-pensioen is niet gelijk aan netto-lijfrente?

De VVD-fractie vroeg de regering waarom zij kiest voor het begrip netto-lijfrente. Waarom spreekt zij niet over een netto-pensioen als het gaat om netto pensioend? Wat is het verschil tussen een netto-lijfrente en een netto-lijfrente in de tweede pijler? Is de netto-lijfrente in de tweede pijler fiscaal gezien een pensioen of een lijfrente? En is het ook een arbeidsvoorwaarde? Betekent de voorgestelde wetswijziging ook dat een pensioenfonds een netto-lijfrente kan uitvoeren in de tweede pijler?

De leden van de PvdA-fractie merkten op zeer te hechten aan het juiste gebruik van de termen 'netto-pensioen' en 'netto-lijfrente'. In de tweede pijler gaat het over pensioen als arbeidsvoorwaarde. De leden vroegen of de regering alsnog bereid is om in de tweede pijler te spreken over pensioen. Zo nee, dan overwegen de leden van de PvdA-fractie met een eigen wijzigingsvoorstel komen. Ook vroeg de PvdA-fractie wanneer de Kamer de aangekondigde algemene maatregel van bestuur (AMvB) kan verwachten.

De leden van de CDA-fractie waren verbaasd dat het begrip netto-lijfrente niet is veranderd in netto-pensioen. Is de regering alsnog bereid dit begrip te veranderen? Over de gevolgen van die woordkeuze hebben deze leden namelijk wat vragen. Zo vraagt het CDA zich af of, indien sprake is van een in de terminologie van de regering "netto-lijfrente in de tweede pijler", sprake is van een onderdeel van de arbeidsovereenkomst. En of de juridische basis een pensioenovereenkomst of een verzekeringsovereenkomst is die niets te maken heeft met de arbeidsvoorwaarden. Verder vraagt het CDA of de uitkering van een dergelijke "lijfrente" in eenheden kan luiden, voorzien kan in een uitkering ten gevolge van het overlijden van de partner van de verzekerd, kan voorzien in een uitkering ten gevolge van overlijden van de verzekerde aan een ander dan diens partner en/of kinderen jonger dan 30, een andere verzekeringnemer kan hebben dan de werkgever, kan worden uitgevoerd door een bank of beleggingsinstelling, kan voorzien in een tijdelijke uitkering en kan voorzien in een variabele uitkering binnen de bandbreedte 100:75.
Die vragen moeten beantwoord worden voor de keuze die de regering uiteindelijk maakt. De CDA-fractie vindt het een behoorlijk ingrijpende nota van wijziging en verzoekt de regering de Raad van State alsnog om een advies te vragen, conform de aanwijzingen voor de regelgeving.

Commentaar

Het begrip netto-lijfrente voor de tweede pijler houdt de gemoederen bezig. De PvdA- VVD- en CDA-fractie vragen Staatssecretaris Wiebes om opheldering hierover. De hoeveelheid vragen die zij indienden laat wel zien dat zij een juiste terminologie en regeling wel belangrijk vinden. Wiebes doet de discussie over netto lijfrente of netto pensioen in de tweede pijler af als "een puur semantische kwestie". Gelukkig pakt de Tweede Kamer het op in de behandeling van de Verzamelwet Pensioenen 2014, waarin het wettelijke haakje is toegevoegd om het bij AMvB te regelen.

 

Auteur: Vera Hek, adviseur Aegon Adfis
Bron: Nader verslag verzamelwet Pensioenen 2014, vastgesteld 20 mei 2014.