Skip to main content

Welkom username.

Uw vorige bezoek was op 00-00-0000 om 00:00 uur

Search form

Wetsvoorstel woningmarkt: beperking renteaftrek

25 september 2013

Op Prinsjesdag stuurde minister Blok van Wonen en Rijksdienst het al eerder aangekondigde wetsvoorstel Wet maatregelen woningmarkt 2014 naar de Tweede Kamer. Dit wetsvoorstel omvat de verhuurderheffing over 2014 en volgende jaren, de verlaging van het belastingtarief  van 52% naar 38% voor hypotheekrenteaftrek, de verlenging van de derde belasting schijf en verlaging van het tarief in de tweede en derde schijf van de loon- en inkomstenbelasting. 

Inleiding

Minister Blok wil de vastgelopen woningmarkt weer in beweging krijgen, zowel in de koop- als de huursector.Een samenhangend pakket aan hervormingen en maatregelen moet perspectief bieden op een beter werkende, toekomstbestendige en flexibele woningmarkt. Het kabinet zet daarbij in op een goed werkende hypotheekmarkt met voor consumenten beheersbare schulden, meer doorstroming op de huurmarkt en een heldere taakafbakening voor woningcorporaties. Daardoor wordt het voor private partijen aantrekkelijker om in het middensegment van de woningmarkt investeren. De bouw krijgt een impuls door extra geld voor investeringen in energiebesparing. Het totale pakket ziet er als volgt uit:

 

  1. Verhuurderheffing voor 2014 en daarna;
  2. Maatregelen koopwoningen uit regeerakkoord
  3. Codificatie van diverse in 2013 verschenen besluiten.

 
Verhuurdersheffing voor 2014 en daarna

De Wet verhuurderheffing introduceerde in 2013 een heffing voor verhuurders over de waarde van hun voor verhuur bestemde woningen. Deze verhuurderheffing geldt slechts voor het jaar 2013. Afgesproken was dat  een nieuw wetsvoorstel zou worden ingediend voor de verhuurderheffing voor de jaren 2014 en daarna. Het wetsvoorstel Wet maatregelen woningmarkt 2014 voorziet daarin. De vormgeving, achtergrond, reikwijdte en grondslag van dit wetsvoorstel bouwen voort op de voor het jaar 2013 geldende Wet verhuurderheffing.

De beoogde opbrengst van de verhuurderheffing is € 1,1 miljard in 2014 en loopt geleidelijk op tot € 1,7 miljard in 2017. De gemiddelde heffing per woning bedraagt naar verwachting in 2014 ongeveer € 541 en in 2017 ongeveer € 775. De verhuurderheffing is primair bedoeld voor de meer professionele verhuurders (woningcorporaties). Er komt een tijdelijke heffingsvermindering op de verhuurderheffing ten behoeve van maatschappelijk gewenste investeringen (investeringen in Rotterdam-Zuid, krimpgebieden en de transformatie van kantoren in woningen).

Voor huurhuizen komt er meer ruimte om huren extra te verhogen voor mensen met hogere inkomens, zodat er meer doorstroming komt. Dit betekent dat ook in 2014 de huren boven het inflatiepercentage mogen stijgen. Het kabinet neemt deze maatregelen om het 'scheefwonen' tegen te gaan en de huren meer in overeenstemming te brengen met de woonkwaliteit. De bedragen luiden als volgt:

 

  • Inkomen tot en met € 33.614: 1,5% boven de inflatie (ongewijzigd);
  •  Inkomen meer dan € 33.614 tot € 43.000: 2,0% boven de inflatie;
  •  Inkomen meer dan € 43.000: 4,0% boven de inflatie.

 
Maatregelen voor koopwoningen

Op 1 januari 2013 trad de Wet herziening fiscale behandeling eigen woning in werking. Hoofdbestanddelen van die wet zijn de introductie van de aflossingseis, de afschaffing van het KEW-regime en de introductie van een tijdelijke aftrek van rente op restschulden. Na de inwerkingtreding kwam aan het licht dat de introductie van de aflossingseis tot een aantal onbedoelde gevolgen, onduidelijkheden en omissies heeft geleid. Deze gevolgen zette de minister recht door goedkeurende beleidsbesluiten. Deze beleidsbesluiten worden met dit wetsvoorstel wet.

Een andere maatregel is de beperking van de renteaftrek voor alle bestaande hypotheken. Dit is aangekondigd in het regeerakkoord. Vanaf 2014 wordt in jaarlijkse stappen van 0,5%-punt de aftrek van de hypotheekrenteaftrek in de vierde belastingschijf van de inkomstenbelasting (52%) beperkt tot uiteindelijk een aftrek plaatsvindt tegen een tarief van 38% vanaf 2041. Deze beperking van de hypotheekrenteaftrek wordt op twee manieren gecompenseerd:
 1.door verlenging van de derde schijf, dit gaat in op 1 januari 2014;
 2.via een verlaging van het (gecombineerde) tarief in de tweede en derde schijf van de loon- en inkomstenbelasting. Het tarief gaat vanaf 1 januari 2014 stapsgewijs van 42 naar 38%.

Conclusie

De aftrek van hypotheekrente gaat met ingang van volgend jaar omlaag. Gegeven de huidige tariefstructuur in de inkomstenbelasting krijgen de eerste 20 jaar alleen belastingplichtigen die de hypotheekrente aftrekken tegen het toptarief te maken met deze maatregel. Het toptarief van 52% betalen belastingplichtigen met een inkomen hoger dan € 56.804 (2014). Volgens het wetsvoorstel wordt de aftrekbeperking gecompenseerd. Dat is een mooi voornemen. Wij vragen ons echter of dit ook werkelijk plaats zal vinden. De overheid verandert haar plannen nog wel eens.

Auteur:  Erik Schouten, adviseur Aegon Adfis
Bron: Wetsvoorstel Wet maatregelen woningmarkt 2014